Er is nog zo veel dat ongezegd is. (Rutger Kopland)

Dupslog

Archief

Nationale Gedichtendag 2008

31 januari 2008

Het geeft niet of de ouderdom komt, wat is ouderdom?
Je hebt je schouders onder de wereld gezet
en die weegt niet meer dan een kinderhand.
Oorlogen, honger, vergaderingen in gebouwen
bewijzen enkel dat het leven doorgaat
en dat nog lang niet iedereen zich heeft bevrijd.
Sommigen vinden de aanblik barbaars
En zouden (gevoelige zielen) liever sterven.
De tijd is gekomen dat sterven niet helpt.
De tijd is gekomen dat leven verplicht is.
Leven zonder meer, zonder mystificatie.

Carlos Drummond de Andrade (1902 '“ 1987)
Geciteerd in Cees Nooteboom, 'Tumbas', graven van dichters en denkers.
Uitg. Atlas.

Archief

Zhang Yang, Shower: hoge nood aan manueel strijk- en knijpwerk in moderne samenlevingen.

19 januari 2008

In Rotterdam wordt door het Fonds Achterstandswijken Rotterdam – FAW – nascholing voor huisartsen aangeboden met een film die tot nadenken kan stemmen over de relatie arts – patiënt in wijken waar vaak meer dan de helft van de bewoners van allochtone herkomst zijn.

Wegens de van oudsher vrij grote Chinese populatie in Rotterdam werd de film van Zhang Yang ( 1965) Shower uit 1999 gepresenteerd, die bij Film International in 2000 de publieksprijs kreeg toebedeeld.
De grote toevloed van Chinezen in Rotterdam viel samen met de economische crisis waar de stakingen in het begin van de XX ste eeuw van zeelieden en havenarbeiders gebroken werd door het aanwerven van Chinese zeelui, die nadien gedumpt werden op Katendrecht en in vreselijke armoede probeerden te overleven door pinda's te verkopen
Gabriel van den Brink onderzocht voor zijn studie 'Culturele contrasten – Het verhaal van de migranten in Rotterdam' ook deze bevolkingsgroep naar herkomst en samenstelling, waarbij telkens de geslotenheid opviel, waardoor ook de integratie in het Rotterdamse stedelijke weefsel bijzonder pover scoorde.
Zhang Yang heeft met ‘Shower’ veel prijzen weggekaapt op alle mogelijke internationale festivals: “Het badhuis is een microkosmos waarbinnen je perfect het menselijk gedrag kunt observeren.” Het originele badhuis heeft echt bestaan in de wijk van Beijing waar Zhang Yang zelf opgroeide.
De film opent met ‘harmonische’ toekomstbeelden van Beijing aan de vooravond van het nieuwe millennium (dat van China!). In een drukke winkel- en kantorenstraat nadert de cineast zelf een ultramoderne doucheblok, waar hij zich na digitale identificatie in een cabine uitkleedt voor een douchebeurt met alles erop en eraan: mechanisch, automatisch, zonder één enkele menselijke interventie. Met dit ideale toekomstbeeld voor de nieuwe mens in het land van het Harmonische Socialisme maken menselijke relatie plaats voor efficiënte maakbaarheidsidealen die hand is hand gaan met modern geldgewin.
In het ware leven heeft een Chinese zakenman Zhang Yang benaderd om dit revolutionaire doucheconcept te commercialiseren: “Die douche staat symbool voor de klinische maatschappij waarin China dreigt te veranderen. Met het verdwijnen van de traditionele badhuizen gaan ook de sociale structuren teloor van de wijken waarin ze een spilfunctie vervulden. In Shower zie je oude mannen in het badhuis met elkaar keuvelen, ze spelen krekelgevechten, masseren elkaar, maken ruzie en sluiten weer vriendschap. Het is een soort microkosmos waarbinnen je het menselijk gedrag perfect kunt observeren. Iedereen is er gelijk, ontdaan van kleding en sociale status. De ideale plek om een ode aan het samenzijn te brengen.”
Openbare badhuizen en publieke wasplaatsen waren eeuwenlang ontmoetingsplaatsen waar gemeenschappen aan elkaar werden gesmeed.
Met de automatische wasmachine en de private badkamer van Expo 58 plooide de moderne mens op zichzelf terug om met zijn eigen televisie nog een klein raampje op de verre wereld te houden: alleen en vaak angstig, hoogstens vergezeld van het de leden van het kleine kerngezin.
De kracht van een samenleving, van een veilige gemeenschap werd gebroken.

Zhang Yang werd door de Chinese filmcensoren verplicht een scène te schrappen waar projectontwikkelaars het badhuis komen opmeten omdat de hele wijk plaats moet maken voor een nieuw winkelcentrum met torenhoge flatgebouwen: “In de scène erna stierf de oude Badmeester Liu. De filmcensoren waren bang dat het publiek een negatief verband zou leggen tussen die twee gebeurtenissen. Meester Liu die zelfmoord pleegt omdat hem zijn badhuis wordt afgepakt. Zo luidde ongeveer hun argument. Ontmoedigend? Zeker, maar ik blijf er niet te lang bij stilstaan. Ik wil zoveel mogelijk films maken, zodat ik steeds weer op zoek kan gaan naar de grenzen van wat wel en niet kan. De Chinese film heeft, om te kunnen groeien, publiek nodig. Bovendien weten we allemaal dat protesteren tegen de censuur geen zin heeft. Daarom probeer ik me zo goed mogelijk in de censoren te verplaatsen. En er steeds wat meer speelruimte bij te smokkelen.”
'Shower ' is een tedere film over menselijke relaties tegen de achtergrond van de dreigende individualisering en commercialisering van mensenlevens in de Chinese grootstedelijke cultuur.
De eenzaamheid van ouders en kinderen van de gedwongen éénkindgeneratie is bijtend, uitzichtloos en blijvend. Guanxi – het zakelijke relationele netwerk – noch frequent digitaal contact strijkt hieraan helende zalf. Wellicht zal de aloude Chinese massagecultuur een uitweg kunnen bieden voor wie met gesloten ogen zijn of haar huid, buik-, borst- en billenvet, spiermassa en pijnlijke zones laat strelen en strijken, kneden en knijpen als een vorm van 'auto'- mutilatie door genadige mensenhanden en krachtige vingers van de eigen of de andere kunne. Duizend keer beter en helender dan de mechanische illusie van een moderne machinale beurt.
Er is nog veel strijkwerk aan de winkel in het Harmonieuze China.
Er is nog meer knijpwerk van doen om de gaten te dichten in het Westeuropese grootstedelijke weefsel en het leven van zijn bewoners.

Archief

Geert Mareels, Plan B, een politieke satire gebaseerd op nog niet echt gebeurde feiten. uitg.Manteau

10 januari 2008

Geert Mareels, Plan B, een politieke satire gebaseerd op nog niet echt gebeurde feiten. uitg.Manteau

Geert Mareels was adjunct kabinetschef van Norbert De Batselier, kabinetschef van de vice-ministers- presidenten Luc Van den Bossche, Steve Stevaert en Renaat Landuyt.
Geert Mareels was niet op zijn kop gevallen en hij heeft meer dan 15 jaar lang zijn ogen en oren de kost gegeven op de socialistische kabinetten in de opeenvolgende Vlaamse regeringen.
Geert Mareels was niet dom, eerder zeer verstandig, geslepen en goedlachs, anders had hij zo'n carrière nooit overleefd, laat staan dat hij finaal toch nog een beetje goed terecht gekomen is als E-government manager bij Corve '“ de coà¶rdinatiecel Vlaams E-government, van de ijzermolen tot ijzervijlsel.

Geert Mareels heeft het verstand en de moed gehad om zijn ervaringen te archiveren en te bewerken in een politieke satire die misschien gebaseerd is op nog niet echt gebeurde feiten, maar die toch bijzonder nauw langsheen het barre leven achter de coulissen van de ondraaglijke lichtheid van het politieke bestaan scheert.

Ik kan mij niet ontdoen van het gevoel dat ieder voorstel, iedere bedenking, ieder manoeuvre, iedere strategie die in ' Plan B ' wordt vermeld, ooit ergens door een bekend politicus '“ niet alleen van socialistische huize – werd geopperd, overwogen, geproefd en voorlopig nog te moeilijk bevonden.

Met de ontwikkelingen in zijn 'Plan B' krijgt Geert Mareels de lachers makkelijk op zijn hand, zeker zij die via het ambtenarenapparaat, dan wel de partijhofhoudingen ooit mochten snuiven van de politieke kookkunsten in de verboden keuken van de macht of wat er in Vlaanderen voor wil doorgaan. Om van de smeuà¯ge roddels en nog schonere ware feiten nog maar te zwijgen.
Maar het lachen vergaat de lezer, wanneer de satire al te herkenbaar wordt, zeker vandaag met een noodregering.

Geert Mareels mag dan bij het schrijven van 'Plan B' wel niet op zijn hoofd gevallen zijn, de partij '“ indeling van zijn boek is dat zeker wel. Van de sociaaldemocratische eminenties rest vandaag enkel nog een nare nasmaak. De echte spelers uit die hoek hebben zich vandaag veilig teruggetrokken op lucratieve posten in de periferie van het oosten tot het westen, van het noorden tot het zuiden, van zenit tot nadir.
Hij situeert het hele verhaal van een machtsgreep door technocraten achter een populistische BV uit een soap zoals 'Thuis tussen Paleis en Park' of 'Het leven zoals het is in en om de Wetstraat' binnen de sociaaldemocratische entourage. Zijn spiegeltechniek tussen de politieke realiteit en de tv-soap is een mooie en intelligente vondst. Het theater van de macht eist goeie lange-adem-acteurs en waar vind je die beter dan in succesvolle tv-series. Het loopt uiteraard mis wanneer de acteurs vergeten dat het maar een spel is en zij de spelers. Wanneer een politicus of een acteur zijn of haar rol te zeer als echt beleeft, ook thuis en in bed, voltrekt zich een ramp aan de democratie.

Het is evident dat de scenario's die Geert Mareels schetst veeleer geproefd en beproefd werden en worden in de blauwe familie, wegens de christendemocraten in die periode nog op apegapen.
Vandaag zijn de 'nog niet gebeurde feiten' van Mareels' 'Plan B' al een ferm stuk dichter bij de realiteit, zeker binnen het cd&v-NVA kartel in het nieuwe regeringsamalgaam.

Hij moet nog laden vol achter de hand hebben, om een 'Plan C' te schrijven.
Maar ik vrees dat met 'Plan B' het onderste uit de kast werd gehaald.
Geert Mareels kan niet tippen aan Hanne-Vibeke Holst die met 'Kroonprinses' en 'Koningsmoord' twee universele kanjers schreef over de machtstrijd binnen de sociaal democratie in Denemarken, en de positie van vrouwen binnen de machtstrijd.
Zijn boek is een verdienstelijk 'Plan B', maar dat is de Vlaamse sociaal democratie natuurlijk ook, om van de Vlaamse politiek nog maar te zwijgen.

Politics is not a bad profession, If you succeed there are many rewards, if you disgrace yourself you can always write a book.(Ronald Reagan) – geciteerd in ‘Plan B’

19. De groene voorzitster opperde dat als ze extreem rechts nog één legislatuur in oppositie konden duwen, de afkalving wel vanzelf zou beginnen. ” Hun kiezers willen immers toch vroeg of laat resultaten zien.”
“Citeer er mij niet op”, repliceerde de socialistische voorzitter, ” maar mij lijkt het redelijk ijdele hoop. De Belgische werknemer partij heeft 24 jaar moeten wachten op zijn eerste schepenambt en nog eens 10 jaar op de eerste ministerpost. En daar was eerst een wereldoorlog voor nodig. De gevestigde bourgeois partijen van toen bekeken de socialisten niet zoveel anders als wij de Blokkers vandaag. En toch hebben de socialisten dat uit idealisme 35 jaar lang volgehouden. Het is pas na de eerste keer van de macht geproefd te hebben dat een partij geen 10 jaar oppositie meer overleeft.”

46. De dag dat de bevolking iemand verkiest als vertegenwoordiger van de maatschappij, stelt men hem vrij van de menselijke verplichting om nog deel uit te maken van die samenleving. Een soort burgerlijke dood. Gelukkig voor de stakkers beseffen ze dat niet.

290. (Uit de toespraak van de nieuwe zelfbenoemde minister-president)
De democratie is verloren gegaan toen regeringen volmachten vroegen, niet omdat het parlement hun drastische ingrepen niet zouden stemmen, maar omdat die regering vooraf niet wist wat ze precies wou doen.
De democratie ging verloren toen partijen hun ideologische overtuiging inruilden voor marketingtechnieken.
De democratie ging verloren zodra partij voorzitters bepaalden wie er verkozen mocht worden en iedereen eruit gooiden hier niet met hen eens was.
Ze ging verloren toen een paar parlementszetel van vader op zoon, van vader op dochter, van moeder op dochter werd doorgegeven. Alsof politiek talent en ideologische overtuiging erfelijk zijn.
Onze democratie ging verloren toen het bestuur van het land een mediashow werd om u zoet te houden. Brood en spelen voor het volk. En met de clowns centraal in de ring. U weet dat ik een acteur ben. Maar onderschat niet in welke mate uw politici komedianten zijn.
Maar de democratie ging vooral verloren toen ze het volk verloren had. Toen de democratische instellingen uw belangstelling, steun en engagement verloren hebben.
Vandaag zetten we de eerste stap om u de macht terug te geven. De democratie, de regering van, voor en door het volk. Maar eerst moeten we de stal uitmesten. Ik beloof u nieuwe verkiezingen voor een nieuw sterk parlement en een nieuwe sterke regering zodra de tijd daar rijp voor is. Op korte termijn zal ik ons land moeten besturen zonder volksvertegenwoordiging. Ik zal hierbij uitsluitend de belangen van het volk en onze samenleving voor ogen hebben. Dat zweer ik u plechtig.
Tijdens de voorbereiding van deze machtsovername heb ik een volledig plan opgesteld met een precies programma van de maatregelen die we zullen nemen. U kunt dit plan vanavond al lezen in de speciale edities van de kranten die momenteel overal verspreid worden. Uiteraard vindt u het ook op teletekst en Internet. Hiermee willen we zeer open zijn over onze intenties. Geen lijst van losse beloftes, leuke dingen voor de mensen of sublieme stunts. Niet iedereen zal er zijn eigen verlanglijstje terugvinden. Omdat we zullen doen wat gedaan moet worden en niet wat de ene of de andere lobbyist graag zal hebben. Geen zoutloze compromissen die door de mallemolen van het parlement aanvaard moet worden. Wij stellen u concrete, betaalbare, effectieve maatregelen voor. We willen het best mogelijke onderwijs, een sterke economie, een radicaal milieubeleid, een resultaatgericht zorg voor de zwakkeren. Ik heb de beste experts geconsulteerd om op alle beleidsdomeinen het best mogelijke beleid uitstippelen. Het zijn die deskundigen die mijn regering zullen vormen. Maar ze zullen onder mijn leiding werken. Ik ben dan ook de enige die aan u verantwoording kan en zal afleggen.
Ik besef dat het voor velen onder u vandaag een zware en emotionele dag geweest is. Maar het is een dag die een lange periode van onrust en onzekerheid afsluit. Deze dag vormt de breuk tussen het oude regime dat met zichzelf bezig was en mijn regering die voor u zal werken. Vanaf morgen gaan we allen opnieuw aan de slag om ons Vlaanderen weer de plaats te geven in de wereld die het verdient. Ik wens u een goedenacht.

314. Eigenlijk hebben we met het managementteam al een eerste stap gezet om de Singaporese vormen over te nemen. Wat we nu moeten doen is ons middenkader even professioneel uitbreiden met mensen die uitsluitend aangeworven worden op basis van hun capaciteiten. In plaats van verkiezingen organiseren we tweejaarlijkse evaluaties. Wie niet voldoende presteert, ligt er onverbiddelijk uit. Als er al eens iemand door politiek dienstbetoon topmanager wordt, houdt die het dan toch niet langer dan twee jaar uit.

315. We hadden een ideaal nodig om aan de macht gekomen, maar als je daar wil blijven, zul je het met iets minder idealen moeten doen.

Democratie is niet alleen een regering van het volk, het is vooral een regering voor het volk. En als wij hier iets goeds doen voor ons volk, dan zijn we meer dan democratisch genoeg.

343. Elk politiek feit begint als een gerucht. Elk gerucht wordt vroeg of laat een politiek feit. Een woordje hier, een toespeling daar, meestal nog toe te schrijven aan een ontevreden klant.

349. In politiek sterven de idealen snel, of de idealisten.

Archief

Malcolm Kendrick, De cholesterolhype: De cholesteroloorlog en de strategie van de angst.

6 januari 2008

Malcolm Kendrick, De cholesterolhype. Cholesterol en de strategie van de angst.

'Als je te veel voedingsmiddelen met cholesterol en/of verzadigd vet eet, zal het cholesterolgehalte in je bloed stijgen. Het teveel aan cholesterol slaat neer in de vaatwanden, waardoor de slagaderen dikker en nauwer worden. Op termijn blokkeert dit de bloedvoorziening van het hart (of van andere organen), met als resultaat een hartinfarct of
beroerte. Levenslang cholesterolverlagende pillen( statines) kunnen je hiervoor behoeden ,'aldus de gangbare cholesterolhypothese die door de Britse huisarts en onderzoeker Malcolm Kendrick in 'De Cholesterolhype' met humor en gezond verstand vakkundig onderuit gehaald wordt.
Verplichte lectuur voor alle artsen en hun patiënten, voor epidemiologen en gezondheidswetenschappers.
Lezen van Malcolm Kendrick lacht jezelf en de ziekteverzekering gezond.

België telde in 2006 928.000 statinegebruikers die met 200 miljoen euro 8% van het geneesmiddelenbudget wegkapen. Een kleine helft hiervan zou wegens eerdere hart- en vaatziekten baat kunnen hebben bij deze medicijnen. Voor de overigen '“ vrouwen en mannen ouder dan 70 jaar – werd tot op heden geen enkel gunstig levensverlengend effect aangetoond.

Naar aanleiding van de Nederlandse vertaling van het boek van Malcolm Kendrick presenteert redacteur Marcel Crock in het tijdschrift 'natuurwetenschap&techniek' van februari 2008 een stand van zaken in Nederland en België. Hoogtepunt van de discussie rond de cholesterolhype is ongetwijfeld de uitspraak over het effect van de cholesterolverlagende medicijnen door internist Smulders van de VU Amsterdam:'Afwezigheid van bewijs is niet hetzelfde als bewijs van afwezigheid'.

Mijn argwaan in de jaren '90 van de vorige eeuw tegen de onstuitbare cholesterolhype werd nieuw leven ingeblazen met Walter Van den Broeck die in zijn 'Verdwaalde post' (1998) een randbemerking plaatste over reclame voor plantaardige vetten. ( p. 293 e.v.)
Ik was na 20 jaar in de medische sector als student en huisarts al enige tijd klaar met de verhaaltjes over diëten en preventie door dure medicijnen voor ziektebeelden die vooral lang dienden uit te blijven. Een half leven diende gedrild en geofferd om het verre doel van langer leven mogelijkerwijs ooit te kunnen bereiken.
De strategie van de angst als essentieel kenmerk van de farmaceutisch ondersteunde geneeskunst was me stilaan helder na diverse hypes van medicijnen die nadien van de markt verdwenen wegens ernstige nevenwerkingen.
Vaak vraagt het jaren ervaring en voldoende afstand om die strategie van de angst te durven erkennen. Zeker op het domein van ziekte en gezondheid is een kritische houding tegenover de paradigmata van de medisch-farmaceutische sector wezenlijk.
Het eist een grondige bezinning over Jules Romains' toneelstuk uit 1923: 'Knock ou le triomphe de la médecine', waarin de jonge energieke en hoogopgeleide Dr. Knock een hele dorpsgemeenschap preventief ziek maakt aan de angsten die hen tot dan bespaard waren gebleven door de oude huisarts die de zieken behandelde en de gezonden met rust liet.
Walter Van den Broeck had tijdens onderzoek voor zijn roman 'Verdwaalde Post' een boeiende breuk ontdekt in de reclame voor plantaardige vetten in de naoorlogse vrouwenbladen. Na een tijd van gedwongen soberheid werden deze aangeprezen als vernieuwend, proper, efficiënt en vooral goedkoop. Nauwelijks iemand wou nog weten van die ersatz troep. Hoe krijg je dan zo'n enorme ongewenste olie-overschotten ( bio-energetische calorieën ) gesleten? Plantages produceren immers jarenlang hun plantaardige vetten.
En ziet, plots veranderde het verkoopsargument begin jaren '60 van 'proper' naar 'gezond' voor het hart, de bloedvaten en de lever, de botten, de huid en de haren.
En het grote publiek mocht de 'Lever'- plantageproductie nuttigen in de jacht op een lang en gezond leven. Vandaag hengelen zelfs ziekenfondsen naar nieuwe leden door plantaardige vetten te vergoeden omdat ze de bloedcholesterolspiegel gunstig zouden beà¯nvloeden.

In 1976 reeds wees Ivan Illich op dit fenomeen in zijn Medical Nemesis – Grenzen aan de geneeskunde: het medisch bedrijf – een bedreiging voor de gezondheid?:
Naast een verbetering van leefomstandigheden krijg je b ij een technische evolutie ook een grotere afhankelijkheid van specialisten die dure kunsten bedrijven. Zo moet ook de gezondheidsindustrie zijn klanten verdienen door hen vooral van de onmisbaarheid van hun producten te overtuigen.
Dit fenomeen is niet nieuw. Wanneer cacao, koffie en tabak in Europa werden geà¯ntroduceerd als genotsmiddel voor de superrijken, brak hun commerciële succes pas echt door wanneer ze een gezondheidsverbeterend aureool kregen aangemeten en de prijzen werden gedemocratiseerd.
Een van de grootste hypes van de laatste halve eeuw is ongetwijfeld het vermeende verband tussen de cholesterolwaarde in het bloed en de kans op een hartziekte. De verkoop van vetverlagende medicijnen '“ statines, initieel nog duurder dan goud (!), niet of weinig terugbetaald en dus voorbehouden aan rijk en beroemd – kende met dezelfde strategie een ongelooflijk succes.
Sociaal geà¯nspireerde acties eisten een passende prijsverlaging voor deze dure pillen zodat eenieder er voldoende van slikken kan omwille van het democratisch recht op cholesterolverlagers!
Populaire cholesteroloorlogen 'democratiseren' de toegang tot dit soort specialiteiten wat uiteindelijk de commerciële waarde ervan door stijgende omzetvolumes opdrijft.

Gezondheid op de vrije markt maakt van de geneeskunst dan ook een kostelijke illusie.
Dr. John Reckless, voorzitter van Heart UK en endocrinoloog aan Bath University, maakte tijdens een interview met de BBC over de vrije verkoop van statines in Engeland op 1 augustus 2004 duidelijk waar het om gaat. 'Het belangrijkste is dat we duidelijk naar buiten brengen dat we momenteel onderbehandelen en dat veel meer mensen zouden kunnen profiteren. De gehele bevolking zou zijn voeding en leefstijl moeten aanpassen en gewicht moeten verliezen. Maar het is ook zo dat veel meer mensen statines nodig hebben. Lang niet iedereen die statines nodig heeft, krijgt ze ook. Alle mensen zouden hun statine moeten kunnen krijgen. Indien niet in hun drinkwater, dan wel bij hun drinkwater.' http://news.bbc.co.uk/2/hi/health/3931157.stm (Malcolm Kendrick, De Cholesterolhype p. 55)
Met steengoeie en brede marketingtechnieken werd jarenlang een virtuele angstdroom in mensenhoofden geplant om ze voor te bereiden op de tirannie van het gezonde leven.
In 1995 publiceerde The Lancet een enorme studie, waarin 450.000 mensen zestien jaar lang werden gevolgd. Er deden zich 13.000 beroertes voor. De studie representeerde 7,3 miljoen persoonjaren aan observatie. De conclusie: 'Er was geen correlatie tussen bloed-cholesterol en beroerte.' Meer recentelijk werd in een pan-Europees onderzoek, Eurostroke, gepubliceerd in 2002, dezelfde vraag opgeworpen. Het resultaat: 'Deze analyse van het Eurostroke-project vond geen associatie tussen het totaal cholesterol en dodelijke en niet-dodelijke hersenbloedingen en ischemische beroertes. (p.99)
Een hele generatie is opgevoed met de waarschuwing: een te hoog cholesterolgehalte veroorzaakt hart- en vaatziekten. Wat blijkt nu? Het was een verkooppraatje. Statine, het medicijn dat het cholesterolgehalte in het bloed verlaagt, is het meest winstgevende product uit de geschiedenis van de geneeskunde. Jaarlijks verdient de farmaceutische industrie er miljarden aan.
Met wetenschappelijke precisie en een gezonde dosis humor verwijst de Britse huisarts en onderzoeker Malcolm Kendrick in 'De cholesterolhype' de publicaties die deze cholesterolhype ondersteunen naar de prullenbak: 'Cholesterol is niet verantwoordelijk voor hartfalen, vet eten veroorzaakt geen hogere cholesterolspiegel en is ook niet slecht voor je hart (tenzij je zo ontzettend dik wordt dat je hart het niet meer aankan) en het idee dat er zoiets als 'goede' en 'slechte' cholesterol bestaat, is een verzinsel. '
Dr. Kendrick heeft de skeptische moed gehad om te argumenteren waarom er geen verband is tussen de hoeveelheid cholesterol in je bloed en de kans op een hartinfarct.
Als er al een verband is, dan eerder een omgekeerd verband: Australische aboriginals hebben de laagste cholesterolwaarden en het hoogste aantal hartinfarcten. Zwitsers hebben gemiddeld de hoogste cholesterolwaarde en het laagst aantal hartinfarcten.
Meer nog: grondig epidemiologisch onderzoek heeft aangetoond dat er een andere factor essentieel is voor het risico op hartinfarcten, nlk. langdurige stress door uitzichtloze leefsituaties.
Zo bleek het hoge risico op hartlijden in het naoorlogse Finland niet het gevolg van een hoge cholesterol maar wel van de etnische zuivering door de Sovjetunie in Karelië die 400.000 Finnen over de grens had gedreven.
Zo hebben in de USA hechte gemeenschappen met sterke social binding & bridging een erg laag risico op hartlijden. Een mogelijk gunstig effect van cholesterolverlagers wordt enkel gezien bij mannen die reeds hart- en vaatziekten hadden, mogelijk door een bloedverdunnend effect. Zoals bij aspirine, maar dan veel duurder.
In de jaren '80 ontstond er in de medische wereld volgens de Engelse arts Michael Fitzpatrick in zijn schitterende analyse: 'œThe Tyranny of Health, doctors and the regulation of lifestyle' een shift van de traditionele behandeling van ziekte naar 'new welness interventions', gekoppeld aan het 'check up' verhaal, de gezondheidsrisico's, screeningtests en preventie adviezen op het vlak van de lifestyle, met als resultaat het promoten van forse restricties op het vlak van de individuele vrijheden.
Mensen beleden niet langer hun zonden in de biechtstoel waar hen de absolutie gegeven werd mits enige boetedoening. Vandaag leggen zij bij de huisarts, de cardioloog of de zelfhulpgroep getuigenis af van hun inbreuken op de codes voor een gezonde levensstijl en vragen ze vergiffenis door de cholesterolwaarde van hun bloed te laten bepalen en pillen te slikken voor de verlaging ervan.
In de jaren '70 was er reeds een eerste verschuiving waar te nemen naar de individuele verantwoordelijkheid voor ziekte en gezondheid en een toenemende stilte op het vlak van sociale oorzaken van ziekten in commerciële en industriële omgevingen. Wanneer gezondheid het doel geworden is van menselijk gedrag, krijgt het een onderdrukkende invloed op het individuele leven.
Michael Fitzpatrick formuleert het haarscherp: 'The tyranny of health betekent het heersen van de biologische gebodsbepalingen over de verlangens van de menselijke geest. Het biedt de staat, via dokters en andere gezondheidsprofessionals, mechanismen om zijn autoriteit over de levens van iedere individuele burger uit te breiden en daardoor over heel de maatschappij.'
De grondlegger van de cellulaire pathologie en ontdekker van cholesterol in atheroomplaques bij konijnen, de Duitse arts, antropoloog en politicus Rudolf Virchow '“ intussen ook al ruim 100 jaar overleden, heeft het ooit als volgt geformuleerd: 'œGeneeskunde is een sociale wetenschap, en politiek is niet anders dan geneeskunde op een grotere schaal!'

Geneeskunde is een klinische praktijk en evenzeer een sociale wetenschap.
Geneeskunde moet dan ook het belang van sociale factoren bij de oorzaken van ziekte en lijden erkennen, maar tegelijk voorrang geven aan de echte noden van een individu.
Politici daarentegen moeten de noden van een maatschappij als een geheel vooropstellen, waaraan de individuele noden ondergeschikt zijn.
De erosie tussen de openbare en de private sfeer is een van de meest bedreigende trends in onze moderne maatschappij, en bovendien één waarin de dokters met hun unieke toegang tot de meest intieme aspecten van het persoonlijke leven, een belangrijke rol spelen.
Geneeskunde moet dan ook opnieuw gedefinieerd worden in termen van 'behandel de zieken en laat de gezonden met rust!' .
Politiek moet gedefinieerd worden in termen van: versterk de social binding & social bridging, zorg voor een sociale economie waarbij mensen een voldoende grote mate van veiligheid en zekerheid krijgen, zeker wanneer ze ziek of invalide worden. Onzekerheid, angst voor werk, inkomen en geweld veroorzaken meer ziekte en dood dan alle andere parameters. Het procentueel hoogste aantal sterftegevallen aan hartlijden komt voor in die landen waar het sociale netwerk op grote schaal werd vernield: Oost Europa, de vroegere Sovjet Unie en bij de Aboriginals in Australië.

Malcolm Kendrick geeft tot slot een paar makkelijke tips:

Rook niet. Kies voor een vorm van lichaamsbeweging waar u van geniet. Drink alcohol, maar met mate(n). Laat niemand over u heen lopen. Zorg dat u niet het gevoel heeft dat u in de val zit, ook op uw werk. Geniet van het gezelschap van anderen. ('¦) Mensen hebben altijd geweten dat stress dodelijk is.
De medische gemeenschap, die een verschrikkelijke aversie heeft tegen het idee dat er een verband is tussen de geest en het lichaam, heeft geprobeerd deze kennis te verpulveren, met de wetenschappelijke methode als wapen. 'We kunnen het niet meten, dus bestaat het niet.'

Archief

Milos Crnjanski, Bij de Hyperboreeërs – Roman over Rome. Uitg. De Arbeiderspers.

5 januari 2008

Milos Crnjanski, Bij de Hyperboreeërs – Roman over Rome. Uitg. De Arbeiderspers.

‘Bij de Hyperboreeërs’ van de Servische schrijver Milos Crnjanski ( 1893 – 1977) behandelt zijn periode als persattaché van de Joegoslavische ambassade te Rome van 1938 tot 1941 waar hij zijn bureau in de kelder had van de Villa Borghese tussen keuken en toilet met zicht op de schoenen van de passanten. Zijn ‘Roman over Rome’ geeft een idee van de sfeer waarin hij dank zij zijn rantsoen van vele duizenden Amerikaanse sigaretten kon ronddwalen en blijven dromen van een vreedzaam geluk ver achter het noorden, hyperborea. Crnjanski’s ‘Roman over Rome’ is zeer de moeite om in Rome te lezen voor wie er naartoe reist en wie er verblijft. Maar ook boeiend voor wie er geweest is en voor wie er nooit naartoe wil reizen.
Het werd mooi vertaald door Guido Snel die met zijn nawoord veel vragen beantwoordt voor de Hyperboreeërs die zich herkennen in deze interpretatie van de Eeuwige Stad.

17. Als je jong bent, verlang je op reis naar interessante belevenissen. En naar romans. Maar als je ouder wordt, zie je in dat er in het leven geen andere roman is dan die ene, die over het ouder worden.
De hele reeks zelfportretten van Rembrandt vertelt alleen maar die ene roman, te lezen op het gezicht van een mens, over het ouder worden. Die roman hoeft niet eens geschreven te worden, ieder beleeft die, kent die, iedereen.

28. Voor iemand die jarenlang in Rome woont, opent de Eeuwige Stad zich als een onderbuik, als een ravijn, waar men slechts op één plek rust vindt. Er zijn meerdere Romes, om zo te zeggen, ze zijn gestapeld als geologische aardlagen, de een op de ander, in de buik van de aarde. De lagen worden onderscheiden aan de hand van fossielen, alsof je in een mijnschacht afdaalt. Voor degenen die in Rome wonen, zijn er daar enkele van.
Rome is een opeenstapeling van volkeren, eeuwen, barbaren, beeldhouwwerken, architectuurstijlen, de vergankelijkheid van het al. Je kunt onmogelijk al die Romes kennen, liefhebben. Doorgaans krijgt men er uiteindelijk maar één lief.
Sommigen houden van het antieke Rome, anderen van de catacomben, weer anderen alleen maar van het Rome van Michelangelo. Er is ook het Rome van de pausen, het Rome van Napoleon, het Rome van de romantiek, het Rome van de eenwording en vrij recent het Rome van koning Umberto I. Wat mij betreft, ik heb me ooit verdiept in het ronde van Tiberius (maar dat was een zonderlinge bevlieging).
Elk van die Romes is niet alleen maar een gelaagde hoop architectuur, gesteente, geschiedenis, tragedies, maar ook dode en vergaande ideeën. Als je van het gezicht van Rome het masker wegneemt, krijg je een afschuwwekkende stad. We weten dat het gezicht van ieder mens een masker is. Ook het gezicht van Tiberius.
De mens is van nature zo beperkt dat in Rome zelfs de grootste en beroemdste mensen van slechts één deel, wijk of hoek van Rome hielden. Die plek verlieten ze slechts met moeite, zoals het schimmen trouwens ook betaamt. Caesar, die de snelste mens van zijn tijd was, bracht hier de dag door tussen twee rijen cipressen. Keizer Augustus altijd in dezelfde tuin. Cicero ging altijd naar dezelfde villa in de bergen. Nero naar zijn terras. En in een vochtig, donker steegje brandt nog altijd het olielampje van de apostel Paulus.

171.
‘Plechtig staan op de top van Monte Mario
tegen een kalme lichte hemel de cipressen
schenk op de top van die verlichte heuvel,
schenk, vrienden, goudgele wijnen waarin de zon
weerkaatst: glimlach vandaag, schonen.
Morgen zullen we sterven.
Giosué Carducci 1867

177.
Morgen, zeg je, zul je beginnen met leven, oh Posthumius?
Morgen?
Zeg eens, Posthumius, wanneer breekt die morgen van jou nou eens aan?
Hoe ver weg ligt dat, dat morgen van jou? Waar ligt het? Waar vandaan moet het komen?
Verschuilt zich nog bij de Perzen, of is het in Armenië?
Dat morgen van jou is al zo oud als Priamus.
Zeg eens, hoeveel moet dat morgen van jou kosten?
Morgen ga je beginnen met leven?
Zelfs als je vandaag nog zou beginnen, Posthumius, ben je te laat.
Wijs is diegene die gisteren heeft geleefd.

190. Giordano Bruno (1548-1600)

‘De liefde opent een poort
die van diamant is,
en zwart!’

‘Voor zijn hart, zijn geest en zijn ziel
zijn het niet het genot of de vrijheid,
wel het leven die hem een glimlach geven,
die hem helpen, hem behagen,
die zoeter en mooier zijn dan het lijden,
dan zelfs het juk en de dood,
die zijn natuur, wil en lot zijn.’

207.
‘ Ik ben een wandelend graf en in mij draag ik een dood man.’
Giacomo Leopardi (1798 – 1837)

253. Giuseppe Belli ( 1791 – 1863)

SPQR – Senatus PopulusQue Romanus
Soli Preti Qui Regnano – Alleen priesters regeren hier.

Rome is aan zes en niet aan vier letters ten onder gegaan:
aan de initialen van de zes woorden Papa, Preti, Principi, Putane, Pulci, Poveri.
Paus, Priesters, Prinsen, Prostituees, Platluizen en Paupers.

(…) De enige waarheid die de priesters in de kerk beweren. ligt volgens Belli. in wat ze mompelen: ‘Heer, ik ben u niet waardig!’

Giuseppe Belli – Verkeerd ingericht

‘t Is toch maar knudde met het beste stuk
dat Jezus Christus Vader Adam gaf,
het lijkt maar zelden op een toverstaf,
probeer het maar; haast nooit heb je geluk.

De ene wil niet, of je moet haar trouwen.
De andere wil wel, maar dan eerst betalen!
En als we ooit een buitenkansje halen
dan moet je ‘t in de biechtstoel weer berouwen.

Maar wat een heerlijk lot hebben de honden!
die hoeven er zo zwaar niet aan te tillen,
die gaan hun gang, waar en met wie ze willen;

de biechtstoel zelfs gebruiken zij er voor!
Ze zijn niet bang, als wìj voor onze zonden,
en hebben schijt aan hel en aan pastoor.

(Vertaling H.L.Prenen)

Het schandaal:

Verdomde kwezels, zwarte ouwe wijven!
zelfs jullie waren hoeren indertijd; -
maar nu misgun je elke jonge meid
wat jullie zelf zo graag hadt willen blijven.

Jazeker: bij mìj woont een jonge man,
die slaapt met mij, dat doet hij elke nacht,
de bedstee kraakt ervan, en niet zo zacht,
en ik ben blij hoe zalig hij het kan!

Wat gaat ‘t je an? ‘t Blijft tussen hem en mij.
Door jullie wordt geen man meer opgejut,
dát is de oorzaak van je huichelarij.

Barst maar van nijd hoe wij hier samenleven; -
want wie de kans krijgt en het niet benut
vindt nooit een biechtvaer die ‘t ons zal vergeven!

261. Mijn arts zegt tegen mij, terwijl we zitten te eten, dat Rome voor ons, buitenlanders, niet meer dan een bladzijde uit Andersen is, een episode uit een eeuwigdurend Romeins karnaval. Voor hen, Romeinen, ligt dit geheel anders. Het is een ernstige, bloederige aangelegenheid. Rome, zegt hij, is een doorlopend theater waarin zich drama’s afspelen waarvan wij vreemdelingen geen flauw benul hebben.

322. Kierkegaard ziet deze vermoeidheid – taedium vitae – als een eerste aankondiging van het stervensproces en als een voorwaarde voor de dood. Zolang deze vermoeidheid niet in de mens optreedt, is de dood zwakker dan wij en wacht af. En mens rijpt langzaam voor de dood, als een peer.

385. De tenor en de prima-donna zongen, schreeuwden vergenoegd.
Ze kregen vorstelijk betaald.
Het koor was zichtbaar uitgehongerd, versleten, afgestompt, het opende en sloot de mond alsof het een kikker doorslikte, telkens wanneer het dirigeerstokje dat wilde.
De ogen van die mannen en vrouwen zwierven wanhopig de hoogte in als ze even stopten, in de richting van het plafond, en staarden gehypnotiseerd naar het dirigeerstokje als men weer verderging. Het verschil tussen degenen die de rol van tenor en prima donna vervulden en degenen in het koor ( noi altri) was opvallend.
Dat verschil is waar dan ook ter wereld het voornaamste wat men in het oog dient te houden.

396. Waarom dacht Kierkegaard dat iemand die zich met politiek bezighoudt, die revolutionair is, een romanticus moet zijn?

Archief

Voor 2008 wensen wij eenzelfde lankmoedigheid en een warme waardigheid…

5 januari 2008

Rembrandt 1654 Jan Six

Jan Six (1618 '“ 1700) door Rembrandt in 1654.

Vrijheid gaat in rood gekleed met gouden randen,

zacht gemzenleer schoeit vuile handen

om arbeid toch in mededogen te leiden

en de paarden van de macht te mennen;

de vuisten soepel en vingervlug gekoesterd

wanneer we weten hoe de wereld draait

en voor offers keert zodat we lankmoedig

en met warme waardigheid ons hullen

in de mantel die ons behoedt voor de hitte

van de passie en het vuur van de strijd

omdat alles van waarde zich moet verweren.

'Alles van waarde moet zich verweren'*

Daarom wensen

wij u en al wie u

lief is voor

2008

eenzelfde lankmoedigheid

en een warme waardigheid.

* ' De gedachte was te veel dat de vrijheden zich als vanzelf zouden verdiepen, maar het lijkt erop dat de vrijheid in diskrediet aan het raken is en de roep om veiligheid steeds luider klinkt. Wanneer we de bekende dichtregel van Lucebert '“ 'Alles van waarde is weerloos' '“ op zijn kop zetten, kunnen we zeggen: 'Alles van waarde moet zich verweren.' – Paul Scheffer, Het land van aankomst. p.409

'Hollanders in beeld' nog tot 13 januari 2008 in het Mauritshuis, Den Haag