knee compression sleeve

Er is nog zo veel dat ongezegd is. (Rutger Kopland)

Dupslog
Dupslog

Archief

Turnhouts Burgemeester Marcel Hendrickx, de kroniek van een aangekondigd ontslag.

9 februari 2008

Gevraagd door Knack om een bijdrage voor het regionale addendum over het nakende ontslag van Marcel Hendrickx als burgemeester van Turnhout hierbij de volledige tekst:

Marcel Hendrickx is een burgemeester die Turnhout niet licht zal vergeten, noch in de galerij van zijn voorgangers, noch in wat hij voor de stad gerealiseerd heeft.
Na bijna 150 jaar absolute meerderheid is hij erin geslaagd om zijn christen-democraten verder op de stedelijke troon te laten balanceren met een liberale partij. Eindelijk konden zo de stadsfinanciën gesaneerd worden.
Wanneer zijn liberale partner voor het leven aan verjongde overmoed ten onder ging, werd ze behendig ingeruild voor een nieuwe onzekerheidsfactor van minder overmoedige sociaal-democraten.
Ook in de eigen zuil was Marcel Hendrickx een charmante evenwichtskunstenaar, die Machiavelli’s precepten voor het behoud van macht met bedrevenheid kon hanteren: behoedzaam en indringend op het openbare theater van het stadsbestuur, uitputtend en hard waar het in de coulissen nodig werd geacht.
Turnhout en de lokale cd&v voeren er goed bij: na een gemiste fusie werd Turnhout toch maar één van de Vlaamse centrumsteden – zij het de kleinste – met de Warande als beste Cultureel Centrum. Burgemeester Hendrickx viel binnen de Kempense cd&v op omdat hij een ‘stedelijke samenlevingsconcept’ herkent als de toekomst van Vlaanderen, waar het leuke landelijke leven immers nooit meer terugkomen zal. Hij wist zijn ploeg te sturen in een ongeziene public relations campagne voor de hoofdstad der Kempen. Hij buitte daarbij de kracht van het uitgangsleven vakkundig uit met zijn zomerse Vrijdagen. Intussen zijn deze podiumacts tot ver buiten de grenzen een begrip met artiesten van over de hele wereld. Het lokale bedrijfsleven werd daarbij grondig bevraagd, wat een probleem kan worden want zijn krediet lijkt in deze eerder persoonlijk en dus moeilijk overdraagbaar.
Wie zo lang op de voor- en achtergrond van het Turnhoutse politieke leven gespeeld heeft, als spits en spelverdeler, heeft ongetwijfeld pijnlijke dingen meegemaakt en veroorzaakt. Hij heeft veel al dan niet zelfbenoemd aanstormend talent moeten teleurstellen.

Het dilemma van de troonopvolging is immers altijd verscheurend. Zeker voor wie zo lang de hamer van de burgervader heeft gehanteerd, loert de eenzaamheid om de hoek.

Marcel Hendrickx heeft tijdens al die lange jaren ook in enkele grote dossiers gefaald. De eindeloos aanslepende stadskanker van de oude Brepols fabrieksgebouwen op wandelafstand van de Grote Markt had hij veel sneller en eleganter kunnen oplossen. De fusie van het OCMW ziekenhuis St Elisabeth met het St Jozefziekenhuis heeft – ondanks een uitsluitend christen-democratische aangelegenheid – veel te lang aangesleept en kost de stad nog decennialang handenvol geld. Ook op het commerciële voetbalgebeuren heeft hij zijn tanden stukgebeten en een groot deel van het openbare stadspark uit handen gegeven voor een nieuw stadion met randgebeuren.
Er is nu mede dank zij de burgemeester een extra treinverbinding naar Brussel via Antwerpen, maar Turnhout blijft als kopstation voor de spoorwegen het einde van de wereld.
De omgeving van de Nieuwe Kaai met de sanering van de oude ijzergieterij van Allard en de Anco fabrieksgebouwen is een verhaal geworden van vallen en opstaan. De oorspronkelijke evenementenhal flopte, al keert de stad zich dankzij de jachthaven en de nieuwe woonprojecten steeds meer naar het water.

Daarin herken je een van de sterkste eigenschappen van de Turnhoutse burgervader. Ik heb hem zes jaar vanuit de oppositie in de gemeenteraad kunnen observeren en al die tijd is hij in mijn achting gestegen. Met zijn 72 jaar is deze vitale grootvader vaak in staat gebleken flexibel en efficiënt te reageren op problemen en kansen die zich aandienen. Recent nog herken je dat in zijn benadering van het probleem met hangjongeren en druggebruik in het stadscentrum. Feilloos kon hij de lammeren van de dealende wolven scheiden. Nog zo’n voorbeeld: Janssen Pharmaceutica bouwde fabrieken in China en de burgemeester van Turnhout (40.000 inwoners) zag kans om te jumeleren met Hanzhong (3,5 miljoen) in de provincie Shaanxi.
In China plegen gerenommeerde politici na hun carrière goudvissen te kweken. Het sierlijk wentelen van de vissen is een metafoor voor het eeuwig wentelende wiel van de geschiedenis. Het biedt rust aan de rand van het spiegelende water. Het houdt de geest vitaal, lijf en leden behoedzaam. Dat wens ik Marcel Hendrickx dan ook toe.

Archief

Vreemde dingen, surrealisme en design – Body politicx – Abattoir Fermé, Tinseltown

4 oktober 2007


Vreemde dingen, surrealisme en design
tot 13 januari 2008, Boijmans van Beuningen, Museumpark, Rotterdam. www.boijmans.nl.
Dirk Van Saene en Walter Van Beirendonck

De entree is fenomenaal: carwashconiferen borstelen je naar de troon van illusoire wellust. Maar dan wordt het kiezen, in het aanschijn van knipogende May West achter het lonkende comfort van haar lippen: links of rechts.
Houd rechts aan, draai en keer en verleer de machinerie van het poppentheater in stramme bewegende beelden langsheen vage reconstructies, didactische filmpjes en verbazende schouwtonelen waarin het oorspronkelijke kunstwerk niet eens meer opvalt.
Je dwaalt door een landschap van Dali , Miro, de Chirico, Ernst, Magritte, Delvaux en je verliest het noorden en het beeld.
Je merkt hoe anderen evenzeer dwalen, hoe we allemaal dwalen en de schaterlach missen van zelfverklaarde surrealisten. Met het oog op de commercie – vandaag heet dat design '? teerde hun succes op de conventies van de gevestigde burgerij. Vandaag rest er nauwelijks nog wat van die conventies, laat staan dat beeld- en gedachtekronkels van driekwart eeuw geleden toeschouwers nog kunnen provoceren, shockeren of doen wankelen.
Sommige werken verliezen hun kracht en diepgang in een dergelijke overweldigende en soms indringend intieme opstelling, een didactisch speelse compositie van de Antwerpse ontwerpers Dirk Van Saene en Walter Van Beirendonck.
Enkele settings zijn adembenemend Maar de kwaliteit hiervan is eerder het gevolg van de moeizame doorkijk die ze bieden in een wereld achter de zichtbare wereld van burgerlijke conventies en de provocatieve kunsten en ambachten.
En die zijn – ook bij Boijmans Van Beuningen '? zeldzaam: ' La reproduction interdite' uit 1937 van René Magritte toont de rug van zijn mecenas Edward James (1907 '? 1984), excentrieke zoon van schatrijke Amerikaanse spoorwegenmagnaten met Schotse en Engelse wortels. Zijn rug wordt gereproduceerd. Zijn aangezicht wordt niet gespiegeld, de roman van Edgar Allan Poe op de schoorsteen wel.

Van Man Ray staan er ook een paar die beklijven – L’Enigme d’Isidore Ducasse, 1920/1971
De titel van dit werk verwijst naar de bekende uitspraak van Isidore Ducasse in de ‘Chants de Maldoror’: “Schoon als de toevallige ontmoeting van een naaimachine en een paraplu op een snijtafel.
Het werk bestond oorspronkelijk alleen als foto. Pas in 1971 werd het als object uitgevoerd.
Cadeau/Audace, 1921/74 De titel van dit werk refereert aan een geà?mproviseerd geschenk dat Man Ray aan de componist Erik Satie gaf, toen hij de opening van dadaà?stische tentoonstelling, georganiseerd door Breton, Eluard en Aragon, bijwoonde.
Man Ray kocht samen met de componist een strijkijzer, spijkers en een tube lijm. Het resultaat werd onmiddellijk aan de tentoonstelling toegevoegd.
Man Ray: “Je kan hiermee een jurk in repen scheuren. Ik heb dit een keer gedaan, en heb een beeldschoon achttienjarig meisje gevraagd of ze dit wou dragen terwijl ze danst. Je zag haar lichaam door de jurk heen als ze bewoog. Het was net een brons beeld in beweging. Het was echt beeldschoon.”

De doorkijk in een wereld achter de zichtbare wereld verloopt moeizaam, vraagt zoeken en zuchten, scheuren en treuren, soms zelfs een strijkijzer van spijkers en lijm, en vooral het verlangen om te weten wat zich afspeelt achter het theater van de schone schijn.
Het helpt overigens ook om schoonheid te ontdekken in wat aan gruwel op de bühne beklijft.

Body politicx '? waarom heeft pornografie zo'n slechte reputatie?

Wat minder beklijft is Body politicx '? waarom heeft pornografie zo'n slechte reputatie? tot 16 december 2007 in Witte de With aan de gelijknamige zeeheldenstraat te Rotterdam.
Veel matrozen, weinig helden. Veel scheepsmeisjes en weinig vlootvoogden. Veel verhaal, weinig visionairs. Veel beeld en weinig inhoud.

' In de Middeleeuwen was seksualiteit in Europa een onbekend begrip. Seksuele gemeenschap en masturbatie werden als vanzelfsprekend beschouwd en niet met schaamte gestigmatiseerd. Ongeacht iemands geslacht werd het bevredigen van verlangens gezien als een manier om gezond te blijven. Pas in de zestiende eeuw, met de opkomst van de industrialisatie, de arbeidsdeling en, vandaar, een sterkere nadruk op sociale controle en zelfbeheersing, werd een gebrek aan seksuele discipline taboe verklaard en de seksualiteit naar het privé-domein verbannen. Het concept van de ‘moderne pornografie’ kwam op met de verbreiding van de boekdrukkunst in de achttiende eeuw. Aanvankelijk werd pornografie door vrijdenkers als instrument gebruikt om het religieuze en politieke gezag te bekritiseren, en niet primair als middel voor lustbevrediging. Pas met het voortschrijden van de industrialisatie en de uitvinding van de fotografie werd pornografie een afzonderlijke categorie.'

Al had ik in de stad van de verdinging van menselijke warmte en vocht meer verwacht van ‘lichaamspolitiek’. De verkoop van neurotische patronen – bij voorkeur als dat van honden '? heeft de fantasieën beperkt tot automutilerend herhalen. Met moeite herken je het repetitieve karakter van die neurotische patronen in het beton van de heipalen die monotoon in de doorzopen zandbak van de stedelijke ondergrond worden geslagen. Altijd weer, op en neer, heen en weer.

' Postpornografisch denken en handelen betekent dat de pornoficatie van de samenleving niet van een denkbeeldige buitenkant aangevallen moet worden, maar beschouwd moet worden als een arena voor een politiek – lichamelijke strijd. In tegenstelling tot de opvatting van pornografie als een tegen vrouwen gericht geweld om de 'traditionele' verhouding tussen de seksen te onderstrepen probeert deze stromingen via emancipatoire beelden en eigen vormconcepten tegengas te bieden aan de commerciële seksindustrie. Daardoor dient tevens een einde gemaakt te worden aan het onzalige bondgenootschap met die conservatieve en religieuze krachten die door het verdringen van seks juist onheilzame, donkere machten hebben gecreëerd die bezit hebben genomen van onze lichamen en lusten. Het postpornografische activisme bekrachtigt de vervreemding en de fetisj, de technische en de 'gemaakte' aspecten van seksualiteit ' aldus Thomas Edlinger in de slotbeschouwing van de handleiding: ' (Na) de pornografische omwenteling'

De pornoficatie van de samenleving loopt parallel met de vermarkting van diezelfde samenleving, waar alles te koop is voor wie wil en kan betalen. Wanneer openbare nutsvoorzieningen, de publieke ruimte, de gezondheidszorg, het onderwijs, het gevangeniswezen en het geweldsmonopolie worden geprivatiseerd, is het niet verwonderlijk dat ook menselijke gevoelens, verlangens en hun bevrediging op grote schaal als verhandelbare waar op de markt van welzijn en geluk wordt aangeboden, al dan niet op het wereldwijde web.

In sommige kringen is het al enkele jaren bon ton om de geliefde te verleiden tot het onuitwisbaar dragen van een ‘mooie’ tribal tattoo boven haar bilspleet, met jouw naam erin geëtst. Liefde kent immers geen grenzen.
De kunst van het tatoeëren is dan ook grenzeloos in het verdoezelen van horige namen die eens werden gedragen om te behagen, ook boven de ooit strakke bilpartijen.
Nieuw en nog treuriger is het fenomeen dat de slachtoffers van de loverboys hun eigen roepnaam boven hun bilnaad laten etsen: 'Opdat ze tenminste mìjn naam zouden roepen als ze klaarkomen!'

‘Toelaten van extreme porno met een beroep op emancipatie en vrijheid gaat voorbij aan de gewelddadige en duister aspecten van seks. ('?)
Seks is subliem. Subliem noemen we krachten die ons door hun onbegrensde, overweldigende of mateloze karakter kunnen vernietigen. Ze fascineren ons en trekken ons aan, maar ze boezemen ook, en niet zonder reden, angst in. ('?)
Beschaving is niet in de laatste plaats gelegen in de poging dergelijke sublieme krachten te domesticeren. De geschiedenis leert hoe moeilijk dat is. Het zou een illusie zijn te menen dat we die krachten ooit volledig zullen beheersen. Maar te denken dat het nalaten van het stellen van grenzen bijdraagt aan de menselijke vrijheid en emancipatie is zo mogelijk een nog grotere illusie.'
Jos de Mul Volkskrant 05102007

Netto blijft het een trieste en repetitieve bezigheid voor acute behoeftebevrediging bij gebrek aan fantasie, cultuur en uitgesteld genot. Je zou in ' Body politicx' spontaan nog gaan geloven aan een omgekeerd bewijs voor de sublimatietheorieën van wijlen Kanunnik Nuttin, destijds psychologieprof aan de KU Leuven.

‘Tinseltown' van Abattoir Fermé

De theatervoorstelling ' Tinseltown' van Abattoir Fermé ( De Warande te Turnhout) heeft iets van beide Rotterdamse tentoonstellingen: ' Zijn wij hier om te sterven, of om geboren te worden ?' (‘t Is tenslotte overal Turnhout, niet?)

Het antwoord is duidelijk: wij zijn hier in glitterstad voor allebei!
In Tinseltown moet de film 'L' autopsie phénoménale de Dieu' worden gerealiseerd en daartoe zijn alle middelen goed. Alleen zijn niet alle middelen even succesvol.
In de slotscène laat de aan lager wal geraakte filmregisseur Wilfried Patteet-Borremans '? een schitterende Chiel Van Berkel – in hetzelfde repetitieve ritme een van zijn engeloffers telkens weer ophijsen door een kraan, op en neer, op en neer, op-nieuw, op-nieuw : '?Mijn film gaat over onuitspreekbare, gruwelijke dingen. Ik zal u de horror tonen van de menselijke geest. Horror is universeel. We zijn allemaal bang van dezelfde dingen”.
Het heeft iets van de volgelingen van de Iraanse president Ahmadinejad die met enorme kranen hun slachtoffers met een strop om de nek van de grond trekken, langzaam maar onherroepelijk, mechanisch maar invoelbaar, zodat het wurgen zolang mogelijk duurt en de toeschouwer zo intensief mogelijk wordt geà?nstrueerd. Telkens weer, op en neer. Het regime van Ahmadinejad leeft ook van de zelf gefabriceerde, onuitspreekbare. gruwelijke dingen. Teheran als Tinseltown. Een nieuwe applicatie voor mobiele hijskranen.

“Vooruitgang bestaat niet. Dat wat wij vooruitgang noemen ligt in elke aardkloot besloten en gaat er samen mee teloor. Altijd en overal hetzelfde treurspel, hetzelfde decor, op hetzelfde smalle toneel, een luidruchtige mensheid bevlogen van zijn eigen grootsheid, die gelooft het universum in zichzelf te omvatten en in zijn gevangenis leeft als in een onmetelijkheid, om algauw tegelijkertijd met de wereldbol die hij langdurig op zijn schouders heeft gedragen, de last van zijn eigen trots, in te storten. Dezelfde eentonigheid, dezelfde onbeweeglijkheid van de buitenaardse hemellichamen. Het universum herhaalt zich eindeloos en maakt pas op de plaats. De eeuwigheid voert onverstoorbaar tot in het oneindige dezelfde voorstellingen op”. (L’éternité par les astres 1871. )
In dit citaat analyseert Louis Auguste Blanqui op het einde van zijn leven na tientallen jaren gevangeniservaring de maatschappij daarbuiten als een nog grotere gevangenis, een gesloten slachthuis vol verveling.
De globalisering die vandaag om zich heen grijpt, is als de grote Leviathan van Thomas Hobbes, de staat van relaties, die de hele aarde omspant met een world wide web van menselijk denken en handelen naar drijfveren die eigen zijn aan ons mens zijn, maar daarom niet minder bloedig, roofzuchtig of gemeen.
Worden wij niet vaardig door de varkensdrijvers naar de slachtbank geleid met een plank voor onze kop om de illusie te creëren dat er geen uitweg meer is in een wereld waar iedereen als vee ten dienste staat van het geglobaliseerde kapitaal dat heen en weer flitst naar stallen met nog grotere winstmarges.
Om zijn doel te bereiken gebruikt de intussen geglobaliseerde Leviathan alle middelen: corruptie en spektakel, geen interactief theater meer, maar voetbalarena’s en talloze tv zenders waar gladiatoren brood en spelen presenteren als een eindeloos durend orgasme, hét antwoord op de verveling als cultuurverschijnsel.
Midden dat moerassige veen van verveling drijven menselijke relaties op naijverig recht van de sterkste, creatief ondernemerschap, verdinging van jezelf en de ander als een laag humus met bloeiende bloemen als aandoenlijke emoties die beroep doen op medemenselijkheid.
Mensen kunnen zich in elkaar herkennen. Warme gevoelens voor en van een ander kunnen de illusie wekken waaraan iemand zijn overleven dankt. Maar wie niet waagt, zal het nooit halen. Wie blijft zoeken en openstaat voor een ontmoeting met een ander, loopt kans te overleven met een zinvol gevoel bij zijn of haar leven met die anderen.

Abattoir Fermé opteert met Tinseltown – na Indie – voor een niet aflatende stroom van lijdend lijf, lid en leden, de geur van angstige lichaamsvochten, geconcentreerd op de scène. De toeschouwer krijgt het wellustig en indringend opgelepeld.
Beklijft een bombardement van beeld en geluid? Blijft een orgie van extreem menselijk gedrag in het hoofd van de toeschouwer malen? Of kan het ook in ‘simpele en goede stukken’? Of zijn die te gemakkelijk, voor de acteurs en de toeschouwers?

Stefan Hertmans 'Het zwijgen der tragedie':

73. Medea: het zwijgen van de moraal
'Wanneer de redelijkheid berust op de logica van geweld, is haar enige keus de soort van waanzin
waarmee ze kan reageren.'
André Brink, De andere kant van de stilte
180. Een van mijn studenten, in een scriptie waarin negativiteit wordt besproken: 'Verlangen naar de stilte is het geweld van een lawaaierige wereld laten zien'.
191. 'Dat is juist de tragedie, dat zelfs de stappen voorwaarts van de mensheid het offer eisen van ontelbare Antigones, die heden ten dage nog steeds broers, zonen en vaders begraven, metgezellen die uit het leven werden gerukt door het geweld van mannen' (Claudio Magris).
271-272. De Vlaamse filosoof Marc de Kesel reageerde hierop door op te merken dat de zogenaamd 'bevrijdende' lach van het publiek in feite zou neerkomen op verdringing van de traumatische kracht van de gebeurtenis. De poging om in de tragedie de ironie te laten zien '? de dramatische techniek bij uitstek van onze tijd '? lokt niet noodzakelijk de kritische impuls uit
die men ervan verwacht. De in de lach schietende toeschouwer is, zo merkt De Kesel op, veeleer iemand die door de lach opnieuw zijn 'subject herstelt', zichzelf weer in de greep probeert
te krijgen en zo de kans verijdelt om werkelijk te kijken in de angstwekkende kloof waarmee de tragedie hem opzadelt: het inzicht dat geen enkele wet ons kan beschermen tegen de
eindeloosheid van het verlangen om voor de anderen werkelijk te bestaan.
277. Tragedies zijn onmogelijk geworden omdat wij niet sacraal, maar ironisch redeneren: we
kunnen relativeren, we beschouwen een tragisch voorval als een ontwikkeling waaraan mensen zelf schuldig zijn, niet als een hogere fataliteit. We redeneren horizontaal en causalistisch, niet verticaal en sacraal. We geloven heilig in de relativering van waarheid '? dat is onze anti-sacrale sacraliteit.

Archief

Stories of Europe, The Attendants' Gallery donderdag 3 mei 2007 De Warande Turnhout

23 april 2007

Stories of Europe, The Attendants' Gallery donderdag 3 mei 2007 De Warande Turnhout:
Causerie om 19 uur – voorstelling 20 uur.

Een continent in verhalen gegoten, en een geschiedenis menselijk gemaakt – is een creatieproject van LOD-componist Dick van der Harst en regisseur Koen De Sutter (bekend van Tambour Battants en Le Facteur Cheval) met tekstfragmenten van Pieter De Buysser. Koen De Sutter is voor het seizoen 2006-2007 te gast bij LOD.

'?Een mens stelt zich ten doel de wereld in kaart te brengen.
In de loop van de jaren bevolkt hij een ruimte met beelden van provincies, van koninkrijken, van bergen, van baaien, van schepen, van eilanden, van vissen, van kamers, van werktuigen, van sterren, van paarden en van personen.
Kort voor hij sterft, ontdekt hij dat zich in dat geduldige lijnenlabyrint het beeld van zijn eigen gelaat aftekent. '?
(Jorge Luis Borges geciteerd in Geert Mak '?In Europa'?).

Zonovergoten woestijnen krijten onweerlegbare lijnen die verglijden in een fata morgana van het unieke Grote Gelijk. Nevelen en schaduwen in de schemering van het woud zijn de basis van twijfel en onzekerheid, onze grootste kans op een minimum aan menselijkheid.
Kwamen de goden niet naar Europa om er te sterven?
Van de Griek Diogenes, over de moslim Averroës, langs de Antwerpse Amsterdammer Frans van den Enden en de Nederlands-Portugeze Jood Spinoza, tot en met de Fransman Voltaire of de Duitser Nietzsche, telkens weer kreeg het 'Verlichtingsdenken' in Europa zijn beslag.
Europa weet, uit haar eigen bloedige verleden, dat het geloof in één heilige zaak géén eenheid brengt.
Om een beetje dichter bij de menselijkheid te komen, moeten we afstand doen van de goden in de openbare ruimte. Opdat mensen elkaar niet zouden afslachten moeten zij van elkaar kunnen accepteren dat er niet één waarheid is, maar dat er meerdere 'waarheden', meerdere leugens en misleidingen kunnen bestaan en moeten bestaan, eenieder de hare of de zijne.

Niet voor niets is de roman als literaire vorm ontstaan als een Europees cultuurverschijnsel. In 1597 begon Miguel de Cervantes Saavedra aan 'El Ingenioso Hidalgo Don Quijote de la Mancha' toen hij gevangen zat in Sevilla wegens schulden. Hij kon zijn interesse in menselijk gedrag niet combineren met voldoende aandacht voor de eigen boekhouding. Cervantes stierf berooid, maar zijn werk was het begin van de psychologische roman, het eerste boek in de moderne wereldliteratuur dat het veinzen van mensen, het doen alsof, het liegen en bedriegen, de kracht van illusie en de daaraan gekoppelde emotie in de menselijke geest als centrale thema ontwikkelde. Een waardige opvolger van Homeros'Odysseia.
In zijn prachtige roman ' Sneeuw' formuleerde de Turkse Nobelprijswinnaar Literatuur 2006, Orhan Pamuk, dit als volgt:

'Je houdt jezelf voor de gek! Zelfs als je in God zou geloven, dan zou het zinloos zijn omdat als eenling te doen. Het gaat er juist om dat je gelooft zoals de armen geloven en dat je een van hen bent. Alleen als je eet wat zij eten, als je met hen samenleeft, als je lacht om de dingen waar zij om lachen en je kwaad maakt over de dingen waar zij zich kwaad om maken, kun je in hun God geloven. Je kunt niet in dezelfde God geloven terwijl je een totaal ander leven leidt. God is rechtvaardig genoeg om te weten dat het niet gaat om ratio en geloof, maar om het hele leven.'

Archief

Platform Michel Houellebecq – NTGent

22 december 2006

De WARANDE Turnhout, donderdag 1 februari 2007 - 20.15 uur  

Vooraf causerie met Johan Simons, e.a. voor de liefhebbers…

NT Gent, Platform in regie: Johan Simons '? naar: 'Platform' van Michel Houellebecq '? tekstbewerking: Tom Blokdijk '? met: Wine Dierickx, Els Dottermans, Maartje Remmers, Steven Van Watermeulen, Oscar Van Rompay en Ward Weemhoff '? dramaturgie: Koen Haagdorens
Met 'Platform' voorspelde Michel Houellebecq ruim een jaar vooraf de zelfmoordaanslagen van moslimfundamentalisten op exotische vakantiecentra in Zuid Oost Azië. De betekenis van Houellebecq als auteur heeft echter niet alleen te maken met dit soort profetieën en deprimerende toekomstbeelden. Hij analyseert in zijn werk zonder enige terughoudendheid  de essentie van onze beschaving, van menselijke samenlevingsvormen: “Het liberale kapitalisme heeft het denken in zijn greep genomen; tegelijkertijd hebben ook het mercantilisme, de reclame, de absurde, schaapachtige cultus van het economisch rendement en de allesoverheersende, tomeloze zucht naar materiële rijkdom zich doen gelden. Erger nog, het liberalisme heeft zich uitgebreid van het economische naar het seksuele vlak. Alle sentimentele fabeltjes zijn aan diggelen geslagen.” (uit 'Lovecraft')
In 'Elementaire deeltjes' gaf hij een paar voorzetten. Met 'De mogelijkheid van een eiland' biedt hij een boeiende variant op Aldous Huxley's 'Brave New World', visionair en pijnlijk in de schetsen over het leven van de nieuwe mens, tussen goden en wilden: de nieuwe wilden.
Michel Houellebecq is een geslepen schrijver met een groot gevoel voor de wetten van de mediagenieke beeldcultuur. Hij weet als de beste door te dringen tot de onderhuidse realiteit en onbeschaamd houdt hij zijn lezers de onloochenbare drijfveren voor: het liberalisme met de ultieme orgastische vrije markteconomie is het einde van de liefde en het samenleven van mensen. Houellebecq is een diepgefrustreerd romanticus op zoek naar de wortels van zijn pijn in de wereld waar hij moet leven en wij het met hem proberen vol te houden.
Vandaag hebben de sommige politieke spindoctors het Licht gezien na de studie van Houellebecqs 'De wereld als Markt en Strijd'. Zij zullen in de komende maanden appel doen op de diepgewortelde romantische verlangens naar een gevoelig middenveld en een zorgzame samenleving, een verhaal dat door andere reclamestrategen reeds geruime tijd verlaten was: verandering van spijs doet eten'?hoewel overgewicht een ernstig gezondheidsprobleem oplevert.
Houellebecq zal echter niet meestappen in deze strategische wending.
In 'Leven, lijden, schrijven '? methode' uit 1991 verklaart hij ,,een diep ressentiment jegens het leven als noodzakelijke voorwaarde voor elke waarachtige kunstuiting. ('?) Spit onderwerpen uit waarover niemand wil horen. De achterkant van de faà?ade. Hamer op ziekte, lelijkheid, verval. Spreek over de dood, over de vergetelheid. Over afgunst, onverschilligheid, frustratie, liefdeloosheid. Wees abject, dan bent u waarachtig.('?) Wees niet bang voor het geluk; het bestaat niet.’’
Michel Houellebecq kent een eenvoudige remedie voor de monotheà?stische cultus van de onmiddellijke behoeftebevrediging die het westen in zijn greep heeft: ,,Elk individu kan bij zichzelf een soort koude revolutie ontketenen door buiten de informatief-publicitaire stroom te gaan staan. Dat is heel gemakkelijk, het is zelfs nog nooit zo eenvoudig geweest als nu om je ten opzichte van de wereld in een esthetische positie te plaatsen: je hoeft alleen maar een stap opzij te doen. Je hoeft alleen maar een pauze in te lassen, de radio uit te doen, de televisie af te zetten; niets meer te kopen, niets meer te willen kopen.’’
In 'Platform' propageert hij een ruileconomie met goedkope geheel verzorgde seksreizen als nieuwe vorm van lucratieve ontwikkelingssamenwerking: ,,Aan de ene kant zie je honderdduizenden westerlingen die alles hebben wat ze willen, maar geen seksuele bevrediging meer kunnen vinden,  aan de andere kant zie je miljarden individuen die in erbarmelijke omstandigheden leven en niets anders meer hebben om te verkopen dan hun lichaam en hun onbedorven seksualiteit. Dit is een ideale ruilsituatie. De poen die daarmee te halen valt is haast onvoorstelbaar'?. 
Het cynisme van Michel Houellebecq is dan ook oprecht en maakt hem tot een waardige opvolger van Franse literaire grootheden als Franà?ois Villon en Louis Ferdinand Céline die ieder in hun tijd de lezer een blik gunden in de coulissen en achter het decor van de maatschappelijke machtsverhoudingen.
Met de toneelversie van Johan Simons en het NTG wordt het dramatische einde van 'Platform' een nieuw begin. De piste die Houellebecq terloops lijkt open te houden tijdens de race naar de catastrofe, wordt in het toneelstuk blootgelegd:  warme gevoelens voor en van een ander kunnen zelfs in ijswoestijnen de illusie wekken waaraan iemand zijn overleven dankt. Het is als een zomers bloemtapijt op de zompige taiga waar we altijd in het veen kunnen verdwijnen met ons verlangen naar menselijke warmte die bij de eerste sneeuw voor altijd ingevroren wordt. Maar wie niet waagt, zal het nooit halen. Wie wel blijft zoeken en openstaat voor een ontmoeting met een ander, loopt kans te overleven en een zinvol gevoel te krijgen bij zijn of haar leven met anderen. Zelfs in de meest erbarmelijke omstandigheden blijven mensen zich vragen stellen die door niets en niemand tot zwijgen kunnen gebracht worden. Dat is dan ook onze sterkte en veel meer dan een ongemakkelijke waarheid.

Jan Van Duppen – in de Podiumbrochure van C.C. De Warande – Turnhout

 

Archief

Afscheid van de wapenen.

19 december 2006

Afscheid van de wapenen.

Turnhout, 18 december 2006

Geachte heer Burgemeester,
Heren Schepen, Collega raadsleden,
In al uw graden en hoedanigheden,

Op deze laatste gemeenteraadszitting van de oude raad wil ik mij voor u en voor de Turnhoutse kiezer verklaren voor mijn zwijgen tijdens de voorbije jaren.
U zal ongetwijfeld begrepen hebben dat dit verband hield met de manier waarop mij reeds in 2003 de mond werd gesnoerd door de sp.a bonzen op nationaal en provinciaal vlak tot en met het de facto beroepsverbod dat mij als huisarts na 18 jaar werd opgelegd door de huisbaas van mijn praktijk.
Sommige van die partijbonzen hebben, zoals ik toen al meende te moeten voorspellen, het zekere voor het onzekere gekozen midden het bronsgroene eikenhout, ver van het populistische geschreeuw op de markt van gratis belastingverlagingen.
Het geeft u een idee van hoe het politieke métier bedreven wordt in dit land, bij sommige, zoniet de meeste partijen '? toch zeker bij die het gevecht leveren om de troon van de macht die in een democratie steeds leeg moet blijven, maar die in deze context quasi permanent bezet wordt.

Ik citeer hier graag een boek dat ik u allen met veel overtuiging wil aanraden van Hanne Vibeke Holst, Koningsmoord, over de machtswissel in Denemarken na een decennialang sociaal democratisch bestuur dat eindelijk vervangen werd en  waar de strijd om de macht binnen de partij losbarstte. Zij weet op een hyperrealistische manier het verhaal van de macht en de mensen van de macht te schrijven.
'?In de Deense politiek gaat het erom dat je je machtswellust zo min mogelijk laat zien. We doen alsof we de macht delen. Je moet beslist niet laten merken waar je op uit bent. Hoewel iedereen weet dat nummer twee per definitie wacht op het juiste moment om nummer één te wippen, om daarna zelf koning te worden. Net zoals iedereen weet dat nummer één van zijn kant uit alle macht alles zal proberen om de kansen van nummer twee te ondermijnen. Het is niet zo bloedig als in de tijd van Shakespeare, maar wee je gebeente als je betrapt wordt met bloed aan je handen.'?

Deze tijden van zwijgen waren voor mij loden jaren, wegens zwijgen niet mijn sterkste kant.
Toch heb ik in de voorbije zes jaren door te horen, te zien en te zwijgen velen onder u leren appreciëren, met uw sterke en uw zwakke punten, met uw al dan niet oprechte '? maar voor sommigen zelfs passionele – inzet voor deze stad en haar bewoners.
Dat siert deze leden van het college.
Dat siert deze leden van de gemeenteraad.
Dat siert deze personeelsleden van deze stad.

Ik kan niet verhullen dat ik ondanks dit loden zwijgen verheugd ben dat een nieuwe generatie socialisten in deze stad zelfbewust en los van demonen uit het verleden naar voor is getreden uit de slagschaduwen van de voorbije eeuw en voor het eerst zal deelnemen aan het bestuur van deze stad.

Hen wijs ik graag op het levensmoto van de Nederlands-Portugese Jood Baruch of Benedictus de Spinoza: 'Caute! '? Wees behoedzaam!'. Hij was een oud leerling van de Antwerpse uitgetreden jezuà?et Frans van den Enden en een van de vroegste en belangrijkste grondleggers van de Verlichting en het vrije denken.

Sommigen onder hen hebben de voorbije jaren van zeer nabij de minder fraaie kanten van de strijd om de macht, ook binnen de eigen politieke formatie mogen meemaken. Zij hebben tijdens de voorbije verkiezingscampagne ook mogen ondervinden waartoe de arrogantie van het grote gelijk, de pretentie van de eigen waarheid en het vermeende eigen kunnen kan leiden.
Opdat mensen elkaar niet zouden afslachten moeten zij van elkaar kunnen accepteren dat er meerdere 'waarheden', meerdere leugens en misleidingen kunnen bestaan en moeten bestaan, eenieder de zijne of de hare. Uiteraard weten de spelers en de toeschouwers dat het een spel is, dat het toneel is, maar zij accepteren dit politieke spel als alternatief voor de oorlog, voor een moordend en dodelijk handgemeen.

Ik heb leren begrijpen dat arrogantie in dit theater ongepast is.
Ik wens u dit dan ook toe.

Het ga u allen en deze stad verder goed.

Jan Van Duppen
Uittredend gemeenteraadslid Turnhout
Gewezen gemeenschapssenator

Archief

Don Verboven en Het Gevolg, 'Paradijs voor futlozen': een tatoeage voor ons collectieve geheugen.

1 oktober 2006

Don Verboven en Het Gevolg tatoeëren met 'Paradijs voor futlozen' ons collectieve geheugen.

http://www.flickr.com/photos/59276281@N00/257289752/

Met 'Paradijs voor Futlozen' heeft Theaterwerkplaats Het Gevolg -  http://www.hetgevolg.be/ - een indringende trigger in het geheugen geplant van de gelukkigen die een van de veertien voorstellingen konden bijwonen van dit stuk van Don Verboven.
Zes keer was er bovendien voor liefhebbers die snel genoeg inschreven een forse wandeling van de Boerderij over de Bootjesvijver, langs de begraafplaats naar de gevangenis. Historica en auteur Leen Huet '? Almanak – presenteerde onderkoeld enkele verhalen van mensen die ooit zelf hun bijdrage leverden aan de Rijksweldadigheidskolonie te Wortel. De oude directeur vertelde over zijn klanten naast de ruà?ne van een ontroerende toegangspoort naast de Bootjesvijver en was nog steeds trots op de verwezenlijkingen van zijn 'mennekes' waaronder creatieve stielmannen, artiesten, geniale levenskunstenaars die vaak faalden en die hem hun verhalen hadden toevertrouwd bij het intakegesprek, zoals dat nu heten zou. Maar in de ogen van de beheerder van het domein, de Stichting Kempens Landschap, zijn de 'monumenten' die zijn 'mennekes' opgericht hebben niet authentiek en dus worden ze afgebroken om de omgeving in een oudere orde te herstellen.
In de intussen tot gevangenis omgebouwde 'kolonie' huizen nog steeds 8 bejaarde landlopers die na 1993 bij het opheffen van de instelling in hun vertrouwde omgeving gebleven zijn, waar ze rustig naast elkaar leven midden een zelfgebouwde huiselijkheid. Directeur David weet discreet en precies het falen van het huidige opvangsysteem te duiden. De Rijksweldadigheidskolonie Wortel was meer dan zelfbedruipend en maakte in het laatste jaar zelfs 6 miljoen oude franken winst met haar boerderij en werkplaatsen. Vandaag worden mensen die zich niet kunnen of willen handhaven in een razende maatschappij opgevangen in vele kleinschalige initiatieven, die vooral de makkelijkste klanten selecteren en zelden of nooit aangepast werk kunnen bieden. Zij vereenzamen nu in kleinschalige stedelijke opvangtehuizen. De Vlaamse Gemeenschap heeft nooit willen begrijpen dat een instelling als Wortel '? ook op vrijwillige basis '? een fenomenaal opvangwerk kan zijn voor de paar duizend ontheemden die hun draai niet willen of kunnen vinden in wat een moderne 'samenleving' heet.

'Paradijs voor Futlozen' kende een boeiende geboorte en is na de veertien opvoeringen lang niet dood.
Regisseur Don Verboven in De Hoogstraatse Maand van september ll.: '?Ignace Cornelissen van het Turnhoutse theatergezelschap Het Gevolg speelde al met het idee om een reeks van vier theatervoorstellingen op te zetten, die hij 'Littekens in het landschap' wilde noemen. Hij wou op vier verschillende plaatsen in de Kempen waar de mens in de loop van de geschiedenis op de een of andere manier een ingrijpende verandering in het landschap had aangebracht, een voorstelling spelen. Het uitgangspunt zou telkens zijn: Hoe heeft die menselijke ingreep in het landschap de mens, de maatschappij en de omgeving van die plek veranderd? In het geval van de kolonies van Merksplas en Wortel was die impact nogal groot. Dat de streek tot heinde en verre bekend is, heeft veel '? zoniet alles '? met de kolonies te maken. Het gevangeniswezen heeft de voorbije twee eeuwen een grote invloed op deze streek uitgeoefend.'?
 
Và?à?r de gebouwen van de Gevangenis te Wortel, naast één van de omroeppalen waarmee de landlopers en bedelaars vroeger '?zoals in de socialistische paradijzen - gesommeerd werden tot handel en wandel, zit Andi -  Nico Sturm – laveloos aan en in de grond. Hij houdt zich tomeloos en uitzichtloos recht tussen een pallet bierblikken en een berg geconsumeerde 33-ers in een spetterende dialoog met het publiek. Hij geniet met volle teugen van zijn finale optreden voor het huis van vertrouwen op de achtergrond waar hij na de sluiting in 1993 nooit meer mag terugkeren. Zijn broer '? ingehouden liefdevol en schuldbewust gespeeld door Bruno Vanden Broecke '? daagt toch nog op in de benevelde herinneringen van de terminale alcoholist die de signalen voelt van de 'andere kant', het echte leven achter de schijn, waar bomen met hun wortels communiceren, waar kabouters spreken en duiven de post brengen. De formidabele dialoog tussen de broers wentelt de toeschouwer langs de groeven van opgroeien en ontsporen, van herinnering en verlangen, van liegen en lijden, van lafheid en levensmoed, van angst en bravoure. Dit patroon werd zo invoelbaar gespeeld dat velen, die ooit zelf langsheen die levensgroeven fietsten maar nog net op tijd de wentelende wielen verlieten om met een klap uit dat ritme te ontsporen, dit beklijvend zullen herkennen. De toeschouwers p de tribune voelen het goed aan in de opstijgende kou met gekrulde tenen onder de paardendekens.
'Paradijs voor Futlozen' speelde in nat gras en een walm van verschaald bier met de drievoudige echo van iedere wanhoopskreet, van ieder schot langsheen muren van bomen omheen de enorme weide và?à?r de Rijksweldadigheidskolonie te Wortel. Het waren de stemmen van de tienduizenden die hier 170 jaar lang met de resten van hun verbrokkelde leven blijvende groeven hebben geslepen in wat eens een woest heidelandschap was. Ze konden zich geen van allen handhaven in een maatschappij waar voor mensen als hen geen plaats werd gehouden. Ze hielden meer van de wereld als een kamp waar de strakke structuur stapstenen waren waarop ze konden steunen met de brokstukken van hun bestaan. Zovele van hen kenden die andere wereld, 'den anderen kant ', maar al te goed en vonden het in Wortel veiliger sterven dan in het razende theater daarbuiten waar de illusie van vrijheid, de roep om creatief ondernemersschap iedere menselijkheid  bleek te verliezen.

Om iets na tien uur wisselde tegen de achtergrond van het reële decor de wacht van de gevangenis met een stoet koplampen van de auto's van cipiers die zich huiswaarts spoedden. Kort daarna verschijnt de geblindeerde Mercedes limousine die de beide broers onder begeleiding van de fanfare De Marckezonen naar hun eeuwige moeder uitgeleide doet.
'Paradijs voor Futlozen' had iets van een hommage aan de boeken van J.M.H. Berckmans '? 'Het zomert in Barakstad' en meer van het geniale fraais dat onze welvaartstaat spiegelt voor wie goed luistert naar de wortels van de bomen en de ogen sluit om elfen en kabouters te zien: niets is immers wat het lijkt.
Don Verboven en Het Gevolg van Ignace Cornelissen hebben hier een paal in de zandgrond van onze herinnering geheid. De witte duiven keren aarzelend maar steeds weer terug naar het glazen hok van onze herinneringen met de boodschappen van 'den anderen kant', tenminste voor wie ze nog durft te aanhoren.

 

Archief

Open Doek filmfestival Turnhout: U-Carmen eKhayeltsha '? Beyond Freedom '? Workingman’s Death

24 april 2006


Open Doek filmfestival Turnhout:  http://www.opendoek.be/content.php
Voor de 14de keer organiseert de ploeg van Marc Boonen een schitterend programma voor Open Doek te Turnhout.

U-Carmen eKhayeltsha – Beyond Freedom – Workingsman Death.

Lees verder »