Er is nog zo veel dat ongezegd is. (Rutger Kopland)

Dupslog
Dupslog

Mohsin Hamid, Exit West

1 augustus 2017

Mohsin Hamid, Exit West.


uitg. De Bezige Bij


Twee jonge mensen ontmoeten elkaar in een stad aan de vooravond van een burgeroorlog. De moderne Nadia wordt verliefd op de aardige en bescheiden Saïd, terwijl de situatie in het land steeds explosiever wordt. Dan horen ze over deuren die je, tegen betaling, naar een veiligere plaats in het Westen leiden. Als Saeed en Nadia geen andere mogelijkheid meer zien, besluiten ze over de drempel te stappen, richting een onbekende wereld.
Exit west is een liefdesverhaal in tijden van migratie. Mohsin Hamid vat in deze intieme roman de dagelijkse realiteit samen van het tegemoet treden van een onzekere toekomst en het achterlaten van hetgeen je liefhebt.



53. Terwijl Saïds vader terugliep naar de campus en zijn zoon terugreed naar zijn werk, overdacht hij dat hij het verkeerde beroep had gekozen, dat hij iets anders had moeten doen met zijn leven, want dan had hij nu misschien genoeg geld gehad om Saïd naar het buitenland te sturen. Misschien was het zelfzuchtig geweest, was dat ideaal van hem om de jeugd en het land door middel van onderwijs en onderzoek vooruit te helpen slechts een vorm van ijdelheid, en zou het veel verstandiger geweest zijn om zich koste wat kost te verrijken.

Voor mij teveel losse lijnen zonder einde noch begin bij een zwak verhaal met boeiende inkijk in vluchtelingengedrag. 

Peter De Graeve, De afvalligen.

21 juni 2017

Peter De Graeve, De afvalligen.

uitg. Polis 2017

‘De afvalligen’ is een noodzakelijke filosofische roman. Dit boek moest geschreven worden én uitgegeven! Wat een boek, wat een vuur, een liefde, een pijn, een zoektocht naar bevrijding.

En wat een toeval dat het lezen ervan voor mij samenvalt met mijn falen op fietstocht naar Santiago de Compostella.

106. ‘De gratie is de tocht, de moed hebben de tocht aan te vatten. Geloven, in mijn ‘radicale’ betekenis, is het hebben van het hart, het vasthouden aan het hart. Het hart op de tocht, ziedaar ons avontuur en ons… gevaar.

In luchtige en stevige lagen biedt ‘De Afvalligen’ een ferme handleiding voor beginnelingen, beslagen en geslagen lezers. In flinke rukken proza tot verstilde poëzie of als lectuur voor fijnproevers. De lezer blijft alert.

Een verhaal over rouw, afscheid nemen, liefde, twijfel, kunst, de academie, onderwijsmanagers, democratie, Rousseau, Plato, Claude Gellée – Le Lorrain ‘Ochtend in de haven, William Turner ‘Het Slavenschip’ en ‘Jagers in de sneeuw’ van Pieter Bruegel de Oude…

‘De afvalligen’ is een roman die kan helpen, als wegmarkeringen langs gebaande paden van vertwijfeling.

45. ‘Ik, cipier van het nutteloze.’

51. ‘Zuivere rede werkt op grote afstand, ze is als een verre hemelsfeer, met tergend trage omloop. Verzinsels zijn ons veel nabijer, zitten ons dichter op de huid, dichter dan we vermoeden, of zouden willen. Toch hebben ook de vluchtigste verzinsels deel aan de universele aantrekkingskracht.’

Lees verder »

Caminante, no hay camino. Sino estelas en el mar. De laatste grote fietstocht, in de knop gebroken.

21 juni 2017

De laatste grote fietstocht  - naar Santiago de Compostela – zit erop. Na 350 km slechts brak een elektrisch defect van mijn fietsmotor Bion X, batterij en eigen motorritme de Camino naar Santiago af. Op de eerste hellingen voor de Pyreneeën liep het al flink mis. De uitgedokterde oplossingen voldeden niet. In Valcarlos Luzaide ook nog kortsluiting in mijn tweede batterij. Pamplona bleek geen alternatief. De hellingen in detail op Strava zijn zo zeker niet haalbaar. Dus veilig afgedaald naar Saint Jean Pied de Port en met de trein veilig weer thuis geraakt.

Caminante, no hay camino. Sino estelas en el mar.

Caminante, no hay camino. Sino estelas en el mar. – Antonio Machado
Reiziger, er is geen weg, alleen schuimsporen op zee.

Tous les matins du monde sont sans retour. – Pascal Quignard
Geen morgenstond beleven wij ooit weer.

De gratie is de tocht, de moed hebben de tocht aan te vatten.
Geloven, in mijn ‘radicale’ betekenis, is het hebben van het hart, het vasthouden aan het hart.
Het hart op de tocht, ziedaar ons avontuur en ons… gevaar. – Peter De Graeve


Bij aanvang van de Camino denk je ontzettend veel na. Het wegvallen van al je aanknopingspunten, de tocht naar een bestemming die zo ver ligt dat ze onbereikbaar lijkt, het gevoel van nietigheid dat door de grootse omringende natuur bij de wandelaar wordt opgewekt – alles draagt bij tot een bijzondere vorm van introspectie die alleen in de openlucht kan ontstaan. Je bent alleen met jezelf. De gedachte is de enige vertrouwde aanwezigheid; ze zorgt ervoor dat je je gesprekken voor de geest kunt halen, herinneringen kunt opwekken die je na aan het hart liggen.’ - Jean-Christophe Rufin.

 

Camino Francès Valcarlos LuzaideCamino Francès Landes

Camino Francès, Bordeaux 12 juni 2017Camino Francès Landes

 

Jean-Christophe Rufin. ‘Compostela. Voetreis naar het einde van de wereld ‘

19 juni 2017

Jean-Christophe Rufin. ‘Compostel. Voetreis naar het einde van de wereld ’

De Bezige Bij Antwerpen

Een mooi, boeiend en bij wijlen ontroerend boek over de gang naar Santiago door de Franse arts, filosoof, diplomaat en schrijver J.C. Rufin die zeer goed de etappes van dergelijk eenzame en lange reizen weet te ontrafelen. Hij heeft oog voor de zeldzame ontmoetingen met andere pelgrims, wandelaars en de lokale bevolking die reeds vele eeuwen zonderlingen en andere verdwaalden zien passeren waarbij ze vaak een lucratief handeltje weten te presenteren als vormen van vroomheid en het goede doen om het eigen goed.

117. ‘Bij aanvang van de Camino denk je ontzettend veel na. Het wegvallen van al je aanknopingspunten, de tocht naar een bestemming die zo ver ligt dat ze onbereikbaar lijkt, het gevoel van nietigheid dat door de grootse omringende natuur bij de wandelaar wordt opgewekt – alles draagt bij tot een bijzondere vorm van introspectie die alleen in de openlucht kan ontstaan. Je bent alleen met jezelf. De gedachte is de enige vertrouwde aanwezigheid; ze zorgt ervoor dat je je gesprekken voor de geest kunt halen, herinneringen kunt opwekken die je na aan het hart liggen. Alsof de wandelaar ineens op een oude kennis botst – zo wordt hij met zichzelf geconfronteerd. Nu hij terecht is gekomen in de onbekende wereld van het elders, de leegte, het trage, het eentonige, het eindeloze, kan zijn ziel zich neervlijen in haar eigen intieme thuishaven. Alles ziet er mooi en begeesterend uit: herinneringen, plannen, ideeën. Tot je verbazing begin je in je eentje te lachen. Je trekt je gezicht in allerlei rare plooien die voor niemand bestemd zijn, aangezien je op de bomen en elektriciteitspalen na helemaal alleen bent.

Lees verder »

James Salter, De Jagers

9 juni 2017

James Salter, De Jagers

uitg. De Bezige Bij 1958 – 2017

Kapitein Cleve Connell arriveert in Korea met als enige doel ‘ace’ te worden, lid van het eliteclubje straaljagerpiloten dat minstens vijf Russische MiGs heeft neergeschoten. Terwijl zijn collega-vliegeniers succes na succes op het bord weten te schrijven, zelfs onder twijfelachtige omstandigheden, heeft Cleve geen enkel succes. De andere piloten twijfelen aan zijn moed, Cleve zelf twijfelt over alles. En dan, op een ijskoude hoogte van 12000 meter, zal zijn geluk voor altijd veranderen. In een ademloos relaas, vol moed en wanhoop, onbeschrijflijke schoonheid en snoeiharde rivaliteit, weet James Salter tot de kern te komen van oorlog en literatuur. De jagers is een essentieel en tijdloos meesterwerk.

Een bijzonder knap geschreven verhaal over leven en overleven, moed en ouder worden, verliezen en leren sterven.

45. Wat de voordelen van talent en bekwaamheid ook waren, er was iets wat nog belangrijker was. En dat was motivatie. Hij was hierheen gekomen om de vijand onder ogen te komen, zonder enige terughoudendheid. Het gevoel van onbehaaglijkheid was er, zelfs na zijn gesprek met Desmond, dat hij misschien zijn gelijke zou treffen; die kans bestond altijd, maar desondanks voelde hij zich gesteund. Hij was niet alleen gekomen om te overleven. Plotseling had hij het opbeurende gevoel dat hij boven degenen stond die het overleefd hadden, die op een ondergeschikt niveau van presteren leefden.

87. Zijn leven was gekenmerkt door slechts twee dingen: zijn moed en zijn deskundigheid, maar die had hij ontdekt voordat hij erg oud was, die juweeltjes, en als er bewonderend over gesproken werd, voelde het alsof hij de ontvanger was van de grootste loftuitingen ter wereld. Maar plotseling was het verleden waardeloos geworden, als verlopen bankbiljetten. Wat hij zo lang had gehad, waarmee hij oud was geworden, was nu verdwenen, op ziekmakende wijze, en niets van waarde bleef hem over, zoals bij mensen die hun leven aan hun kinderen hebben gegeven. Het was allemaal afgelopen: de aandacht voor zijn verhalen, de bemanning die hem enthousiast diende, het respect, de talloze voldoening schenkende angsten en genoegens van zijn hoge positie. Hij was alleen, als een invalide bij de gruwelijke aanblik van rennende jongens. Ze hadden geen tijd meer voor hem, terwijl ze onderling hun eigen moed testten.

89. Er kwam een moment waarop je het óf zelf deed óf iemand deed het voor je. Beide mogelijkheden waren moeilijk. Voorbereid of niet voorbereid, onverwacht of geleidelijk, het kwam op hetzelfde neer. Je leven hield op, en de wereld ging door in de handen van anderen.

248. Hij had het gevoel dat hij eindelijk was overgegaan van de jeugd naar echte volwassenheid, waarin hij zich in alle nuchterheid bewust was van de prijs die hij had moeten betalen om zich te schikken naar de idealen die hem ooit zo helder en onweerstaanbaar hadden toegeschenen. De prijs was hoog geweest, maar juist daardoor waren ze hem des te dierbaarder. Hij had niets frivools meer om in te geloven, slechts een onverzettelijk overschot dat kostbaarder was dan een handvol diamanten.

Alfred Birney, De tolk van Java

29 mei 2017

Alfred Birney, De tolk van Java – uitgeverij De Geus 2016

Precies omdat ikzelf patiënten heb begeleid – soms ook in hun laatste levensjaren en – maanden – die destijds betrokken waren bij de Nederlandse ‘politionele acties’ in Indonesië hoopte ik in ‘De tolk van Java’ een beter inzicht te krijgen in wat er daar en toen echt gebeurd is. Bij de meeste mensen die ik heb gekend, genoot zwijgen de voorkeur. Maar soms bij een naderende levenseinde werd het hen te bar en wensten ze er toch over te praten. Soms ook over wat zij zelf daar hadden meegemaakt, uitgevoerd en volgehouden verzwegen.

Toch ben ik behoorlijk teleurgesteld in ‘De tolk van Java’.

Meer nog, ik begrijp niet waarom dit boek een literaire prijs zoals de Libris Literatuur Prijs 2017 toebedeeld kreeg.

Het is een matig verhaal over mishandeling door een narcistische vader die gretig schippert tussen zijn Chinees-Indo en Hollandse herkomst: zijn Chinees-Indonesische moeder (Sie Shi) als bijvrouw van zijn rijke en gerespecteerde HollandsIndische vader.

De zoon probeert al schrijvend zijn relatie met gewelddadige vader te verwerken en daarbij zijn positie in het uit elkaar gevallen gezin opnieuw te bepalen.

Het tweede deel is een eindeloos lang, slap en vaak onnozel heldenverhaal door de vader zelf bij elkaar gesprokkeld om zijn grote gelijk te bewijzen als deelnemer aan ongeveer alle moord- en slachtpartijen op Oost-Java, inclusief snippers uit klapperbomen knallen, het doorschieten van een vrouw met haar kind voor de borst als schild van en Indonesische onafhankelijkheidsstrijder, handige gevechten met al dan niet vergiftigde gevechtsmessen.

‘De tolk van Java’ lijkt op een slecht stripverhaal of een van die schetterende Japanse of Indonesische oorlogsfilms maar onthult wel belangrijke details en lang verzwegen elementen van de gruwelen van de onafhankelijkheidsstrijd door de ogen van een would-be marinier-tolk.

‘Ik plantte mijn bajonet op mijn geweer voor eventuele man-tegen-mangevechten. Maar de mariniers hadden haast en gebruikten handgranaten en geweergranaten om de machinegeweerstellingen te vernietigen, zodat we over konden gaan tot sweeping van de hele kazerne. Nadat dat was gebeurd, liep ik langzaam terug naar de truck. Ik voelde me ineens moe en misselijk van al dat doden. Voorheen had ik voor elke dode een streepje gekrast op de kolf van mijn geweer, maar nu was ik de tel kwijtgeraakt. Misschien was ik de honderd al gepasseerd. Maar ik had geen wroeging, op die vrouw en dat kind na. Ik nam eenvoudigweg wraak voor alles wat die Indonesiërs mij en mijn lotgenoten hadden aangedaan. Dat het doden bij mij nog ernstiger vormen zou aannemen, kon ik toen niet bevroeden.’

Boeiend blijkt wel in ‘De tolk van Java’ de rol van de islamitische fundamentalisten in de onafhankelijkheidsstrijd van Indonesië. Ze zouden vijftien later nog grootse daden verrichten bij het uitroeien van de PKI en de Chinese bevolkingsgroepen.: The Act of Killing’ en The Look of Silence.

http://www.filmkrant.nl/_titelindex_L/11884

‘Die Hizbullahfanatiekelingen kwamen luid Merdeka-kreten schreeuwend naderbij. De meesten van hen hadden niet eens geweren, slechts slag- en steekwapens. We lieten ze steeds naderen tot ongeveer 100 à 150 yards en openden dan het vuur. Bij bosjes vielen die kerels dood ter aarde. Het was een slachting, zo erg dat we door onze munitie heen raakten en er over de hele linie talloze stapels lijken lagen van die fanatiekelingen, terwijl er van achter hen steeds weer anderen aan kwamen stormen. Ik was bezig met het verschieten van mijn laatste patronen toen het bevel klonk: ‘Gereedmaken voor bestorming met de bajonet!’

Ik plantte mijn bajonet op mijn geweer. Toen hoorden we kanonschoten. Onze pantserwagens waren teruggekeerd en schoten met hun boordwapens op die aanstormende waanzinnige fanatiekelingen. Van de andere kant kwam Compagnie f ons te hulp. Zij rekenden af met de laatste restanten van de Hizbullah. Overal klonken zuchten van verlichting. Het was verbijsterend hoe al die Hizbullahleden in ons vuur liepen. Niet één bleef in leven. Hun lijken lagen als zandzakken opgestapeld. Het was een verschrikkelijk gezicht.’

‘Ik heb veel vrienden onder de mariniers. Zij hebben mij veel verteld over het leven in Holland. Daar wordt niet getrapt op mensen met een bruine huid en op mensen die niet erkend zijn door hun ouders. Het leven daar in Holland is zo heel anders dan hier. Mama, ik begin te voelen dat ik niet langer hier thuishoor. Dit land, dit volk, al die oorlogen hier, ik voel me hier niet langer senang. Elke dag, elk uur, elke minuut moet ik hier vechten om in leven te kunnen blijven. Overal zijn vijanden.’


En dan vergeet ik nog de lamentabele kwaliteit van het e-book: geen paginavermelding en na lezing alles blanco op een ipad mini!

Max Ernst, La Joie de vivre – The Joy of Life.

22 mei 2017

Max Ernst, La Joie de vivre – The Joy of Life

Max Ernst, La Joie de vivre - The Joy of LifeThis is one of a number of so-called ‘jungle’ pictures that Max Ernst painted in the late 1930s. His paintings of forests and tangled undergrowth derive from the rich Romantic heritage in German art. They also symbolise the fears and suppressed desires of the human mind. Looking at the picture more closely, the title becomes bitterly ironic. This jungle is actually ordinary undergrowth grown to enormous proportions, dwarfing a sculpture of a woman and animal living together in harmony. Instead of a paradise, the scene is a nightmarish one in which giant praying mantises do battle with other monsters in the entangled undergrowth.

1936

 

DE BIDSPRINKHANEN


Als de bidsprinkhaan


omgang zoekt met


zijn wijfje, rukt


die hem eerst en


vooral zijn kop af.


Daardoor is het


mannetje zijn


hersenen en meteen


ook alle remmingen


kwijt.


Hi copuleert driftig


verder tot hij


uitgeput op de


grond tuimelt, waar


hij helemaal wordt


opgepeuzeld door


zijn partner.


Op dezelfde manier


maken onze


priesters en


intellectuelen het


hof aan de


krachten die hem


willen vernietigen.


Hun hoofd is


er al aan.


Straks worden ze


met huid en haar


verslonden


door wat ze nu


aanbidden.



Jef Anthierens, uitg. Walter Soethoudt 1976


 

Mark Vangheluwe, Brief aan de paus.

16 mei 2017

Mark Vangheluwe, Brief aan de paus. 

uitg. De Bezige Bij 2017

Deze brief aan de paus is een indrukwekkende getuigenis van iemand die zich wist te ontworstelen aan misbruik en mentale terreur van nonkel Roger Vangheluwe, rooms-katholiek priester en 25 jaar bisschop van Brugge.

Dankzij zijn echtgenote en Peter Adriaenssens.

‘Brief aan de paus’ is als een nieuwe brevier voor alle religieuze leiders, priesters en broeders, nonnen en novicen.

Maar ook voor dominees, broeders, imams, pandits en monniken die in de vele gesloten scholen, religies genieten van de hubris, de grootste zonde.

68. Vanaf de eerste handdruk voelde ik een geruststelling en een energie die moeilijk te beschrijven valt. De professor was de enige die te vertrouwen leek en dat vertrouwen heeft hij nooit geschonden. Gedurende de laatste zeven jaren heeft hij ons gesteund en geholpen waar hij kon en met raad en daad bijgestaan. Hij heeft ons geleerd hoe een dergelijk parcours wel te bewandelen viel en hielp ons de putten en de te verwachten struikelblokken te ontlopen. Dankzij hem ben ik nu wie ik ben: gegroeid, krachtiger en bewuster. Als een mentor toonde hij aan dat iets uit een mens halen in plaats van iets in hem te stoppen van groter belang kan zijn. De koningin en ik zijn hem daar eeuwig dankbaar voor.

Na onze ontmoeting nam de professor vrijwillig, gratis en voor niets, met een grote toewijding en kunde de taak op zich om ons af te schermen van de pers en de media. Hij verwoordde als een soort spreekbuis onze mening die wij nog niet konden vormen, hij wist door zijn kennis vooraf wat we gingen doormaken.

Lees verder »

Rüdiger Safranski: ‘Die Angst vor dem politischen Islam ist da, doch singt man laut im Walde’

7 mei 2017

Wollen Sie damit sagen, dass das Gros der Journalisten Weltverbesserer sind?

Nun, viele schreiben nicht, was sie denken, weil sie glauben, dass solche Gedanken die Situation verschlimmern könnten. Sie schreiben das, wovon sie gerne hätten, dass es wahr wäre – das ist in ihren Augen ihr genuiner Beitrag zu einem zivilen Zusammenleben. Und das mag ja auch alles sehr gut gemeint sein. Aber Pädagogik statt Publizistik – das geht auf die Dauer nicht gut, die Leser sind ja nicht blöd. (…)

Die Pädagogik im Dienste des vermeintlich Guten führt in meiner Wahrnehmung zu einer Konformität, die sich ergibt, ohne ausdrücklich angeordnet zu sein. Auf einmal reden alle wie beim evangelischen Kirchentag.

Börne-Preisträger Rüdiger Safranski ‘Die Angst vor dem politischen Islam ist da, doch singt man laut im Walde’ NZZ 6.5.2017

 

En Marche…

7 mei 2017

'Dans la vie, il n'y a pas de solutions. Il y a des forces en marche: il faut les créer, et les solutions suivent'. Antoine de Saint-Exupéry, Vol de nuit (1931)

‘Dans la vie, il n’y a pas de solutions. Il y a des forces en marche: il faut les créer, et les solutions suivent’.

Antoine de Saint-Exupéry, Vol de nuit (1931)

“L’homme qui marche” Alberto Giacometti 1960

Schermafbeelding 2017-05-07 om 20.09.59 Schermafbeelding 2017-05-07 om 20.12.00

Margot Vanderstraeten, Mazzel tov – mijn leven als werkstudente bij een orthodox-joodse familie

27 april 2017

Margot Vanderstraeten, Mazzel tov.

mijn leven als werkstudente bij een orthodox-joodse familie

uitg. Atlas Contact 2017

Een verhaal vol liefde en duisternis met ingehouden tederheid die pijn van vroeger, elders, hier en morgen verzacht tot een nieuwsgierige vorm van respect voor elkaar.

Over Koelbloedigheid, Verdriet, Ogenschijnlijkheid, Kanaries, Zwijgen, Vriendschap en Schrijven.

De eerste ontmoeting met de oma die de kampen overleefde is indrukwekkend door de schijnbare argeloosheid.

‘Mazzel tov’ is een belangrijk boek.

101. Zwijgen

Wij, joden, hebben van oudsher een groot gevoel voor taal. Maar alle woorden ter wereld volstaan niet om de ervaringen in de kampen te beschrijven en om de confrontatie met zo veel boosaardigheid te vatten. Hoe zou iemand di deze gruwelen niet heeft beleefd, erover kunnen vertellen? Als zelfs iemand die beleefd, doorleefd en overleefd heeft, er geen woorden voor kan of wil vinden? Begrijpt u onze voorkeur voor stilte? Zwijgen is de keuze voor het kleinste verraad.

103. Koelbloedigheid

Koelbloedig zijn, dat is weten wanneer je moet zwijgen en wanneer je moet spreken. Mijn moeder wist dat, Zij hoefde de namen van alle s’ers in het kamp niet te kennen. Zolang de de s’ers maar wisten wie zij was. Zij begreep heel goed dat ze er baat bij had om niet bij de grote hoop te horen; de hoop die met vuile joden werd aangesproken….

142. Kanaries

‘Wij, joden, wij zijn zoals de kanaries in de koolmijn. Wij hebben verscherpte zintuigen. Wij ruiken de maatschappelijke veranderingen jásáren voor de goegemeente ze ruikt. Wij weten wanneer er gevaar op komst is; die intuïtie zit in onze genen. Hoe kan het anders, na een geschiedenis vol vervolging.’

Joshua Oppenheimer, The Look of Silence

27 april 2017

Ongelooflijk indrukwekkende documentaire over de Indonesische massamoorden in 1965 – 1966.

In de gesprekken met de slachters en hun leiders komt steevast het verhaal naar voor over de stress bij het handmatig afslachten en folteren waarvoor de beulen als remedie het bloed van hun slachtoffers dronken. Het waren immers ‘communisten en dus ongelovigen die niet naar de moskee gingen en het met elkaars vrouwen deden’. Het leger en de politie steunden de ‘spontane’ opstanden van het volk tegen de PKI en hun aanhangers, ook onder de arme boeren op Java.

Maar even vaak blijkt uit de verhalen dat het toen reeds – een halve eeuw geleden – de zo vredelievende islam was die legitimiteit verleende aan de slachtingen, die gesteund werden door de CIA tegen de Chinese invloeden.

“Op Java kent men twee soorten islam: de Abangan, een combinatie van de islam en andere religies zoals Hindoeïsme en autochtone religies, en de Santri, de orthodoxe islam. Vele Abangan-gelovigen waren aanhangers van de PKI. Deze Abangan-communisten waren vooral het slachtoffer van de moordcampagnes. Overlevenden werden door de regering gedwongen zich tot christendom of orthodoxe islam te bekeren.”

https://nl.wikipedia.org/wiki/Indonesische_massamoord_van_1965-66

De opdracht die Adi Rukun zich stelde, is bovenmenselijk en hij houdt zich waardig ondanks de gruwelen, zelfs binnen de eigen familie, waar zijn gemartelde broer bewaakt werd door zijn oom die verklaart alleen maar bevelen op te volgen.









De leugen stort in onder z’n eigen gewicht’



The Look of Silence (Joshua Oppenheimer over)


Denemarken/Groot-Brittannië, 2014 | Joshua Oppenheimer
The Act of Killing, Joshua Oppenheimers shockdoc over de doodseskaders van de Indonesische president Soeharto heeft nu een vervolg. In The Look of Silence doorbreekt de broer van een van hun slachtoffers het zwijgen en zoekt de confrontatie met de moordenaars.

Door Dana Linssen
Er is waarschijnlijk geen documentaire geweest die de filmwereld zo op z’n kop heeft gezet als The Act of Killing (2012). Daarin laat de Deens-Amerikaanse filmmaker Joshua Oppenheimer de doodseskaders van de Indonesische president Soeharto aan het woord, die in de jaren zestig miljoenen tegenstanders van het regime hebben vermoord. Ze noemden zichzelf de ‘movie theatre gangsters’ omdat ze voor hun moordpartijen inspiratie zochten in Amerikaanse films. In The Act of Killing was het naspelen, en zelfs door de moordenaars zelf re-ensceneren van hun gruweldaden een manier om hen aan het praten te krijgen. Maar de grens tussen ‘re-enactment’ en therapeutische herbeleving was verwarrend. Aan de ene kant werd Oppenheimer geprezen om de ‘waarheid’ die aan het licht was gekomen, zijn gedurfde mengvorm tussen feit en fictie, aan de andere kant was er ook het sluimerende gevoel dat hij Anwar Kongo, Herman Koto en hun mannen misschien iets teveel ‘regie’ over het eindresultaat had gegeven. Die verwarring deed overigens niets af aan de kracht van de film.
En nu is er dan een vervolg. Of eigenlijk geen vervolg, maar een film die Oppenheimer parallel aan The Act of Killing draaide, in het diepste geheim, en waarin de broer van een van de slachtoffers de confrontatie met de moordenaars van zijn broer zoekt. Adi Rukun is geboren in 1968, twee jaar na de moord op zijn broer Ramli. Door zijn werk als rondreizende optometrist had hij een goede dekmantel om bij hen aan de deur te kloppen. Bovendien werkt het aanmeten van brillenglazen als een sterk symbool: hij wil deze mannen ook hun verleden helder laten zien, hij zoekt historische klaarheid.
Doordat er twee kanten aan het woord komen, en Adi niet uit is op wraak, vergelding of zelfs maar genoegdoening, de waarheid is voor hem genoeg, werkt The Look of Silence zelf ook als een lens: na de schok van The Act of Killing wordt nu ook scherpgesteld op de manier waarop deze moorden in de levens van de nabestaanden en binnen de Indonesische zwijgcultuur doorwerken. Als politiek ‘onreine’ familie bleven ze outcasts: de genocide is nog steeds een taboe-onderwerp in Indonesië, de daders zijn nog steeds niet bestraft. Na het voltooien van The Look of Silence zijn Adi en zijn familie naar een deel van Indonesië verhuisd waar ze anoniem kunnen blijven. Ze vrezen nog steeds voor represailles. We spraken de filmmaker, die inmiddels voor zijn eigen veiligheid het land waar hij twaalf jaar werkte en filmde niet meer in kan, op het Filmfestival Berlijn.

http://www.filmkrant.nl/_titelindex_L/11884

 





https://www.vrt.be/vrtnu/a-z/the-look-of-silence/2014/the-look-of-silence-s2014/

Christoph Ransmayr, Cox of het verglijden van de tijd

26 april 2017

Christoph Ransmayr, Cox of het verglijden van de tijd

uitg. Prometheus

 

Na Joke Hermsen met ‘Kairos, een nieuwe bevlogenheid’ en Ignaas Devisch met ‘Rusteloosheid, pleidooi voor een mateloos leven’ synthetiseert Christophe Ransmayr een mooi verhaal over het verglijden van de tijd.

 

http://www.ardmediathek.de/tv/Druckfrisch/Christoph-Ransmayr-Cox-oder-Der-Lauf-d/Das-Erste/Video?bcastId=339944&documentId=38639036

http://www.zeit.de/2016/47/cox-oder-der-lauf-der-zeit-christoph-ransmayr-roman/komplettansicht

164. Of… of moesten op deze ruisende regenochtend aan de ri­vier, althans voor de duur van deze audiëntie, alle aanwezigen daadwerkelijk op elkaar gaan lijken, ja zelfs gelijk worden – ge­lijk volgens de wetten van een vervliegende tijd, geldig tot aan de buitengrenzen van deze ruimte, een tijd die uiteindelijk niet alleen elk onderscheid tussen mensen ophief, maar ook tussen de organische en de anorganische natuur, tussen elk ding en elk wezen, elk wezen dat ooit een gestalte had aangenomen of nog zou aannemen?

Wat bleef er uiteindelijk over van een ster, van een zon met een hele zwerm planeten, asteroïden, manen en meteorieten, en met licht dat miljarden jaren geleden ontvlamd was? En hoe zat het met al die andere hemellichten, die in de toekomstige eeu­wigheden zouden opvlammen en in de onverbiddelijke loop van de tijd weer zouden ontploffen tot een zwerm naamloze deeltjes, atomaire bouwsteentjes, die in een onbegrijpelijk verre toekomst en onder druk van geweldige krachten die ons voorstellingsver­mogen te buiten gaan, weer tot nieuwe elementaire vormen aan elkaar zouden kunnen klonteren, om gestaag tollend aan te was­ sen tot gestalten van nog nimmer geziene omvang, nog nimmer geziene schoonheid of lelijkheid… En dit alles slechts om na het einde van hun bestaanstermijn weer terug te zakken in onzicht­baarheid, in de allerdiepste duisternis?

De vrijheid om te glimlachen genoot slechts één van de vier rond deze vuurschaal geschaarde mannen. De andere drie zaten sprakeloos, ademloos van eerbied aan een murmelend voorbij­ stromende rivier: op zonniger ochtenden doopte de keizer aan deze oever zijn kalligrafeerpenseel in het water om daarmee ge­dichten op de gladde stenen te schrijven. De woorden verdamp­ten onder de opstijgende zon en gaven de steen weer vrij. Zo schreef de keizer en zag zijn schrift weer verdwijnen. En schreef verder.

Het regent, zei Qiánlóng nu zo zacht alsof hij de van het dek­ zeil omlaag ruisende watermuziek en het gemurmel van de rivier niet wilde storen. Het regent.

Koen Peeters, De mensengenezer.

26 april 2017

Koen Peeters, De mensengenezer.

uiting. De Bezige Bij 2017

Alweer een mooi geconstrueerde roman van de auteur die zijn eigen zoektocht en die van zijn mensengenezer ingenieus weet te verstrengelen als de nucleotiden van het DNA dat bij alle mensen gelijk is.

61. ‘Je moet leren zoeken naar de bron, niet naar de waarheid.’

116. Ik las hoe Ignatius’ wezen in de diepte veranderde door een boek te lezen. Dit leek nu ook met mij te gebeuren: iemand sprak tot mij, in mij. Toen ik uren later het gras van mijn kleren klopte dacht ik: ik moet hier onmiddellijk weg, ik moet het nu beslissen, ik moet de schuld afkopen. De schuld van mijn ouders, mijn oom, van die honderdduizend soldaten.

Me opofferen.

Ik moest het verdriet van de wereld repareren. Ik wilde eindelijk iets doen wat onbesmet en volmaakt was.

Ook al was ik zelf nooit, op geen enkele wijze, vroom of godsdienstig geweest, ik ontdekte in mij een nieuwe, onbekende edelmoedigheid. Ik bad nooit, maar dit was onmiskenbaar een onbaatzuchtig verlangen naar een hoger goed. Niet dat onaffe gedoe van mijn jeugd en mijn afkomst. Zeker niet het kwezelachtige gedoe in de kerk. Maar misschien zou ik mensen kunnen genezen.

224. ‘Elke generatie begint opnieuw met het uitvinden van de mensheid, maar in elke cultuur is er altijd verminking.’

‘Altijd?’

‘Ja, altijd. Altijd en overal.’

282. Maar om in trance te raken moet je eerst doen alsof.

284. De handen, je hoofd en je hartslag hebben een eigen ritme, en de trance doorbreekt dat. Goede trommelaars halen je uit het evenwicht. Je neemt afstand van jezelf, de trance betovert je. Het is gevaarlijk. Men zegt: “Zie dat je er niet in blijft.”’

291. ’Genezen, de mensen genezen. Mensen genezen pas als ze de genezer herkennen, en als je niet oplet en het teken niet geeft heb je de genezer pas herkend als het al te laat is, ai.’

303. Ik besefte heel goed dat mijn hele reis slechts zogenaamd over krokodillen ging. Meer nog was dit mijn zoektocht naar de zoektocht van Remi. Hoe die wilde leren mensen te genezen, en daarmee zichzelf genas, of was het omgekeerd. Of ook hoe verhalen mensen drijven en begeesteren, en zelfs resoluut hun leven kunnen sturen.

Georges Simenon, Onbekenden in het huis.

12 april 2017

Georges Simenon, Onbekenden in het huis.

uitg. De Bezige Bij 2016

Knap opgebouwde psychologische roman van een meesterlijke observator, uit 1940!
‘Wij geloven allen, zonder uitzondering, graag in uiterlijke schijn, in de oppervlakkige werkelijkheid die ons omringt en het valt ons moeilijk voor te stellen dat er onder die geruststellende buitenkant een verborgen leven bestaat dat…’ (37)
Het waren allemaal mensen die weinig zeiden. Ze dronken hun glas. Ze staarden voor zich uit. De woorden legden meer gewicht in de schaal omdat ze schaars waren en omdat degenen die ze uitspraken ongeveer alles wisten wat er te weten viel. (221)

Erwin Mortier, Omtrent liefde en dood.

27 februari 2017

Erwin Mortier, Omtrent liefde en dood. 

‘Als we de doden niet uit de kamers van onze ziel verdrijven, blijven ze hangen. We moeten ze verbannen om ze te kunnen verwelkomen in onze herinneringen als wat ze geworden zijn: aflijvigen; dierbaren die bestaan hebben, maar er voorgoed niet meer zijn. Die tijdelijke ballingschap is noodzakelijk om hun wederkomst te garanderen.’

Mooie overwegingen over leven, liefde en dood naar aanleiding van het verscheiden van buren-vrienden.

64. Sindsdien blijft in mij de vraag rondspoken op welke wijze ‘de geschiedenis’ tot individuele levens doorsijpelt, een vraag die ervan uitgaat dat individuen altijd alleen maar het voorwerp van de geschiedenis zijn. Evengoed stelt zich de vraag hoe de geschiedenis uit ontelbare afzonderlijke levens ‘opwelt’, hoe die krachten samenvallen of elkaar tegenwerken, hoe daaraan vroeg of laat geweld ontspringt en hoe dat, op zijn beurt, levens raakt, vermaalt of tot beweging aanzet.

68. Hun verbeten pijnen, schaamte en woede, hun geschonden trots consacreerden ze in stilte, onder elkaar, zonder te beseffen dat ze daarmee een cultuur van emotionele afstand en verzwijgen installeerden, in hun nageslacht, in elkaar – een stilte die in mijn kindertijd soms oorverdovend op mijn trommelvliezen kon drukken.

Stel dat ik uiteindelijk tot het schrijven ben gekomen om van het getuit in mijn oren af te raken, het gesuis en gefluit door al die al te sprekende stiltes? Niks geen Hogere Roeping of Het Schone, of De Kunst, maar simpelweg een kwestie van kauwen en slikken, zoals wanneer het vliegtuig waarin we reizen de landing inzet, om de trommelvliezen te sparen?

73. Opgroeien met verwanten wier ziel levenslang de striemen vertoonde van hun eigen bezwaarde verleden heeft me ontdaan van elke aanvechting om zelf ook nog eens de zweep tevoorschijn te halen en pijn met nog meer pijn te bestrijden. Wie de doden wil geselen, kastijdt zichzelf.

86. Ze placht soms te zeggen, toen ik nog een kind was, dat ik een oude ziel had. Wellicht bedoelde ze dat ik in die tijd liever het gezelschap van bomen en dieren zocht dan van speelkameraadjes, dat ik de velden, de weiden, de bossen en vennen verkoos boven menselijk gezelschap. Ik had het gevoel dat de natuur me met rust liet, anders dan de huizen waar ik opgroeide, die door zoveel verleden werden bewoond, zoveel onopgelost verleden.

De media en het dictatoriale aura – ‘Wie Twitter hanteert, zal door Twitter vergaan’.

22 januari 2017

Maar er zijn ook stemmen die vinden dat de media de huidige kritiek aan zichzelf te danken hebben. Communicatie-expert en voormalig sp.a-woordvoerder Fons Van Dyck vindt dat journalisten teveel geëvolueerd zijn naar verhalenvertellers die feiten voortdurend vermengen met duidingen en persoonlijke meningen.
“De journalist is al lang geen waarnemer meer maar een soort selfmade antropoloog die de wereld opeen eigenzinnige manier interpreteert. Vroeger hadden we alleen paus Jambers die dat deed en dat was best interessant, maar nu is zijn aanpak de norm worden en dat vind ik een gevaarlijke evolutie. De journalist is geen waarnemend meer maar een actieve en subjectieve participant. Objectiviteit is de uitzondering en we zijn in een wereld van verhaaltjes en meningen terechtgekomen die soms nog maar weinig met de realiteit te maken heeft. Je krijgt een reconstructie van de realiteit voorgeschoteld. En ja dat zorgt soms dermate voor verwarring dat je in de leugen dreigt terecht te komen.”
(…)
Rik Van Cauwelaert: “ Politici die onophoudelijk kritiek leveren op de media schieten zichzelf in de voet en meten zich toch wel een beetje een doicatoriaal aura aan. Boos worden is toch altijd een teken van zwakheid: het bewijst dat je geen echte argumenten meer hebt. Wie het zwaard hanteert, zal door het zwaard vergaan. Misschien moet ik dat even naar de 21 ste eeuw vertalen: Wie Twitter hanteert, zal door Twitter vergaan. “
De Morgen ZENO 21012017

Sneeuw, Orhan Pamuk – NTGent Luk Perceval

24 december 2016

Sneeuw, Orhan Pamuk – NTGent Luk Perceval

Een mooi hoorspel met bewegend kleurendecor, een knappe interpretatie van het boek en zijn poëzie.

“Mijn vader zegt soms dat dit alles hem herinnert aan de communistische dagen van vroeger. Je hebt twee soorten communisten: de hoogmoedigen, die het volk willen opvoeden en het land vooruit willen helpen; en de bescheidenen, die zich willen inzetten voor rechtvaardigheid en gelijkheid. De hoogmoedigen zijn belust op macht, ze dienen iedereen ongevraagd van advies, van hen is niets dan narigheid te verwachten. De bescheidenen bezorgen alleen zichzelf narigheid: dat is trouwens ook het enige wat ze willen. Terwijl ze, met schuldgevoelens overladen, willen delen in het lijden van de armen, krijgen ze veel meer te verduren.”

Sneeuw -Orhan Pamuk - Luk Perceval NTGent

Kars na Sneeuw 

Belijdende vrouwen met hoofddoek: bigotterie, gedwongen of militant dwingend bekerend
In alle gevallen ellende…

“218. Hegel is de eerste geweest die heeft opgemerkt dat de geschiedenis en het theater uit dezelfde elementen zijn opgebouwd, zei Sunay. Hij hield ons voor dat ook de geschiedenis, net als het theater, sommige mensen een ‘rol’ toebedeelt. En ook dat het toneel van de geschiedenis, net als in het theater, betreden wordt door de moedigen’?
343. – Maar zonder principes en geloof kan niemand gelukkig worden, zei Kadife. – Dat is waar. Maar in een wreed land als het onze, maar een mens niet telt, is het dom om jezelf voor je overtuigingen te gronde te richten. Grote principes, overtuigingen, dat is iets voor mensen in de rijke landen. – Juist niet. In een arm land heeft men niets anders dan zijn overtuigingen om zich aan vast te klampen.”
Orhan Pamuk, Sneeuw

Voor 2017 en later …

22 december 2016

Voor 2017 en later ...

 

 

 

 

 

 

 

 

Heidelberg, Universitätsplatz, 8 december 2016

 

 

‘Nicht alle sind im selben Jetzt da.’ – ‘Niet iedereen leeft in hetzelfde nu.’ – Ernst Bloch

‘Alles van waarde moet zich verweren.’ – Paul Scheffer

Wij wensen jullie wijsheid en kracht in 2017 en later…


Jan Van Duppen & Chris Boudewijns

Die Gedichte des ‘Lebensmüden’ – Gesprek van een man met zijn Ba – ziel.

22 november 2016

Die Gedichte des ‘Lebensmüden’
Gesprek van een man met zijn Ba – ziel.
Papyrus Berlin 3024, XII de Dynastie, 1800 vC.
Gesprek van een man met zijn Ba-ziel.
In Altägyptische Dichtung – Universal Bibliothek nr. 9381
1996 Philipp Reclam jun. GmbH & Co – Stuttgart

Zie, berucht is mijn naam door jou,
Erger dan de stank van aasgieren
Op zomerse dagen, wanneer de hemel gloeit.

Zie, berucht is mijn naam door jou,
Erger dan de stank bij de visafslag
Op de dagen van de visvangst, wanneer de hemel gloeit

Zie, berucht is mijn naam door jou,
Erger dan de stank van vogels
In moerasstruiken vol watervogels…
Erger dan de stank van vissers
En van de lagune waar ze vissen…
Erger dan de stank van krokodillen,
Zoals in een krokodillentempel…
Erger dan een getrouwde vrouw
Die over haar echtgenoot leugens vertelt omwille van een andere man…
Erger dan over het kind van een achtenswaardige
Gezegd wordt dat de echte vader iemand is die hij haat…
Erger dan een kolonie van de koning
Die op oproer broedt, wanneer ze zijn rug zien…

***
Tot wie zal ik me vandaag wenden?
Mijn familieleden en dienaren zijn slecht,
De vrienden van vandaag kan men niet eren.

Tot wie zal ik me vandaag wenden?
Inhalig zijn de harten,
eenieder berooft zijn naasten.

Tot wie zal ik me vandaag wenden?
Mildheid is ten gronde gegaan,
Gewelddadigheid neemt bezit van iedereen…
Het aangezicht van het slechte glanst tevreden,
Het goede werd alom ten gronde gericht…
Wie iemand om een slechte daad tot de orde roept,
doet alle booswichten in lachen uitbarsten…
Men plundert elkaar. Iedereen steelt van zijn naasten…
De misdadiger is een vertrouweling geworden,
De broeder met wie men samenleefde is tot vijand geworden…
Men wil niets meer van gisteren weten
En verguldt ook niemand meer die vandaag het goede nog doet…
De leden van je eigen familie zijn boos
En keren zich naar vreemden om nog redelijkheid te vinden…
De harten worden ten gronde gericht,
Eenieder slaat de ogen neer voor zijn familie en dienaren…
De harten zijn hebzuchtig,
Men kan zich niet meer verlaten op menselijke gevoelens…
Er is geen gerechtigheid meer,
De wereld blijft vertrouwen wie onrecht doet…
Het ontbreekt aan vertrouwden,
Men neemt zijn toevlucht tot onbekenden om bij hen te klagen…
Er zijn geen gelukkige mensen meer,
en met wie men vroeger omging, is niet meer…
Ik ben met ellende overladen,
Omdat mij iedere vertrouweling ontbreekt…
Van het kwaad dat de wereld treft,
Is het einde nog lang niet in zicht!

***
De dood staat vandaag voor mij
Zoals de genezing voor een zieke
Zoals het lijden ons zo nabij is.

De dood staat vandaag voor mij
Zoals de geur van wierook,
Zoals we onder het zeil varen op de dag van de wind.

De dood staat vandaag voor mij
Zoals de geur van lotusbloemen
Zoals drinken op de rand van de dronkenschap…
Zoals het ophouden van de regen,
Zoals een man van een veldtocht thuiskomt…
Zoals de helderheid van de hemel,
Zoals een mens die de oplossing van een raadsel vindt…
Zoals de wens van een mens om zijn huis terug te zien,
Nadat hij vele jaren in gevangenschap doorbracht.

***
Waarlijk, wie daar is, is een levende god,
Die de zonde straft bij degene die ze begaat.

Waarlijk, wie daar is, die staat in het zonneschip
De uitverkorenen verdeelt hij voor de tempel.

Waarlijk, wie daar is, is een wijze
Die niet verhinderd kan worden,
Zich tot de zonnegod te wenden,
Wanneer hij spreekt…

Zwarte Piet & Sinterklaas en nog meer

15 november 2016

Zwarte Piet en Sinterklaas

Sinterklaas is een waardevolle mythe die ons leert dat er grote leugens bestaan die door iedereen gedragen worden.
Leren dat Sinterklaas niet bestaat is vaak de eerste stap tot het besef dat God de vader niet bestaat. (Erwin Vanmol)

Kinderen leren geleidelijk dat de Sint geen goedheilige man is maar een rafelige verklede figuur die autoriteit moet sterken met cadeautjes of zak en roe van Zwarte Piet. Het is een onderdeel van opgroeien in een wereld waar niets is wat het lijkt.

Natuurlijk mag het ook wel eens gezegd worden dat de hele zwarte pieten traditie nog een andere oorsprong heeft dan schoorsteenvegen, postfactum verknechting, aloude en prehistorische demonen.
Minstens 1,2 miljoen christelijke kinderen, vrouwen en gezonde mannen werden in de 17 – 18 de eeuw door Moorse zeerovers ontvoerd en als slaven verkocht en van de 15-17 de eeuw werden de Ottomaanse Janitsaren en harems aangevuld met geroofde kinderen uit de christelijke Balkan regio.

schermafbeelding-2016-11-13-om-17-54-12

 
https://www.historischnieuwsblad.nl/nl/artikel/10669/omvang-christenslavernij-onderschat.html

https://nl.wikipedia.org/wiki/Barbarijse_slavenhandel

https://nl.wikipedia.org/wiki/Barbarijse_zeerovers

https://www.historischnieuwsblad.nl/nl/artikel/6384/moslimpiraat-jan-janz-terroriseerde-de-ijslanders.html

http://www.volkskrant.nl/opinie/-zwarte-piet-discussie-lijkt-progressief-maar-is-een-grijsgedraaide-plaat~a3546218/

http://www.volkskrant.nl/magazine/-zwarte-piet-is-nooit-een-slaaf-geweest~a3527041/

 

schermafbeelding-2016-11-15-om-17-07-19 schermafbeelding-2016-11-15-om-17-07-31 schermafbeelding-2016-11-15-om-17-09-12‘Interessant was het Zwarte Pietendebat alleszins. Bijvoorbeeld de vaststelling dat de kernvraag bij sommigen aan de linkerzijde niet langer luidt of iemand discrimineert maar wel of iemand zich gediscrimineerd voelt.’ Peter De Roover N-VA kamerlid 15/11/2016

Leonard Cohen 1934 – 2016

11 november 2016

“There’s a crack in everything, but that’s how the light gets in…”


schermafbeelding-2016-11-11-om-13-29-37Wij worden geboren in de illusie dat de wereld van ons is. Volwassen worden, is beseffen dat wij van de wereld zijn. Oud worden is begrijpen dat wij niet meer van deze wereld zijn.


schermafbeelding-2016-11-11-om-13-28-49



leonard-cohen-1934-2016

Hubert Van Herreweghen, Avond

7 november 2016

Avond

‘Licht, laatste korrel licht,
draal nog even,
verlaat me niet
als ’t donker valt,
de gruwelijke nacht
waarin de dieren dolen
uit de oudste holen,
windhol en gracht
en geen oog wat ziet.
Verlaat me niet,
wees zacht.’

HUBERT VAN HERREWEGHEN (1920-2016), De bulleman en de vogels, Leuven, Uitgeverij P, 2015

Nicola Lagioia, De Wreedheid.

5 november 2016

Nicola Lagioia, De Wreedheid.
Uitg De Bezige Bij 2015

 

‘Er is geen moment, zelfs niet het meest futiele, dat je niet uit de stilte van je oorsprong opwelt, dag en nacht.’

Cesare Pavese, ‘Dialoghi con Leucò’


Knappe verhaalomkering met in tijd, ruimte en personen wisselend perspectief waardoor radelozen tot reddelozen kolken omdat niets is wat het lijkt in een Zuid-Italiaans universum van mechanische sex en spanking, corruptie, bouwfraude, drugs, gifstorten, liefdeloos leed.

67. Hij was gaan joggen voordat hij naar de kliniek vertrok, waar de onderdirecteur van het Mediterraan Oncologisch Instituut elke ochtend stipt om tien voor negen aankwam. Het ritueel van het hardlopen was belangrijk. Altijd drie rondjes meer dan hij eigenlijk aankon. Vermoeidheid ontlaadde de spanning en dat hielp hem bij de confrontatie met patiënten, die hij ingewikkelde woordraadsels opgaf met als uitkomst de datum van hun dood. Door de moeite om die op te lossen raakten ze in de war. Elke ochtend een uur joggen om filosoof te worden.

72. De officier was een vijftiger uit Martina Franca. Zijn vrijetijdskleding een toenaderingspoging tot de mode waar hij te schuchter voor was. Hij bediende zich van een van elk dialect gevrijwaard Italiaans met een vaardigheid die veel overheidsdienaren misten. Een aandachtig oor zou het herkennen als een niet-bestaande taal. (...)
Om de juiste toon te treffen ging hij te rade bij collega’s van de vorige generatie, die de klinkers dermate slecht uitspraken dat ze de eenheid van het land ondermijnden met het instrument dat het juist in het gareel had moeten dwingen.

98. De psychiaters van de SERT hadden het bestaan van mensen zoals hij nodig om te voelen dat zij het heft in handen hadden. Ze onderwierpen hem aan een serie idiote vragen en stuurden hem eropuit om papieren te laten stempelen en urineonderzoeken af te spreken. Telkens als hij het geld tevoorschijn haalde om zijn eigen bijdrage aan de caissière van de ASL te betalen, zag hij een kluwen van gloeiende zwarte draden voor zich. Het effect verdween ogenblikkelijk. Dan ging hij de straat op en nam nog een shot.

Johan Daisne, Moeder

25 oktober 2016

MOEDER


Ik wil je noemen, overtekenen, houden


in een stel zingende regels, geen gedicht


als de oude, maar ongebonden eenvoudig,


en toch lied – van en voor je – direct lied van


het Licht.



Want Licht was je, groot licht, van in den


beginne, guitig licht, stout en


levenslustig-gezond, licht licht en sterk licht


van groot beminnen, ’t licht van de zomer…



En dat licht en die zomer ben je altoos


gebleven, de hele lijn langs dat ik groeide,


op school ging, verliefd werd en voetje voor


voet in het leven trad, en mee worstelen


moest in de grote kring.



Jij bent het gebleven, boven alles genegen,


altijd daar, altijd goed, steeds bereid en


nooit vermoeid, gebleven met je handen en


op al de wegen van je hart, gebleven en als


het kon nog gegroeid…



Mijn woorden zijn los-eenvoudig, geen ballade


van treurnis, geen naschrift van smart, en toch


een lied, een drinklied, een hooglied, een lied


met licht geladen van jou en die zomer…



Johan Daisne (1912-1978)

Georges Simenon, Maigret en zijn dode.

21 oktober 2016

Georges Simenon, Maigret en zijn dode.


117. In zijn dromen had hij dat soms ook – en het waren juist die dromen waar hij als kind het bangst voor was. Hij liep dan doorgaans in een ingewikkeld decor en kreeg plotseling het gevoel dat hij er al eens eerder was geweest, dat hij dezelfde gebaren had gemaakt, dezelfde woorden had gesproken. Dan werd hij bevangen door een soort duizeling, met name op het moment dat hij besefte dat hij wat hij nu beleefde al eerder had beleefd.

Robert Harris, Conclaaf

16 oktober 2016

Robert Harris,  Conclaaf

Cargo 2016

De paus is dood. De deuren van de Sixtijnse Kapel sluiten en volgens de eeuwenoude traditie zullen honderdzeventien kardinalen hun stem moeten uitbrengen in de geheimzinnigste verkiezing ter wereld. De kardinalen zijn allen zeer vrome mannen. Maar ze zijn ook ambitieus en elkaars rivalen. In de volgende tweeënzeventig uur zal een van hen de machtigste spirituele leider op aarde worden. Al snel wordt duidelijk dat een van de gedoodverfde kanshebbers een groot geheim verbergt. Een geheim dat het voortbestaan van het Vaticaan op het spel kan zetten.

In de NRC schrijft Robert Gooijer over Conclaaf: ‘De Here sta ons bij als het zo gaat in Vaticaanstad’.

Hij vergist zich. Schromelijk.

‘Ik hoop dat ze niet al te veel geschokt zijn door het resultaat’, schrijft Robert Harris in het nawoord van Conclaaf. Hij doelt op de ‘prominente katholieken’ die hij ondervroeg voor deze thriller over 118 kardinalen die in de Sixtijnse Kapel de volgende paus kiezen. Harris’ anonieme gesprekspartners zijn vermoedelijk wél geschokt, tenzij ze zelf de bron waren van het inventieve katholieke gekuip en gekonkel dat de schrijver met veel humor serveert. De Here sta ons bij als het er zo aan toe gaat in Vaticaanstad; het machiavellisme en de corruptie van het Collegium Cardinalium in Conclaaf doen eerder denken aan voetbalbond FIFA dan aan een door Gods wil geleid genootschap dat de Plaatsbekleder van Jezus op aarde kiest.

Robert Harris daarentegen is erin geslaagd om de wezenlijke tegenstellingen binnen de hoogste hiërarchie van de Rooms Katholieke Kerk helder te krijgen.

Dat is een fenomenale verdienste, vergelijkbaar met die van Rik Torfs.

En Harris is dan nog zelf geen katholiek. Integendeel.

111. Broeders en zusters, laat ik u vertellen dat ik in de loop van een lang leven in dienst van onze Moederkerk heb geconstateerd dat er één zonde is waar ik meer dan enig andere beducht voor ben geworden, namelijk zekerheid. Zekerheid is de grote vijand van eenheid. Zekerheid is de doodsvijand van verdraagzaamheid. Zelfs Christus was op het einde niet zeker. “Eli, Eli, lema sabachtani?” riep Hij in het negende uur aan het Kruis tijdens Zijn doodsstrijd uit.” Mijn God, mijn God, waarom hebt u mij verlaten?” Ons geloof is een levend geheel, juist omdat het hand in hand gaat met twijfel. Als er alleen zekerheid was, en als er geen twijfel was, zou er geen mysterie zijn, en dus ook geen behoefte aan geloof. Laat ons bidden dat de Heer ons een paus zal schenken die twijfelt, en die door zijn twijfels van het katholieke geloof een levend geheel blijft maken dat de hele wereld kan inspireren. Laat Hij ons een paus gunnen die zondigt en vergiffenis vraagt, en dan verdergaat

39. Een overmaat aan eenvoud was uiteindelijk alleen maar een andere vorm van uiterlijk vertoon, en trots op je nederigheid een zonde.

65. Na een leven lang luisteren naar geheimen had hij een instinct voor dergelijke zaken ontwikkeld. Het gewone volk ging er altijd van uit dat het de voorkeur verdiende om te proberen alles te weten; naar zijn ervaring was het vaak beter om zo min mogelijk te weten.

78. Hij draaide zich voorzichtig om, ging rechtop zitten, zette zijn voeten op de grond, wiegde ettelijke keren naar voren en bouwde de vaart op om te gaan staan. Dat was de ouderdom: al die bewegingen die ooit vanzelfsprekend waren, zoals de eenvoudige handeling van het opstaan uit bed, vereisten nu een exacte volgorde van geplande bewegingen. Na de derde poging stond hij op zijn voeten en liep stram de korte afstand naar het bureau.

204. Zonder gezin kun je zo makkelijk geobsedeerd raken door kwesties van status en protocol in een streven jezelf een gevoel van vervulling te bezorgen.

La Fille Inconnue (2016) Gebroeders Dardenne

5 oktober 2016

La Fille Inconnue (2016) Gebroeders Dardenne


De jonge huisdokter Jenny verzuimt een jong, Afrikaans meisje binnen te laten in haar kabinet, om een dag later van de politie te horen te krijgen dat het meisje dood werd teruggevonden. Wat is er precies met haar gebeurd? Wat was haar naam en waar kwam ze vandaan? Het zijn vragen die de plichtbewuste Jenny dan ook door het hoofd en het hart spoken. Obsessief gaat zij – schuldbewust ook wel – op zoek naar de identiteit van deze vrouw en de omstandigheden van haar dood, het medisch geheim indachtig.


Het resultaat heeft iets van een morele policier, maar ook een persoonlijke boeteprocessie, waarin de Dardennes al hun vroegere thema’s op een doordachte manier tonen, en waarin de jonge actrice Adèle Haenel – de derde keer dat de broers met een bekende Franse actrice samenwerken – haar emoties in haar binnenste begraven houdt als de zelf ook naar verlossing zoekende vrouw. Voor de broers Dardenne op de persconferentie in Cannes gaat de film over een persoon die haar verantwoordelijkheid neemt, die zich niet laat inslapen, en die niet zegt: ik heb niets gezien, ik weet van niets. Jenny grijpt in, ze handelt.  Ze beweegt. Ze toont de foto aan andere mensen. En uiteindelijk krijgt ze ook andere mensen in beweging, brengt ze verandering teweeg. Dat is de grote hoop die van de film uitgaat: Jenny doet mensen veranderen, hopelijk ook de kijker!



“Een goed gemaakte, intens humanistische en intelligente Dardenne-film is en blijft La Fille Inconnue dan ook sowieso, alleen is het niet hun beste.” Dave Mestdach in Knack Focus.


Voor mij is het eerder een slecht gemaakte, intens egocentrische en dwaze Dardenne-film, maar tevens een schitterende illustratie van ‘doe het goede om het eigen goed gevoel’ en val in bijna tien kuilen tegelijk.


La Fille Inconnue  is een excellente instructiefilm voor stagiaires huisartsen, niet alleen in Luik: hoeveel fouten maakt Dr. Jenny Danvin, de collega stagemeesteres die in de film als beste huisarts-stagiair in dertig jaar geroemd wordt door de professor van dienst.


Als film voor een groot publiek is het zowat de zwakste van de gebroeders Dardennes die steeds vaster versukkelen in de beelden van hun holle hulpeloze slogans.


Jenny wordt als bordkarton gespeeld in een setting waar de enige emotie gesuggereerd wordt door vooral heel dicht op de kop van de acteurs in te zoemen.


Een dwaas sloganesk verhaal en vooral een typevoorbeeld van hoe het zeker niet moet, noch in de huisartsgeneeskunde, noch in het Luikse, Wallonië en de hele landelijke setting van de gezondheidszorg.


Alsof ‘het goede doen om het eigen goed gevoel’ de beste en moreel hoogstaande oplossing kan zijn voor de dilemma’s die ze verzinnen. Uiteraard heb je dan eindeloos veel huisartsen nodig om de gaten te vullen waarin talloos verdwaalde Waalse en Brusselse collega’s in een hels tempo zullen verdwijnen: burn out, verward, fysiek en psychisch in eenzaamheid murw geslagen. 

Zodra een groep mensen zichzelf als uitverkoren ziet, is de rest in gevaar’ Wole Soyinka

2 oktober 2016

WOLE SOYINKA, DERTIG JAAR NA DIE EERSTE AFRIKAANSE NOBELPRIJS LITERATUUR
‘Zodra een groep mensen zichzelf als uitverkoren ziet, is de rest in gevaar’
dS weekblad, 24 SEPTEMBER 2016 Catherine Vuylsteke
‘Waar het voor mij fundamenteel op neerkomt is dit: zodra een groep mensen zichzelf als “uitverkoren” ziet, is de rest van de maatschappij in gevaar. Of het gaat om seculiere uitverkorenen – totalitaire stalinisten, bijvoorbeeld – dan wel om theocratische extremisten – Al-Qaeda, Boko Haram, Daesh – speelt daarbij geen rol. Het utopisch socialisme en het aardse rijk Gods verschillen niet wezenlijk van elkaar.’
(...)
‘Jammer genoeg heeft de maatschappij de neiging zich schuldig te voelen. Ze krimpt ineen bij het aanschouwen van de gruwel en rationaliseert haar eigen straf. Natuurlijk moet ze onder ogen zien dat achterstelling en ongelijkheid een voedingsbodem vormen voor extremisme, maar die vaststelling volstaat niet. Er moet worden gehandeld, want de psychologie van de underdog is veranderd: het slachtoffer is beul geworden. God geworden ook, hij beslist over leven en dood. Buspassagiers die bij een raid van Boko Haram de eerste verzen van de Koran kunnen opzeggen, hoeven er niet aan. De rest wordt ter plaatse afgemaakt.’
‘En kijk naar Parijs, Brussel, Londen, Nice… Al die aanslagen werden gepleegd vanuit een hermetisch afgesloten denkkader. Ik dood, dus ik word. De morbiditeit wordt gevierd en de ander is schuldig omdat hij leeft zoals hij dat wil. Ik behoor tot diegenen die zich niet schuldig voelen omdat ze bon vivants zijn en niemand het recht heeft om mij, om ons, te onderwerpen aan een collectieve straf.’
‘Dat houdt ook in dat de maatschappij zichzelf moet verdedigen. Zeggen dat moord en ontvoering geen deel uitmaken van de islam, volstaat niet.’
Wat moet er volgens u gebeuren?
‘Aangezien we geconfronteerd worden met blinde terroristen die burgerlevens waardeloos achten, is het enig mogelijke antwoord: totale eliminatie van de daders en de aanstuurders. Door de misdaden die ze begingen, verloren ze het recht om als mens te worden beschouwd.’
‘Uiteraard is daarmee de kous niet af. We moeten ons concentreren op de volgende generatie, op het creëren van kansen en jobs. De deur moet niet dicht maar juist open, zodat kritisch denken zich in alle vrijheid kan ontwikkelen. En ondertussen moet ook werk worden gemaakt van een herverdeling van de welvaart en de strijd tegen corruptie en discriminatie.’

http://www.standaard.be/cnt/dmf20160922_02481269

We leven niet allemaal in hetzelfde nu

30 september 2016

We leven niet allemaal in hetzelfde nu

26 september 2016

De vorige generaties bestonden niet alleen om bij te dragen aan het comfort van de huidige generatie, die in haar hybris nog niet vermoedt dat ze op het punt staat hetzelfde lot als haar voorgangers te ondergaan. Burkhard Müller heeft die overmoed van de tijdgenoten in zijn essay ‘Der Stachel im Fleisch’ (2006) proberen te temperen met een mooi citaat van Leopold von Ranke uit 1854: ‘Jede Epoche ist unmittelbar zu Gott, und ihr Wert beruht gar nicht auf dem, was aus ihr hervorgeht, sondern in ihrer Existenz selbst, in ihrem Eigenen selbst.’ Ik weet niet of Ernst Bloch dat citaat kende toen hij in zijn ‘Erbschaft dieser Zeit’ (1935) de zin formuleerde: ‘Nicht alle sind im selben Jetzt da.’ Maar tussen die twee citaten vibreert voor mij de pees van de handboog van het leven.

Piet De Moor

Mijn poging tot vertaling:

„Ieder tijdvak spiegelt zich in zijn god. De waarde van een tijdvak is helemaal niet gelegen in wat eruit is voortgekomen, maar in zijn bestaan zelf, in zijn eigen zijn.” Leopold von Ranke (1854)

“Niet iedereen leeft in hetzelfde nu.” Ernst Bloch (1935)

« Vorige berichten Volgende berichten »