Er is nog zo veel dat ongezegd is. (Rutger Kopland)

Dupslog
Dupslog

Hans Schoots, Maoïstische Memoires.

10 september 2018

Hans Schoots, Maoïstische Memoires.

uitg. SSP Amsterdam  2018

Hans Schoots heeft een uitgebreid onderzoek gedaan naar het Maoïsme in Nederland. Hij put daartoe grondig uit zijn eigen ervaringen van anderhalf decennium diepe betrokkenheid binnen de verschillende partijen en bewegingen. Uit dat Maoïsme is bij onze noorderburen niet alleen een reeks politici van GroenLinks maar een hele partij, de SP, voortgekomen. 

Zijn analyses voor Nederland zijn goed onderbouwd en hij weet ze met respect, moed en tederheid te formuleren. Zijn belangrijkste conclusies gelden echter voor iedere vergelijkbare sectaire beweging van zuiveren, religieus of politiek, binnen en buiten Europa. 

Primo Levi, Les Naufragés et les Rescapés, la Zone Grise wordt over een vergelijkbare periode en beweging in Frankrijk geciteerd in  La France d’hier

RÉPLIQUES 11/08/2018 ‘Qu’est ce que la France d’hier et est-elle différente du monde d’après 68 ? Jean-Pierre Le Goff répond à Alain Finkielkraut.’

Ce sont surtout les jeunes qui demandent que les choses soient claires, que la séparation soit franche entre les justes et les réprouvés, leurs expériences du monde étant pauvres, la jeunesse n’aime pas l’ambiguité. (...) La jeunesse est angélique et manichéenne.


39. Onbehagen, ook omdat wij, de kritische jeugd, bij al onze eigen welvaart zagen dat het elders in de wereld anders was. De extreme versie hiervan was: wij aanvaardden geen wereld waar iets mis is. Mar het was ook compassie. We geloofden dat wij uit het westen veel onrecht in de wereld hadden veroorzaakt. 

41. Jan Blokker heeft de sfeer ooit ironisch samengevat de titel van een van zijn boeken: Ben ik (eigenlijk) wel links genoeg? Een vraag die velen zich (en anderen) inderdaad constant stelden. 

30. ‘Overbodig te vermelden dat Lenin zelf behoorde tot de voorhoede waaraan het volk zich ondergeschikt moest maken, nadat paternalisme Lenin op eigen houtje heeft uitgemaakt dat het volk niet kan “zonder ondergeschiktheid en zonder controle”. 

Teruglezend geeft mijn beginnersepistel vrij goed aan wat er zo fundamenteel fout is aan het marxisme-leninisme.

Samengevat komt het hierop neer:

De partij weet het beste wat goed is voor de arbeidersklasse en het volk. 

Daarom is het in hun belang die partij aan de macht te brengen.

Omdat anderen deze waarheid in de weg staan moeten zij na de revolutie tot zwijgen worden gebracht. 

Maar ook de arbeiders en het volk zelf weten zonder ‘hun’ partij niet wat goed voor ze is. 

Wanneer ze de partij niet volgen zijn ook zij dus vijanden van de arbeidersklasse. 

Het elimineren van al deze vijanden is noodzakelijk, want het kan niet zo zijn dat de schitterende, door de partij gewezen toekomst te grabbel wordt gegooid omdat bepaalde lieden het maar niet willen begrijpen. 

De dictatuur van het proletariaat is dus, ook volgens de theorie, de gewelddadige dictatuur van de partij over allen. 

(…)

Je werd meegesleept in een stroom, hoe klein die van grotere afstand gezien misschien ook was. Mijn overgang naar het maoïsme was daarmee ten dele ook wat Frits Bolkestein eens een gebrek aan intellectuele integriteit heeft genoemd: niet bereid zijn voor de eigen overtuigingen isolement te riskeren en daarom maar van onafhankelijk denken afzien. Bolkestein heeft geloof ik zelden eenzaamheid en persoonlijk isolement geriskeerd, maar hij had op dit punt wel gelijk. 

Niet de ratio gaf dus de doorslag bij mijn besluit van mening te veranderen en ik ben ervan overtuigd dat het bij vele anderen in hun keuze voor het maoïsme net zo irrationeel toeging. Achteraf gezien wilde ik mij laten overtuigen en als je die houding eenmaal hebt, gebeurt het ook. Ik had er gewoon genoeg van op mijn eentje een eigen wereldbeschouwing uit te dragen met mijn eigen stencils, maar wilde ook niet afzien van een grootse visie en bovendien nu eindelijk eens actie.

52. Samenvattend zie ik de volgende redenen waarom wij het maoïsme omarmden: ‘

  • Persoonlijke neiging tot extremisme, utopisme of drang tot radicale strijd tegen dagelijks onrecht. 
  • Bereidheid het eigen onafhankelijke denken op te geven.
  • Deel zijn van een groep gelijkgestemden, bijvoorbeeld op universiteit of academie, die zich gezamenlijk in dezelfde richting beweegt.
  • Via abstract denken tot een overtuiging komen. Die kan hierdoor ver afstaan van de maatschappelijke realiteit en gemakzuchtig en rechtlijnig zijn‚ inclusief lichtvaardige afwijzing van de hele bestaande samenleving.
  • Een bredere stemming in de samenleving, in dit geval de ‘linkse consensus’. 
  • Het gevoel te behoren tot een generatie met een gemeenschappelijke bestemming. 
  • Het gevoel te behoren tot een wereldwijde beweging. 
  • Speciaal in het zuiden van Nederland: er leek ter linkerzijde weinig alternatief te zijn. 

121. De jongere generatie in Duitsland zette zich af tegen de oudere die de oorlog had meegemaakt, maar besefte niet dat ouderen zoals Brandt, die van jongs af aan tegen de nazi’s  was geweest, juist voor een terugkeer naar vroeger tijden vreesden door toedoen van die radicale jeugd. 

125. Het Kwaad willen uitdrijven komt op de een of andere manier maar zelden de gedachte op dat iets wat niet deugt ook weleens vervangen zou kunnen worden door iets ergers.

218. Een rest uit de communistische traditie die wel voor het nieuwe doel kon worden aangewend was de bekende  kritiek-zelfkritiek, een methode die immers ook met een totaal andere inhoud dienst kan doen. Kritiek-zelfkritiek betekende in de Nederlandse maoïstische organisaties, inclusief lange tijd de KEN zelf, een bespreking van iemands politieke opvattingen en activiteiten, inclusief de daarachter eventueel vermoede ‘burgerlijke ideologie‚ maar de privésfeer bleef er grotendeels buiten. Voor agressief wroeten in de persoonlijke levenssfeer moest je eerder op de Sociale Academie zijn, waar in de eerste helft van de jaren zeventig methoden als Sensitìvity Trainìng (Encounter) in zwang waren, die iemand in een groepsproces ‘door provocatie’ tot de grond toe afbrandden‚ natuurlijk om het slachtoffer daarna weer op te bouwen. Ik voel me niet geroepen dit onderwerp wetenschappelijk uit te diepen, maar heb er genoeg schadelijke resultaten van gezien om er een voorlopig oordeel over te hebben: onder de Rotterdamse KSB-leden waren in de tijd waarin ik er woonde veel sociale academiestudenten en menigeen verkoos onze kritiek-zelfkritiek boven de destructie waar je op de academie slachtoffer van kon worden. 

Reacties graag naar mailadres.