Er is nog zo veel dat ongezegd is. (Rutger Kopland)

Dupslog
Dupslog

Sam Harris, Van God Los, De gevaren van religie en de toekomst van de rede.

9 mei 2007

Sam Harris, Van God Los, De gevaren van religie en de toekomst van de rede.
uitg. Arbeiderspers 2007

De kern van het volgehouden en helder betoog van neuroloog Sam Harris draait om de stelling dat in een tijd van massavernietigingswapens de mensheid zijn religieuze verschillen en geschillen niet eindeloos zal overleven.
De secularisering van verschillende religies zal ons niet helpen om op een redelijke manier met elkaar te blijven omgaan. Daardoor zijn we blind geworden voor de rol die het geloof speelt in altijd voortdurende conflicten tussen mensen en hun culturen.

Harris onderzoekt en fileert handvaardig menselijk godsgeloof. Hij doet je slikken met zijn cijfers over de godsdienstige overtuigingen in de Amerika, waar een supermacht stijf staat van de zekerheid dat 'In (our) God we trust', tot en met de verkondiging hiervan op hun groene dollarbiljetten. Net zoals in moslimculturen is in de VS het niet geloven in God – laat staan dit publiek verklaren – geen optie. Al word je om dergelijke standpunten vooralsnog niet gekeeld in ‘the Land of the Free’.
Hij ziet in een tijd dat massavernietigingswapens bij wijze van spreken in een reiskoffer transporteerbaar worden, het gevaar reëel dat diepgelovigen in naam van hun hoger doel deze ook zullen gebruiken. Hun verlangen de rechtgelovigen te bevrijden van een al dan niet denkbeeldig juk van ongelovigen, andersgelovigen of afvalligen wordt geleid door het Ene en Ware en vergoelijkt of heiligt zelfs al hun daden.
En wij die ooit vreesden dat een supermacht als de VSA of de vroegere USSR hun massavernietigingswapens zouden durven gebruiken om hun diepgelovige overtuiging kracht bij te zetten dat ze onderdrukte volkeren, of potentiële vijanden hiermee konden bevrijden dan wel vernietigen.
'Preemptive strike' kan wel eens een strategie van de ware gelovigen worden. En die explosieve hitte vindt Harris terecht een 'inconvenient truth', veel directer, veel bedreigender maar veel minder in beeld dan die van de geleidelijke opwarming van de aarde.

Harris’ analyse van godsdienst als religie, verbindend opium van het volk, verblindend geloof van samenlevingen is nauwgezet en wanhopig. Hij wil als alternatief een boeddhistische, mystieke benadering te suggereren.
Dat kan misschien wel tot een individuele verlichting leiden. Dat kan wellicht een behoefte aan kosmische verhevenheid voldoen bij de nietige mens. Wie naar transcendentie verlangt om het hierNUmaals te overstijgen bij ontstentenis van een geloof in de goddelijke immanentie en het hiernamaals, zal daar zeker weinig kwaad mee kunnen. Maar het blijft een zwaktebod in dit ondermaanse. De behoefte aan een religieus gevoel en geloof – ondanks wetenschappelijke kennis en neurologisch en psychologisch inzicht in de werking van de menselijke geest – zal niet zomaar verdwijnen. Intussen is dit hopelijk voor iedereen duidelijk, wanneer zelfs Harris spirituele meditatie beleeft en belijdt.
We hebben geen alternatief dan pleiten voor het beleven van een geloof in de intimiteit en de waardigheid van de slaapkamer, de privé ruimte. De openbare ruimte moeten we vrij houden voor handelingen die vroeger dienden beperkt te blijven tot de slaapkamer, maar die nu openlijk straten en pleinen versieren. Die beelden, handelingen en illusies zijn alleszins veel veiliger en minder bedreigend voor de ander dan de publieke manifestatie van het trouwe geloof in de eigen Ene en de Ware.
Harris weet niet te duiden dat godsdienst meer dan opium 'van' het volk, opium is 'voor' het volk. Godsgeloof en de daaraan gekoppelde rituelen en erediensten zijn bij uitstek machtstechnieken. Dat is zeker het geval bij de monotheà?stische religies en absolutistische wereldbeschouwingen, en dus ook in de VSA, met zijn nucleaire, biochemische en biologische massavernietigingswapens en zijn rakettenschild in constructie.

Schrikwekkend zijn de overweldigende cijfers en voorbeelden waarmee hij aantoont hoe diep het dwingende godsgeloof met een ferme messianistische component genesteld zit in de Amerikaanse samenleving, tot in de hoogste regionen van wetgevende, uitvoerende en rechterlijke macht.
Een natie die massaal en van overheidswege inzet op het geloof in een persoonlijke God, heerser van hemel en aarde en eeuwigdurende schepper van het heelal, keert zich af van de moderniteit, niet alleen op religieus vlak, maar ook op het vlak van onderwijs, wetenschap, cultuur en buitenlands beleid.
Bijgevolg zal de VS zoals de islamitische landen de volgende decennia de brain-drain naar China, India en Europa niet kunnen keren.
De intellectuele elite van de VS zal zich opnieuw als een 'lost generation' moeten hoeden in landen en steden waar een liberale moderniteit ruimte biedt voor kritische creativiteit.

Na de val van Granada '? 1492 en de nederlaag voor Wenen '? 1529 en 1683 plooide het Ottomaanse rijk ook terug op zichzelf en scleroseerde de vitaliteit en moderne dynamiek van hun cultuur ondanks de steun, de hulp en het 'verraad' van vele katholieke en christelijke vorsten en staten. ( Monaldi& Sorti, Veritas, http://www.janvanduppen.be/?p=229 ).

15. Volgens het Amerikaanse onderzoeksbureau Gallup gelooft 35 procent van de Amerikanen dat de bijbel het letterlijke, onfeilbaar woord is van de schepper van het universum. 48 procent denkt dat de bijbel het door God ‘geà?nspireerde’ woord bevat – nog steeds onfeilbaar, hoewel sommige passages een symbolische interpretatie behoeven om de waarheid ervan aan het licht te brengen. Slechts 17% betwijfelt of God in zijn oneindige wijsheid zelf de tekst heeft geschreven – en de aarde met zijn 250.000 soorten kevers zelf heeft geschapen. Zo’n 46 procent van de Amerikanen vat het scheppingsverhaal letterlijk op (40 procent denkt dat God de schepping in de loop van miljoenen jaren heeft begeleid). Dit betekent dat zo’n 120 miljoen Amerikanen denken dat de oerknal zo’n 2500 jaar nadat de Babylonische en Soemeriërs bier leerden brouwen, heeft plaatsgevonden. Als we onze enquêtebureaus kunnen vertrouwen, geloven 230 miljoen Amerikanen dat een boek dat noch eenheid in stijl noch interne samenhang vertoont, werd geschreven door één alwetende, almachtige, alomtegenwoordige godheid.

157. 65 procent van de Amerikanen gelooft dat Satan bestaat.

230. Volgens verschillende recente enquêtes weet 22 procent van de Amerikanen zeker dat Jezus in de eerstkomende 50 jaar op aarde zal terugkeren. Nog eens 22 procent denkt dat hij dit waarschijnlijk zal doen. Dit is waarschijnlijk dezelfde 44 procent die een of meer keer per week naar de kerk gaat, die gelooft dat God letterlijk het land Israël aan de Joden beloofde, en die willen dat kinderen niet langer de biologische feiten over de evolutie leren. Dit soort gelovigen vormt het meest samenhangende en gemotiveerde segment binnen het Amerikaanse electoraat en daardoor zijn hun denkbeelden en vooroordelen van invloed op bijna iedere beslissing van nationaal belang. Het progressieve politieke kamp lijkt de verkeerde conclusie te hebben getrokken uit deze les en bladert nu in de bijbel op zoek naar manieren om zich geliefd te maken bij de tallozen in dit land die hun stem vooral op basis van godsdienstige dogma’s uitbrengen. Meer dan 50 procent van de Amerikanen heeft een ‘negatief’ of ‘zeer negatief’ beeld van mensen die niet in God geloven; 70 procent vindt dat presidentskandidaten zeer religieus moeten zijn. (...)
Slechts 28 procent van de Amerikanen gelooft in de evolutie, terwijl 72 procent in het bestaan van engelen gelooft. En dergelijke onwetendheid onder leiders en de meerderheid van deze onbehouwen supermacht, is nu een probleem voor de hele wereld.

10. Een overtuiging is een hefboom die, als hij wordt bewogen, bijna al het andere in iemands leven doet mee bewegen.

11. De oecumenische gedachte kent weliswaar bij alle geloofsovertuigingen tenminste enige aanhanger, maar verder gaat iedere godsdienstige traditie ervan uit dat andere overtuigingen een vergaarbak van dwalingen of op zijn best gevaarlijk onvolledig zijn. Daarom is onverdraagzaamheid inherent aan het geloof. Als iemand gelooft – werkelijk gelooft – dat bepaalde ideeën tot eeuwig geluk leiden, of tot het diametraal tegenovergestelde, dan kan die persoon niet tolereren dat de mensen die hij liefheeft misschien in het verderf worden gestort door de verlokkingen van ongelovigen. Zekerheid over het volgende leven is nu eenmaal onverenigbaar met verdraagzaamheid in het hier en nu.

17. De gematigdheid die we onder niet-fundamentalisten zien, is geen teken dat het geloof zelf zich heeft ontwikkeld. Zij is het resultaat van de mokerslagen van het modernisme, die hebben aangetoond dat bepaalde geloofsartikelen redenen geven tot twijfel.

19. Dat de meeste gematigden van goede wil zijn, wil niet zeggen dat het geloof veel meer is dan een wanhopig huwelijk tussen hoop en onwetendheid; het garandeert evenmin dat er niet een verschrikkelijke prijs betaald moet worden voor de inperking van de rede in de omgang met anderen.

21. Openlijk de waarheid zeggen over de toestand van de wereld (bijvoorbeeld door erop te wijzen dat de bijbel en de koran boordevol levensgevaarlijke onzin staan) staat haaks op de tolerantie van de gematigde gelovigen. Maar we kunnen ons de luxe van zo’n politieke correctheid niet langer veroorloven. We moeten eindelijk een zien welke prijs te betalen voor het instandhouden van de iconografie van onze onwetendheid.

46. Het is gezien de kracht van onze technologie overduidelijk dat mensen die graag martelaar willen worden, in de toekomst slechte buren zullen zijn. Wij hebben eenvoudigweg het recht op onze mythen en onze mythische identiteit verloren.
Het wordt tijd om te erkennen dat mensen alleen op werkelijk open wijze met elkaar kunnen samenwerken als ze bereid zijn hun geloof te veranderen in het licht van nieuwe feiten. Alleen door open te staan voor bewijzen en argumenten kan er een gemeenschappelijke wereld ontstaan. Er is natuurlijk geen garantie dat mensen die zich op de ratio baseren, het altijd met elkaar eens zullen zijn; wel is zeker dat mensen die dat niet doen en zich op dogma ’s baseren, het met elkaar oneens zullen blijven. Deze geest van onderzoek over en weer is het tegenovergestelde van het religieuze geloof.
(...)
We moeten toe naar een tijd waarin het een schande is om een geloof aan te hangen zonder dat er bewijzen zijn van wat we geloven

64. De geloven is een zoektocht naar kennis op afbetaling: geloof nu, leef tot uw sterfdag met een onverifieerbare hypothese dat u gelijk hebt.
Maar in andere domeinen is geloven als een cheque die iedereen per se aan deze zijde van het graf wil innen. De ingenieur zegt dat de brug het zal houden, de dokter dat de infectie resistent is tegen penicilline. Deze mensen hebben weerlegbare argumenten voor hun uitspraak over de wereld. De mullah, de priester en de rabbijn hebben dat niet. Er kan op geen enkele manier worden aangetoond dat er iets aan hun kernovertuigingen niet klopt, wat er ook verandert in de wereld, of in de wereld zoals zij die ervaren.
Hieruit blijkt ook dat hun overtuigingen niet ontstaan naar aanleiding van onderzoek van de wereld of van de wereld zoals zij die ervaren (ze zijn in de zin van Karl Popper ‘onfalsifieerbaar’). Zelfs de holocaust bracht maar heel weinig joden aan het twijfelen over het bestaan van een almachtige, goedertieren God.

85. Will Durant: “Een sterk geloof gaat van nature samen met onverdraagzaamheid; naarmate het geloof minder zeker wordt, neemt de verdraagzaamheid toe; zekerheid is moorddadig.” (...)
Het onofficiële huwelijk tussen geloof en rede (waarbij redelijke mannen en vrouwen worden gemotiveerd door onredelijke overtuigingen) doet de maatschappij op een hellend vlak belanden, waar verwarring en hypocrisie hoogtij vieren en de martelingen van de inquisiteur niet lang op zich laten wachten.

98. Ons aller nationaal-socialisme is gebaseerd op onkritische loyaliteit, op overgave aan de Führer zonder dat er in individuele gevallen om het waarom wordt gevraagd, en op stilzwijgende uitvoering. Wij geloven dat de Führer aan een hogere oproep gehoorzaamt om de Duitse geschiedenis vorm te geven. Deze overtuiging kan niet worden bekritiseerd.
Rudolf Hess in een speech in juni 1934.

108. De enige toekomst die de vrome moslims zich – als moslim – kunnen voorstellen, is een toekomst waarin alle ongelovigen tot de islam zijn bekeerd, zijn onderworpen of over de kling gejaagd. Volgens de uitgangspunten van de islam mag de macht op zijn hoogst tijdelijk worden gedeeld met de ’ vijanden van God’. (...)
De gematigde islam – de werkelijk gematigde islam, die echt kritisch is over het gebrek aan rationaliteit binnen het geloof – lijkt nauwelijks te bestaan. En als deze al bestaat, dan verbergt hij zich evengoed als het gematigde christendom in de 14e eeuw verborgen bleef ( en om soortgelijke redenen).

112. In de eerste plaats is het islamitische idee van tolerantie slechts van toepassing op christenen en joden (mensen van het Boek), terwijl boeddhisten, Hindoes en andere afgodsdienaren in spiritueel opzicht zo ontaard worden geacht dat ze buiten iedere categorie vallen. Zelfs mensen van het Boek moeten zich niet met anderen bemoeien en ‘op nederige wijze’ de djizja (belasting voor niet moslims) aan de islamitische vorst betalen. Net als veel anderen merkt Fareed Zakaria op dat de joden die eeuwenlang onder de heerschappij van moslims leverden het daar verhoudingsgewijs makkelijk hadden, dat hij/een vergelijking met de gruwelen van het leven onder het deel creatieve christendom. Maar in feite werd het leven van de joden binnen het Huis van de Islam gekenmerkt door onophoudelijke vernederingen en regelmatige pogroms. Een vorm van apartheid is altijd de norm geweest. Joden hebben nooit wapens mogen dragen, zij konden niet getuigen voor de rechtbank, ze mochten niet paardrijden. Ze droegen onderscheidende kleding (de gele ster stamt uit Bagdad, niet uit nazi-Duitsland) en moesten bepaalde gebouwen en straten vermijden. Ze mochten moslims uitsluitend aan hun (onreine) linkerkant passeren en moesten daarbij de ogen neerslaan – zo niet, dan konden ze met geweld en zelfs de dood worden bestraft. In delen van de Arabische wereld was het de gewoonte dat kinderen stenen naar joden gooiden en naar hen spuwden. Behalve deze vernederingen vonden er regelmatige massamoorden en pogroms plaats. (...)
Het leven voor christenen onder de islam was nauwelijks vrolijker.

114. Het terechtstellen van afvalligen wordt in brede kring aanvaard, zo niet uitgevoerd. Dit verklaart waarom er op de hele wereld niet één enkele redelijke moslim leek te bestaan toen ayatollah Khomeini een beloning uitloofde voor degene die Salman Rushdie vermoordde. Veel westerlingen vroegen zich af waarom de ‘gematigde’ moslims zich niet in het openbaar van deze fatwa distantieerden. Het antwoord vloeit rechtstreeks uit de leerstellingen van de islam. Zelfs de in het Westen geboren folkzanger Cat Stevens(die tegenwoordig Yusuf Islam heet) twijfelde niet aan rechtvaardigheid van fatwa.

133. Zolang het volkomen aanvaardbaar is dat mensen menen te weten hoe God wil dat iedereen op aarde leeft, zullen we elkaar blijven vermoorden vanwege onze mythen. Bij onze omgang met de moslimwereld moeten we onder ogen zien dat moslims zich niet wezenlijk hebben uitgesproken tegen de aanslagen van 11 september, behalve door middel van de alom tegenwoordige canard dat de kapers eigenlijk joden waren. Het discours van moslims is op dit moment een mengsel van mythen, samenzweringstheorieën, en aansporingen om weer net zo glorieus te worden als in de zevende eeuw. Er is geen reden om te denken dat economische en politieke verbeteringen in de moslimwereld daar iets aan kunnen veranderen. Daar is meer voor nodig.

134. Omdat de westerse liberalen ervan uitgaan dat mensen overal door dezelfde angsten en verlangens worden gemotiveerd, geven ze nu hun eigen overheid de schuld van de excessen van de islamitische terroristen. Velen menen dat we dit kwaad op een of andere manier over ons zelf hebben afgeroepen.

136. Er is een verschil tussen nihilisme en het verlangen naar een bovennatuurlijke beloning. Islamisten kunnen de wereld tot taal vernietigen zonder schuldig te zijn aan nihilisme omdat hun wereldbeeld volledig wordt bepaald door het idee van het paradijs. Gezien hun overtuiging is het voor islamisten volkomen rationeel om de moderne tijd de kop in te drukken waar zijn maar kunnen. Het is voor moslimvrouwen zelfs rationeel om de zelfmoord van hun kinderen aan te moedigen, als ze maar voor Gods zaak vechten. Vrome moslims weten gewoon dat ze naar een betere plek gaan. God is oneindig machtig en oneindig rechtvaardig. Waarom zouden ze zich dan niet verheugen in een zondige van een grondige wereld? (...)
Vrijdenkers betogen vaak dat de islam, of de godsdienst in het algemeen, minder invloed heeft op het karakter van de maatschappij dan de politiek. Volgens deze zienswijze worden mensen in de eerste plaats gemotiveerd door hun politieke belangen en vinden ze pas daarna een bijpassende godsdienstige motivatie.

143. Het is tijd dat we toegeven dat niet alle culturen zich in hetzelfde stadium van morele ontwikkeling bevinden. Dit is natuurlijk niet erg tactisch om te zeggen, maar het lijkt objectief gezien even waar als zeggen dat niet alle maatschappijen over dezelfde materiële middelen beschikken.

152. Als de moslims hun godsdienst niet weten te hervormen tot een goedaardige ideologie – of hem geheel ontgroeien – is een continue oorlog op alle fronten tussen de islam en het Westen waarschijnlijk moeilijk te vermijden. De uitvinding van biologische, nucleaire en chemische wapens kan niet ongedaan gemaakt worden. Martin Rees wijst erop dat er geen enkele reden is om te verwachten dat we meer succes zullen hebben met tegenhouden van deze wapens, in kleine hoeveelheden, dan nu bij het tegen houden van drugs. Als dit waar is, kan iedereen die dat wil binnenkort massavernietigingswapens kopen.(...)
Als olie niets meer waard was, zou het disfunctioneren van de meeste prominente islamitische maatschappijen plotseling bijzonder opvallend worden. Misschien dat moslims dan inzien dat ze hun denken over allerlei onderwerpen beter wat kunnen matigen. Anders zijn wij verplicht om onze belangen op de wereld met kracht te beschermen – en wel continu. In dat geval lijkt het bijna zeker dat onze kranten meer en meer zullen lijken op het boek Openbaring uit de Bijbel.

158. Antonin Scalia hield in januari 2007 op de theologische faculteit van de universiteit van Chicago een lezing over de doodstraf. Hij is overtuigd katholiek en rechter bij het hooggerechtshof: “De gelovige zou niet berustend moeten reageren op deze neiging van de democratie om de goddelijke autoriteit achter de regering weg te cijferen; hij zou zich moeten voornemen deze zo effectief mogelijk te bestrijden. In dit land gebeurt dit – in tegenstelling tot het vasteland van Europa – door er in het openbare leven op zichtbare wijze aan te herinneren, zoals in de motivatie van een vonnis van het hooggerechtshof uit de jaren 40: ‘We zijn een godsdienstig volk waarvan de instellingen uitgaan van een opperwezen.’(...) Dit alles is, zoals gezegd, zeer on-Europees en verklaart mede waarom ons volk meer geneigd is om als Sint Paulus te begrijpen dat de overheid ‘als dienaar Gods’ het zwaard draagt om de boosdoener met haar ‘toorn te treffen’.

177. Veel raadselachtig menselijk gedrag kan worden verklaard vanuit het concept van de morele gemeenschap. Hoe valt anders te verklaren dat een bewaker in nazi-Duitsland na een dag werken in een vernietigingskamp thuis een liefhebbende vader kon zijn voor zijn kinderen? Het antwoord is verrassend eenvoudig: de joden die hij overdag martelde en vermoordde, vielen buiten zijn morele bereik. Niet alleen bevonden zich buiten zijn morele gemeenschap, ze waren er ook de antithese van. Zijn overtuigingen over de joden wapenden hem tegen de natuurlijke medemenselijkheid die zulk gedrag had kunnen voorkomen.
Helaas werpt de godsdienst meer schaduw dan licht op dit terrein. In plaats van echte redenen te vinden voor de menselijke solidariteit, biedt het geloof ons een solidariteit die is ontstaan uit tribale en tribaliserende ficties. Zoals we gezien hebben, beperkt de godsdienst in belangrijke mate de morele identiteit, omdat de meeste gelovigen zich in moreel opzicht onderscheiden van degenen die niet hun geloof aangehangen. Geen andere ideologie is zo welsprekend over wat de ene morele gemeenschap van de andere scheidt. Als iemand de uitgangspunten aanvaardt waarop de meeste religieuze identiteiten zijn gebouwd, volgt daar op vanzelfsprekende wijze uit dat hij zijn morele zorg onthoudt aan diegenen die deze uitgangspunten niet onderschrijven. Het behoeft geen betoog dat het lijden van degenen die zijn voorbestemd voor de hel nooit zo problematisch is als het lijden van rechtschapen.

192. Iedere cultuur die mannen en jongens opvoedt met het idee dat onfortuinlijke meisjes gedood in plaats van getroost moeten worden, is een cultuur die erin geslaagd is de groei van de liefde te vertragen. Zulke maatschappijen laten meestal na om hun inwoners allerlei andere zaken te leren – zoals lezen. Niet leren lezen is geen alternatieve vorm van geletterdheid, niet leren om anderen als doel op zichzelf te beschouwen is geen andere soort moraal. Het is een falende moraal.
Hoe kunnen we andere mensen aanmoedigen om hun enge kring van morele sympathie groter te maken? Hoe kunnen we leren om gewone mensen te zijn, onderhandelingen de nationale, etnische of godsdienstige identiteit? We kunnen redelijk zijn. Het ligt in de aard van de rede om het cognitieve en het morele blikveld in elkaar over te laten lopen. De reden is niets minder dan wachtpost van liefde.

225. De wereld krioelt van de slechte ideeën. Er zijn nog steeds plekken waar mensen ter dood worden gebracht wegens imaginaire misdaden (zoals blasfemie) en waar het onderwijs aan kinderen bestaat uit het leren opdreunen van passages uit een oeroud boek vol godsdienstige ficties. Er zijn landen waar vrouwen bijna geen enkele vrijheid kennen, behalve die om kinderen te krijgen. En juist deze maatschappij zijn snel bezig angstaanjagende arsenalen van geavanceerde wapens op te bouwen. Als we de derde wereld, en vooral de islamitische wereld, niet kunnen inspireren om doelen na te streven die overeenstemmen met de wereldwijde beschaving, dan wacht ons allemaal een duistere toekomst.(...)

Als een godsdienstoorlog ooit ondenkbaar wordt (zoals slavernij en kannibalisme dat nu bijna voor ons zijn), dan zullen we het dogma van het geloof hebben afgeschaft. Als ons tribalisme ooit plaatsmaakt voor een bredere morele identiteit, zullen onze godsdienstige overtuigingen niet langer beschermd zijn tegen het tij van echt onderzoek en kritiek. Het wordt tijd om te beseffen dat het een vorm van kwaad is om kennis te veronderstellen waar alleen vrome hoop bestaat. Waar de overtuiging omgekeerd evenredig toeneemt met de rechtvaardiging voor die overtuiging, zijn we de basis van de menselijke samenwerking kwijtgeraakt. Waar we redenen hebben voor wat we geloven, hebben we geen behoefte aan geloof; waar we geen redenen hebben, zijn we zowel onze band met de wereld als met elkaar kwijt. Mensen die sterke overtuigingen hebben zonder dat daar bewijzen voor zijn, horen in de marge van de maatschappij thuis, en niet in de paleizen van de macht. Het enige wat we met betrekking tot het geloof van mensen moeten respecteren, is hun verlangen naar een beter leven in deze wereld; hun zekerheid dat dit in een volgende wereld op hen wacht, hadden we nooit hoeven respecteren.

229. De menselijke psyche heeft twee grote ziekten: de drang om generaties lang vendetta’s te voeren en de neiging om mensen groepsetiketten op te pakken in plaats van hen als individuen te zien. De godsdienst van Abraham sanctioneert beide in sterke mate – en vormt met beide een explosief mengsel. Slechts mensen die bewust blind zijn, zien niet dat godsdiensten een kracht vormen die tweedracht zaait bij de meeste, zoniet alle gewelddadige conflicten in de wereld van vandaag. Religie is ongetwijfeld de belangrijkste belemmerende factor in het Midden Oosten. Zij die jarenlang beleefd hun minachting voor de gevaarlijke collectieve waan van de godsdienst hebben verborgen, dienen op te staan en hun stem te laten horen. De zaken zijn veranderd. ‘Alles is veranderd, uitermate veranderd’. Richard Dawkins

Reacties graag naar mailadres.