Er is nog zo veel dat ongezegd is. (Rutger Kopland)

Dupslog
Dupslog

Ignaas Devisch, Het empatisch teveel. Op naar een werkbare onverschilligheid.

30 oktober 2017

Ignaas Devisch, Het empatisch teveel. Op naar een werkbare onverschilligheid.

uitg. De Bezige Bij 2017

Ignaas Devisch heeft met dit boek een duidelijke stap gezet temidden van het verontwaardigde amalgaam van beschuldigingen waarmee de burgers tegenwoordig om de oren worden geslagen voor het hogere en vooral goede doel. ‘Op naar een werkbare onverschilligheid’ is een stapsteen geworden waarop de lezer kan steunen met de stemme.

23. De vragen die ik de lezer wil voorleggen zijn daarom deze: zou het kunnen dat er tegenwoordig niet zozeer sprake is van een empathietekort, maar eerder van een empathisch teveel? Zijn we misschien vergeten waarom onverschilligheid nuttig en zelfs noodzakelijk kan zijn om een samenleving draaiende te houden? Natuurlijk hebben we empathie nodig. Onverschilligheid zonder enige vorm van empathie is niet werkbaar, maar omgekeerd geldt hetzelfde: een bepaalde mate van onverschilligheid ontslaat ons van de onmogelijke opgave om aanhoudend en tegenover iedereen empathisch in het leven te staan. Die onverschilligheid, indien gekoppeld aan een overheid die haar middelen rechtvaardig probeert te verdelen, maakt de samenleving werkbaar. Slechts vragen om meer empathie biedt geen uitweg.

66. Empathie kan niet de enige basis vormen voor ons moreel kompas, omdat het vooral inzoomt op het hier en nu, daardoor met een vernauwde blik naar de wereld kijkt. Kortom, empathie neigt tot bewustzijnsvernauwing. Je kunt geen samenleving besturen door je in je handelen ten opzichte van anderen alleen of voornamelijk te laten leiden door spontane gevoelens van sympathie of antipathie voor mensen.


Meer nog, het lezen van ‘Het empathisch teveel’ kan helpen om het eigen goed gevoel te relativeren in maatschappelijke kwesties. Het boek helpt enige verhelderende afstandelijkheid te koesteren bij het oordelen in plaats van meegesleept te worden door het heerlijke moraliseren om het goede te doen om het eigen goed gevoel.
122. Anders gezegd, verontwaardiging verschaft ons het gevoel aan de juiste kant van de moraal te staan. De humanistische psycholoog Erich Fromm verwoordt dit aldus:

Er bestaat misschien geen fenomeen dat meer destructieve gevoelens bevat dan ‘morele verontwaardiging’, omdat het toelaat vijandelijkheid of haat voor deugd te laten doorgaan. De ‘verontwaardigde’ persoon kent voor een keer de genoegdoening om op een ander neer te kijken en die als minderwaardig te behandelen en, daaraan verwant, het gevoel van zijn eigen superioriteit en rechtschapenheid.


Als eerste denker in het Nederlandse taalgebied heeft Ignaas Devisch de moed gehad om deze ‘empathie’ – kwestie ernstig te bevragen. Hij gaat echter verder en pleit voor een werkbare onverschilligheid, als fundament van onze sociale zekerheid, die ondermijnd wordt door oproepen tot caritas en empathisch medeleven.
159. tot een goed evenwicht moeten komen tussen voldoende empathie op intermenselijk vlak en andere principes die empathie aanvullen op maatschappelijk vlak en een werkbare onverschilligheid tegenover anderen innemen.

Een werkbare onverschilligheid klinkt negatief, maar stel je het omgekeerde voor, dat er geen onverschillige mechanismen zijn of dat je je met alles en iedereen evenveel betrokken zou moeten voelen. Dit empathisch teveel zou van het dagelijkse leven een verschrikkelijke zaak maken en ons morele systeem totaal overbelasten.


Wat natuurlijk niet belet dat de solidaire empathische bevraging van de sociale zekerheid – zonder het ‘voor wat hoort wat’ principe – finaal de mist in zal gaan wegens onhoudbaar. Dank zij de grote traditie van het Mimetische Diagnostische en Therapeutische Multiplicator Effect, of het slaafse denken in veilige analogieën, wordt de financiering van een dergelijke empatisch gestuurde uitdijende sociale zekerheid onhoudbaar. Zelfs als alle rijken de crisis betalen.

Menselijke solidariteit heeft immers lang niet alleen maar goeds opgeleverd.
Het gedrag van voetbalhooligans en politieke of religieuze extremistische rellen zijn ook gebaseerd op solidariteit tussen de deelnemers onderling. Groepsgewijs georganiseerde uitkeringsfraude steunt evenzeer op onderlinge solidariteit. Beurshandelaars en -makelaars kennen alles van empathie en solidariteit als hun banken dreigen om te vallen.
Vaak wordt onze empathie bevraagd om ons solidair op te stellen.
Maar dat is geen eenvoudige opdracht wanneer werkloze autochtonen merken dat de arbeidsmarkt verstoord wordt door immigranten die uitgestuurd werden om kapitaal voor het thuisfront te vergaren. Vraag en aanbod worden zo van buitenaf verstoord.

Bij solidariteit, empathie, compassie en steun is het veralgemenen van principes bijna altijd onzinnig aangezien er geen gelijkheid bestaat tussen mensen onderling.

‘Empathie is wat ons menselijk maakt, objecten en subjecten van morele zorg. Empathie verraadt ons echter als we het als morele gids proberen te gebruiken.’ - Paul Bloom.

vrt deredactie.be blog: Over misbruik van empathie en solidariteit

 

 

27. Ook al kunnen we ons goed in de situatie van anderen inleven, empathie vrijwaart ons niet van geweld of bedrog. Een indringend besef van onze aangeboren schurkachtigheid moet ons wapenen tegen de ontsporingen die kunnen ontstaan als we vasthouden aan het idee dat we ons van alle kwaad en alle conflicten kunnen bevrijden, als we elkaar beter leren kennen.

32. Empathie is het vermogen je in te leven in en mee te voelen met wat je denkt dat de belevingswereld van anderen is.

Empathie verwijst naar onze capaciteit om rekening te houden met de gevoelens van anderen. De morele neiging om empathisch te handelen kan uit die capaciteit voortvloeien, maar dat hoeft niet.

58. Vergelijk eens een nieuwsuitzending van nu met een van dertig jaar terug. Niet alleen valt op hoe traag en saai de uitzendingen van toen waren in vergelijking met de huidige, maar ook hoe afstandelijk het nieuws werd gepresenteerd. De mens achter de journalist mocht het nieuws vooral niet in de weg staan. Nu zijn vele nieuwsprogramma’s genoemd naar de journalist die ze presenteert en de journalisten worden geacht mee te leven bij het nieuws dat ze brengen; ze moeten boos kijken bij geweld, zichtbaar aangeslagen zijn bij een ongeval en gelukkig bij de geboorte van een panda. Het is als het ware empathie tot de tweede macht: de toeschouwers identificeren zich met de journalist die zich inleeft.

67. Rationaliteit en emotionaliteit gaan vaak hand in hand en hoeven elkaar daarom geenszins uit te sluiten. Rationele criteria hebben vaak een morele of empathische basis, zoals wanneer je het goed vindt bepaalde zaken op rechtvaardige wijze onder de bevolking te verdelen. Maar als we maatschappelijke problemen reduceren tot een kwestie van empathie, of het gebrek daaraan, dan gaat het uitsluitend om het ontwikkelen van een goed gevoel als je anderen helpt.

77. Empathie is ook uitermate vatbaar voor misleiding en manipulatie. Doordat empathie uitgaat van een moreel buikgevoel – dixit Ruben Mersch – wordt het vaak bepaald door factoren die ethisch arbitrair zijn. En dan wordt het pas echt een linke boel. Empathie is sterk vatbaar voor manipulatie, zeker wanneer het op krachtige emoties aankomt. Of beter, empathie werkt vooral bij sterke emoties, en dat maakt de zwakte ervan duidelijk.

99. Normaliter werken ons inlevingsvermogen en de bereidheid om hulp te bieden volgens de volgende formule, zo stellen Bodelier e.a. in een artikel dat ingaat op Ash’ theorie van morele globalisering in de context van ontwikkelingshulp. Morele globalisering werkt volgens hen doorgaans op basis van de volgende formule:

h= e:a

h staat voor Hulp, e voor Ellende en a voor afstand. Hulp is ellende gedeeld door afstand. Anders gezegd, hoe groter de afstand, fysiek of emotioneel, hoe kleiner de kans dat we iets aan de ellende van anderen willen doen. Kleine ellende dicht bij huis slorpt onze aandacht meer op dan grote ellende ver weg. Wie samenleeft met anderen zal zich doorgaans meer om hen bekommeren dan om volstrekte vreemden, ook al kunnen die laatsten onze hulp beter gebruiken dan de eersten.

Als gevolg van morele globalisering komt de formule h= e:a onder druk te staan. Wereldwijd gebeurt er zo ongeveer elke week wel een ramp die onze aandacht verdient maar die onmogelijk altijd kan krijgen. Zoals ik aan de hand van de slogan ‘je suis’ al liet zien, kun je onmogelijk met alle ellende ter wereld tegelijkertijd of in gelijke mate betrokken zijn.

100. Morele globalisering maakt de limieten van empathie zichtbaar. Empathie, zo beargumenteert onder anderen De Waal, is ontstaan om de eigen kleine groep van naasten bijeen te houden. Daardoor past empathie eerder binnen een kleine leefgemeenschap dan in een complexe wereld. Hoe groot ook de actieradius van ons inlevingsvermogen, empathie zal altijd selectief werken. Als de goede doelen ons om de oren vliegen, hoe kom je dan tot een keuze?

119. Mensen hebben door ervaring geleerd dat zij onmogelijk zonder een samenleving kunnen bestaan en dat het onmogelijk is om de samenleving staande te houden als ze tegelijkertijd de vrije teugels aan hun hartstochten laten. ( Hume) ?

160. Werkbare onverschilligheid betekent niet dat we hardvochtig voor elkaar mogen zijn. Werkbare onverschilligheid is een noodgedwongen ontlasting van het morele systeem, opdat we niet aanhoudend empathisch hoeven te zijn met betrekking tot het leed dat zich in de wereld voordoet of heeft voorgedaan. Empathie werkt, omdat het selectief is. Het is veel geven aan weinigen, omdat die weinigen dat goed kunnen gebruiken. Maar dat is iets anders dan met al het leed in de wereld moeten meeleven.

163. Wie geen grenzen markeert, hetzij aan empathie en naastenliefde, hetzij aan solidariteit en rechtvaardigheid, creëert een eigen grenzeloosheid. Dan willen goede bedoelingen wel eens op hun tegendeel uitlopen. Om die gedachte samen te vatten eindig ik met de vragen die Bas Heijne ons in Moeten wij van elkaar houden voorlegt: ‘Misschien hoeven we niet van elkaar te houden. Misschien hoeven we elkaar niet eens aardig te vinden.’ De vraag stellen, is haar beantwoorden: onverschilligheid kan werkbaar zijn.

Reacties graag naar mailadres.