Er is nog zo veel dat ongezegd is. (Rutger Kopland)

Dupslog
Dupslog

Philipp Blom – De opstand van de natuur.

12 augustus 2017

Philipp Blom – De opstand van de natuur.

Een geschiedenis van de kleine ijstijd (1570-1700) en het ontstaan van het moderne Europa
De Bezige Bij 2017

Dit is een mooi opgebouwd essay over een mogelijk verband tussen klimatologische wijzigingen en maatschappelijke veranderingen, voornamelijk in Europa. De kleine ijstijd heeft volgens Philipp Blom een belangrijke en positieve rol gespeeld bij de ontwikkeling van het liberale kapitalisme en de snellere globalisering van de moderne economische en politieke ontwikkelingen.

242. Maar Europa had zich binnen enkele generaties radicaal veranderd – ook omdat de gevolgen van de klimaatverandering zo ver in het noorden bijzonder ingrijpend waren en innovaties dringend noodzakelijk maakten. Natuurlijk vonden die veranderingen niet in direct causale zin plaats vanwege de klimaatverandering. De crisis van de op graan gebaseerde landbouw betekende, wegens de verkorte plantengroei door de afkoeling, veeleer een economische belasting van de sociale structuren in Europa, die gunstig was voor vernieuwingen en tot dan toe ongekende mogelijkheden opende voor de dragende krachten van nieuwe praktijken, nieuwe kennis en nieuwe ontdekkingen – de leden van een groeiende ontwikkelde middenklasse.

In essentie is ‘De opstand van de natuur’ een pamflet over de gevolgen van vaker voorkomende klimaatswijzigingen – zonder belangrijke invloeden van de mensen – bedoeld als waarschuwing voor vergelijkbare ontwikkelingen al dan niet beïnvloed door bewuste menselijke activiteiten en slordigheden.
Over de olifant in de kamer wordt echter galant gezwegen: de snelle bevolkingstoename en de verschrikkelijke gevolgen hiervan voor migratiegolven en uitroeing door oorlogen, ziekte epidemies die ons nog te wachten staan.
Ook daarvan zijn nogal wat voorbeelden te geven uit de geschiedenis.
Naar het einde toe evolueert Bloms essay echter naar een neomarxistisch pamflet genre Lenins ‘Imperialisme als hoogste stadium van het kapitalisme’.
Dat had veel beter gekund en dus spijtig voor een schitterende auteur van boeken als

‘Alleen de wolken. Cultuur en crisis in het Westen 1918-1938’.

De duizelingwekkende jaren. Europa 1900-1914.

Het verdorven genootschap

273. De ontwikkelingen in de komende decennia en de politieke instabiliteit die ermee gepaard gaat, zullen meer mensen ontvankelijk maken voor de influisteringen van de autoritaire droom. De pressie op onze samenlevingen om te veranderen zal door de klimaatverandering en de automatisering sterker worden, maar een echte hervormingspolitiek zal niet aangeboden worden en niet door de kiezers worden gee?ist. Hun doel is het behoud van de status quo. Het conflict tussen de liberale droom en het autoritaire tegenbeeld ervan zal in de toekomst heftiger, principie?ler en scherper uitgevochten worden, de gelijkheid en de vrijheid van alle mensen zullen in toenemende mate in twijfel worden getrokken en aangevallen.

276. De liberale droom vertegenwoordigt niet de vooruitgang, de waarheid of de wet van de geschiedenis. Het is een verhaal met concrete, historische wortels, een verhaal, zo kun je betogen, dat bewezen heeft humaan en nuttig te zijn. Maar de historische analyse van zijn ontstaan blijft ambivalent: alleen samenlevingen die economisch floreerden en politiek stabiel waren, konden de idealen van de liberale droom schragen door instellingen om de rechten en vrijheden ervan opeisbaar te maken. Maar aan die welvaart kleeft, net als aan Voltaires zakken met rietsuiker, ook het bloed van slavernij en koloniale onderdrukking.
Achter het idee dat de liberale droom humaan is, gaat een bepaald mensbeeld schuil, een geloofsartikel dat probeert de mens tegelijk individueel en universeel te zien en dat aan het menselijk leven juist vanwege zijn toevalligheid en kwetsbaarheid een on- vervreemdbare waarde toekent – een hoop en een belofte die steeds weer moeten worden ingelost om niet te verdorren.
Ook volgens behoedzame prognoses die een stijging van de temperatuur van twee graden Celsius op aarde voorspellen, koersen onze samenlevingen op onvoorspelbare veranderingen af. De sociologe Saskia Sassen beschrijft aspecten van die wereldwijde verandering, die sterk doen denken (al hebben ze geen betrekking op de veranderde temperatuur) aan conflicten als de enclosures-discussies en de trek naar de stad tijdens de kleine ijstijd: ‘Een belangrijke verklaring voor die migratiebewegingen is extreem geweld. Jongeren uit Midden-Amerika vertellen dat ze vooral gevlucht zijn voor het geweld in de steden, voor gangs, maar ook voor de politie. Een andere oorzaak is dertig jaar ontwikkelingspolitiek, die veel dood land heeft achtergelaten. De plantage-economie, de landroof, de mijnen – dat alles heeft miljoenen mensen uit hun eigen streek verdreven. Maar ze worden amper opgemerkt, omdat ze officieel niet als vluchteling worden erkend. Hele landstreken zijn intussen onbewoonbaar. De klimaatverandering heeft een stijgende zeespiegel en steppevorming tot gevolg en reduceert de vlakten nog meer. De enige optie voor de slachtoffers is de trek naar de grote slums in de steden. Of, als ze het zich kunnen permitteren, emigratie.
Alles wordt anders. De migratiebewegingen, de strijd om de distributie, oorlogen en confrontaties in de komende decennia zullen onze samenlevingen schokken en veranderen. Maar dat conflict zal slechts voor een klein deel met wapens worden uitgevochten. Uit de rivaliteit ontstaan twee dromen, verdeeld over uiteenlopende belangengroeperingen.
De liberale droom, die enkele denkers uit de zeventiende eeuw durfden te dromen, is nog geen vierhonderd jaar oud en pas sinds drie generaties, althans volgens de officie?le retoriek, de grondslag van de internationale politiek. Drie eeuwen van discussies, revoluties en vervolgingen waren nodig om van mensen- rechten en open samenlevingen een politieke realiteit te maken. Vernietiging ervan kan veel en veel sneller gaan.
Maar naast de ree?le politieke bedreiging van buitenaf door autoritaire ideee?n kent de liberale droom ook een bedreiging van binnenuit. De sociale overwinning van de liberale droom en zijn voorliefde voor vernieuwing, onderzoek, expansie en vooruitgang zijn samengesmolten met het model van de economische groei en de uitbuiting, dat ook uit de zeventiende eeuw stamt en in die tijd de eerste steen voor de mondiale overheersing door Europa heeft gelegd, maar dat intussen wel heeft geleid tot een existentie?le, ecologische en sociale bedreiging. Als de vrijheid van het individu wordt gei?nterpreteerd als de vrijheid alles te doen wat winstgevend is, dan hoeft niemand zich over een paar decennia of eeuwen meer druk te maken over het wel- zijn van de liberale droom – de overlevenden hebben dan wel wat anders aan hun hoofd.
De liberale droom dreigt te stikken in zijn eigen oververhitte verwachtingen. Om doelen te verwezenlijken koos het voor Mandeville, voor productiviteit, groei, hebzucht en consumptie. Net als in mercantilistische tijden gaat het erom internationale markten te ontsluiten en ze effectief te koloniseren door landaankoop en subsidies, want de wet van de groei vereist steeds grotere afzet. Zo worden invloedssferen gecree?erd en geschonden, en natuurlijke bronnen uitgeput. De wereldhandel is al heel lang een oorlog met andere middelen.
In Mandevilles bijenkorf begint de was te smelten. De dieren merken het, worden onrustig, vliegen sneller, slepen meer aan, vermenigvuldigen zich, bouwen nieuwe muren, verdedigen zich tegen binnendringers, zoemen woedend om elkaar heen. Het gefladder van vele miljoenen vleugels verhit de lucht. De bijen weten dat dit alles niet van lange duur kan zijn, maar ze willen meer, het zijn bijen, ze kunnen niet anders. Weldra zal de bijenkorf onbewoonbaar zijn en ze zullen elkaar te lijf gaan, een heel volk in een nihilistische strijd om te overleven. De imker komt niet als ze op hem hopen. Ze werken aan hun ondergang. Het zijn bijen, ze kunnen niet anders.


Spijtig genoeg worden er ook nogal wat slordigheden en onduidelijkheden aangehaald ter argumentatie.
137. De grote Franse historicus Fernand Braudel beschrijft een verstedelijkte wereld die ons wonderlijk vertrouwd voorkomt. De rijken werden rijker, de armen armer, de kosten van levensonderhoud in de steden stegen, en inflatie werd een permanent probleem.

terwijl juist uitgebreid  economisch onderzoek net het omgekeerde aantoont: de rijken worden rijker en de armen minder arm, overal ter wereld in liberale economieën en aanverwante vormen van sociaal kapitalisme.

Ook onbegrijpelijk lijkt mij:


 227. Het noordoosten van Europa was de graanschuur van het continent en exporteerde graan via Amsterdam tot in de gebieden rond de Middellandse Zee. De internationale handel maakte het mogelijk slechte oogsten op te vangen, maar vergrootte tegelijkertijd wel de behoefte aan geld.

Door de klimaatwijziging in de kleine ijstijd ontstond er naar verluidt een zeer groot tekort aan graan in westelijk, midden en Zuid Europa wat dan door een florissante graanhandel vanuit het noorden en Scandinavië via Amsterdam werd aangevuld.

Alsof het in Skandinavië dan warmer was geworden?

216. Maar de groeiende macht van de steden schiep een eigen soort gedeelde ervaring onder de diverse groepen, die vaak heel dicht op elkaar leefden. Een lot als dat van Spinoza, die als kind van vluchtelingen en balling in eigen land een nieuw bestaan moest opbouwen, is typerend voor de zich ontwikkelende stedelijke wereld, die vooral nieuwkomers van hun roots beroofde en conflicten opriep, en uit die conflicten – en uit de op elkaar botsende perspectieven en werkelijkheden – bloeiden vaak nieuwe ideee?n en kansen op. Net als tegenwoordig betekende in die tijd migratie ook steeds conflicten tussen de generaties, en net als tegenwoordig verrijkte het resultaat van die confrontatie de stedelijke cultuur.

218. Als rentmeesters zetten de Oekrai?ense en Poolse adel vaak Joden in, wier opdracht het was een hoge productiviteit te realiseren, de kosten laag te houden en belastingen te heffen. Al in de zeventiende eeuw werden Joden in de ogen van de gewone bevolking daarom het gezicht van een (vroeg)kapitalistische orde, die hen onderdrukte. Het verband tussen strenge winters, kleine oogsten en honger was voor hen kennelijk toereikend; het idee van een grote wereld, waarin graan uit de Oekrai?ne tot in Italie? en Spanje verkocht en gegeten werd en de landeigenaren in hun kastelen en stadspaleizen rijk maakte, was te abstract, te onbegrijpelijk voor mensen die lezen noch schrijven konden, noch zich ooit meer dan een paar kilometer van hun geboortehuis hadden verwijderd. Ze zagen de Joodse beheerder en waren erop gebrand wraak op hem te nemen. Dat deden ze zodra de mogelijkheid zich voordeed, vaak op beestachtige wijze.

242. Maar Europa had zich binnen enkele generaties radicaal veranderd – ook omdat de gevolgen van de klimaatverandering zo ver in het noorden bijzonder ingrijpend waren en innovaties dringend noodzakelijk maakten. Natuurlijk vonden die veranderingen niet in direct causale zin plaats vanwege de klimaatverandering. De crisis van de op graan gebaseerde landbouw betekende, wegens de verkorte plantengroei door de afkoeling, veeleer een economische belasting van de sociale structuren in Europa, die gunstig was voor vernieuwingen en tot dan toe ongekende mogelijkheden opende voor de dragende krachten van nieuwe praktijken, nieuwe kennis en nieuwe ontdekkingen – de leden van een groeiende ontwikkelde middenklasse

Reacties graag naar mailadres.