Er is nog zo veel dat ongezegd is. (Rutger Kopland)

Dupslog
Dupslog

Philipp Blom, De duizelingwekkende jaren. Europa 1900-1914. De Bezige Bij, 2009

4 juli 2011

Philipp Blom, De duizelingwekkende jaren. Europa 1900-1914. De Bezige Bij, 2009

?De moderne wereld was al een feit voordat de eerste Duitse soldaat de Belgische grens was overgestoken in 1914? besluit Philipp Blom zijn indrukwekkende bewijsvoering in ?De duizelingwekkende jaren?. De belangrijkste intellectuele, wetenschappelijke en emotionele veranderingen die het? Europa van de 20ste eeuw hebben bepaald, vonden allemaal plaats in de jaren v??r 1914.
Omdat Blom de lezer uitnodigt tot een gedachten – experiment waarbij de periode van 1900 tot 1914 onder de schaduw van de eerste wereldoorlog en wat erna kwam uitgehaald wordt, blijkt die eeuwwisseling in vel opzichten te lijken op de recentste, honderd jaar later. ?Niet in het minst vanwege hun open karakter: in 1910 en zelfs in 1914 had niemand een duidelijk idee hoe de toekomst eruit zou zien, wie de macht zou hebben, welk politiek stelsel dominant zou worden, of welk soort samenleving uit de onstuimige veranderingen tevoorschijn zou komen.?

Het lezen van ?De duizelingwekkende jaren? helpt hedendaagse problemen beter te begrijpen en helpt ook greep krijgen op de razendsnelle politieke, economische, technische ontwikkelingen van nu en straks.
Niet alleen vandaag worden mensen onzeker temidden van een moeilijk te overziene chaotische reeks veranderingen, dat was ook zo bij het begin van de XX ste eeuw. Mannen wisten niet meer waar ze het hadden in een wereld waar vrouwen hun rechten opeisten, terreuraanslagen dagelijks nieuws waren, antisemitisme een grondstroom bleek.
Niets was nog wat het leek. Gefragmenteerde snelheid in woord en beeld voerde de boventoon.

Philipp Blom schrijft ?De duizelingwekkende jaren? met een ongelooflijke eruditie en een sierlijke stijl tot een intellectueel hoogtepunt voor de lezers die vandaag reflecteren over wat zich aan hun ogen voltrekt.
Op de website van Athenaeum Boekhandel te Amsterdam kan je de gesprekken met hem bij de boekvoorstelling opnieuw beluisteren.

65. Tussen mensen is geen begrip mogelijk, geen dialoog, tussen gisteren en vandaag bestaat geen enkel verband: woorden liegen, gevoelens liegen en ook ons eigen bewustzijn liegt. Hugo von Hofmannsthal, Zur Physiologie der modernen Liebe.

198. In Brjoesovs verbluffende verhaal Republiek van het Zuiderkruis (uit 1907) beschrijft hij een kunstmatige stadstaat op Antarctica die beschermd wordt tegen de elementen door een gigantisch dak. Dit baanbrekend ontwerp herbergt de meest ontwikkelde gemeenschap van de wereld, een geweldige, democratische samenleving met wegen in de lucht, comfortabele huizen, gratis onderwijs, bibliotheken, prima voedsel en geraffineerd vermaak. In werkelijkheid is het een onheilspellende utopie waarvan sommige eigenschappen een eeuw nadat Brjoesov de tekst schreef zijn uitgekomen:
Het moet gezegd dat achter deze democratische buitenkant de zuiver autocratische tirannie schuilging van de aandeelhouders en directeuren van een oud kartel. [...l Het economisch leven van het land lag in handen van de raad van bestuur. [...lDe invloed van de raad van bestuur op de internationale verhoudingen van de republiek was enorm. Zijn beslissingen konden hele landen ru?neren. De prijzen die door de raad werden vastgesteld bepaalden de lonen van de werkende massa’s overal ter wereld. Bovendien strekte de invloed van de raad zich ook uit tot de binnenlandse aangelegenheden van de republiek. De wetgevende Kamer was niets anders dan de nederige dienaar van de wil van de raad.
Brjoesovs heimelijk zieke ideale stad gaat uiteindelijk ten onder aan een epidemie van ‘contradictie’, een ziekte die mensen in opstand doet komen tegen de redelijkheid: Lijders aan de ziekte gaan ‘nee’ zeggen in plaats van ‘ja’. Als ze iets troostends willen zeggen, zetten ze het op een schelden. De meesten gaan zichzelf ook qua gedrag tegenspreken: als ze naar links willen, gaan ze naar rechts, als ze hun hoed iets willen oplichten om beter te kunnen zien, trekken ze die naar beneden, et cetera. Naarmate de ziekte langer duurt, neemt de contradictie bezit van het hele lichamelijke en geestelijke leven van de pati?nt en ontstaat een eindeloos gediversifieerd ziektebeeld dat samenhangt met ieders persoonlijke eigenschappen. Over het algemeen worden de uitspraken van de pati?nt dan onbegrijpelijk en zijn daden absurd.
Tegen deze aanval van zinloosheid en destructie staat de technologische stad van de rede machteloos en binnen de kortste keren is hij niet meer dan een gigantische ru?ne op het ijs.

440. Niet allen de conservatieve elementen in het gerechtelijk apparaat interesseerden zich voor de eugenetica. De socialisten aller landen hadden al eerder eugenetische maatregelen voorgesteld om een gezonder proletariaat te cre?ren.

515. De redeloosheid had altijd al een rol gespeeld in de westerse geschiedenis. Ze is de drijvende kracht achter de Griekse tragedies, het spirituele doel van de middeleeuwse mystiek, het sublieme of het ding-op-zich van de Verlichting. (....) De profeet van deze tegencultuur rond de eeuwwisseling heette Friedrich Nietzsche. Zijn verheerlijking van de dionysische wil en de ultieme zelfoverwinning werd door een hele generatie jonge Europeanen (mogelijk ten onrechte) als een evangelie gelezen. Nietzsche deed de moraal van zijn tijd af als een slavenmoraal en zijn aanklacht kreeg een nieuwe, krachtige lading. De seksuele moraal van die tijd veroordeelde veel jonge vrouwen tot onwetendheid en zenuwzwakte en moedigde jongemannen tegelijk aan zich te laten gaan in de armen van prostituees, aldus een strikte scheiding aanbrengend tussen lust en ‘hogere’ gevoelens en vrouwen onderverdelend in maagden en hoeren. Het was het genie van Sigmund Freud dat hij dit in die tijd inzag en het irrationele en de seksualiteit een centrale rol gaf in de psychologie. Freud beschreef de opstand van de redeloosheid op individueel niveau en zijn begrip van het onbewuste reduceerde de rede tot niet veel meer dan een metaforiserend commentaar bij een onbestuurbare lust, een boei die reddeloos verloren ronddobbert op een zee van niet-erkende verlangens. Die visie en de artistieke uitdrukking ervan waren vooral in Wenen te vinden, de hoofdstad van de ziekelijke gevoeligheid voor identiteitsvraagstukken, voor de valkuilen van de taal, voor de grenzen van de rationaliteit.
De doeken van Egon Schiele tonen mensen die ten prooi vallen aan hun impulsen, die zichzelf blootgeven en zich begraven in de eenzaamheid van verkrampte omhelzingen. Zijn werk is vaak seksueel expliciet, maar nooit opgewekt: logboeken van onontkoombare erotische slavernij.
In het nabijgelegen Praag begon de jonge Franz Kafka te speuren in de dimensies van het mythische in het persoonlijke, van de diepe structuren die schuilgaan onder een schijnbaar alledaags oppervlak. Kafka’s centrale mythe is bijbels, terwijl Freud zijn inspiratie ontleende aan het oude Griekenland, maar hun projecten lijken op elkaar en kennen dezelfde insteek.


Philipp Blom – De duizelingwekkende jaren

Reacties graag naar mailadres.